Samenvatting Normale Ontwikkeling periode 2
Toetsdoelen H2, 5, 6 en 7 (Feldman I)
Ontwikkelingsgebieden:
- Lichamelijk
- Cognitief
- Sociaal- en persoonlijkheidskenmerken
- Moreel
- Taal
- Seksueel
Ontwikkelingsfasen
- Baby
- Peuter
- Kleuter
- Schoolgaand kind
- Adolescent
- Jong volwassene
- Middelbare leeftijd
- De oudere mens
Competenties: vaardigheden
Ontwikkelingsopgaven: wat is de volgende stap in de ontwikkeling
Opvoedingsopgaven: de opgaven voor de hulpverlener/ouder om het probleem te verhelpen
Beschermfactoren: bevordert de ontwikkeling van het kind: dus bijvoorbeeld: heeft een goede
fysieke ontwikkeling of doet het goed op school.
Risicofactoren: factoren die de ontwikkeling van het kind bedreigen: moeder is bezorgd, school doet
niks aan pesten
Grondleggers en hun theorie
Sigmund Freud: Psychoanalyse
Onbewuste krachten zijn bepalend voor iemands persoonlijkheid en gedrag.
Id: het primitieve, ongeorganiseerde, aangeboren deel van de persoonlijkheid dat
aanwezig is bij de geboorte. Genotsprincipe: honger, seks, agressie en irrationele
impulsen.
Ego: het rationele en redelijke deel van de persoonlijkheid. Realiteitsprincipe: houdt het id in
toom.
Superego: het aspect van de persoonlijkheid dat iemands geweten vertegenwoordigt en het
onderscheid belichaamt tussen goed en kwaad. (mensen nemen het over van hun ouders,
onderwijzers)
Fixatie: gedrag dat in een eerdere ontwikkelingsfase is blijven steken als gevolg van een
onopgelost conflict.
Psychoseksuele ontwikkeling: een aantal fasen die kinderen doorlopen waarin genot, of
bevrediging steeds meer gericht is op een andere biologische functie en een ander deel van
het lichaam.
Erikson: Psychosociale theorie
Toetsdoelen H2, 5, 6 en 7 (Feldman I)
Ontwikkelingsgebieden:
- Lichamelijk
- Cognitief
- Sociaal- en persoonlijkheidskenmerken
- Moreel
- Taal
- Seksueel
Ontwikkelingsfasen
- Baby
- Peuter
- Kleuter
- Schoolgaand kind
- Adolescent
- Jong volwassene
- Middelbare leeftijd
- De oudere mens
Competenties: vaardigheden
Ontwikkelingsopgaven: wat is de volgende stap in de ontwikkeling
Opvoedingsopgaven: de opgaven voor de hulpverlener/ouder om het probleem te verhelpen
Beschermfactoren: bevordert de ontwikkeling van het kind: dus bijvoorbeeld: heeft een goede
fysieke ontwikkeling of doet het goed op school.
Risicofactoren: factoren die de ontwikkeling van het kind bedreigen: moeder is bezorgd, school doet
niks aan pesten
Grondleggers en hun theorie
Sigmund Freud: Psychoanalyse
Onbewuste krachten zijn bepalend voor iemands persoonlijkheid en gedrag.
Id: het primitieve, ongeorganiseerde, aangeboren deel van de persoonlijkheid dat
aanwezig is bij de geboorte. Genotsprincipe: honger, seks, agressie en irrationele
impulsen.
Ego: het rationele en redelijke deel van de persoonlijkheid. Realiteitsprincipe: houdt het id in
toom.
Superego: het aspect van de persoonlijkheid dat iemands geweten vertegenwoordigt en het
onderscheid belichaamt tussen goed en kwaad. (mensen nemen het over van hun ouders,
onderwijzers)
Fixatie: gedrag dat in een eerdere ontwikkelingsfase is blijven steken als gevolg van een
onopgelost conflict.
Psychoseksuele ontwikkeling: een aantal fasen die kinderen doorlopen waarin genot, of
bevrediging steeds meer gericht is op een andere biologische functie en een ander deel van
het lichaam.
Erikson: Psychosociale theorie