Vervolg hersenzenuwen:
NIV (trochlearis) is een dunne zenuw en treed aan de achterkant van de pons
gekruist uit. Vervolgens gaat hij door de sinus cavanosis en de fussura
orbitalis superior.
NV (trigeminus) heeft een lange kern in de hersenstam en komt uit de pons.
Hij bestaat uit 3 takken: een naar de cornea, een naar de bovenkaak en een
naar de onderkaak. De bovenste tak gaat door de fissura orbitale, de 2e tak
door het foramen rotudum en de 3e tak door het foramen ovale
NVI (abducens) treed uit in de pons, gaat vervolgens door de sinus cavanosis
en de fissura orbitalis.
NVII (facialis) het bovenste deel heeft een bilaterale aansturing het onderste deel niet. Kruist
wel. Het kan dus zijn dat door bv een tumor alleen de mondhoek hangt en de bovenkant het
gewoon doet.
VIII (vestibulocohlearis) treed onder aan de pond uit en gaat richting het middenoor.
IX (glossopharayneus) is motorisch, sensorisch en visceraal (klieren bij de kaak, smaak op
tong en traanklieren)
X (vagus)
XI (accesorius) treed uit de medulla oblongata.
Oogbewegingen:
Ze zijn er om scherp te kunnen en blijven zien, als ze er niet zijn is er diplopie en een retinale
slip (beeld slipt van retina af)
Ducties: bewegingen van 1 oog:
- Abductie
- Adductie
- Elevatie
- Depressie
- Incycloductie
- Excycloductie
Origo: oorsprong van een spier
Insertie: waar zit de spier vast