Door: Milou Stokkermans Periode 3
Literatuur: H1, H2, H3, H5, H6, H9 van ‘Ethiek de basis: morele competenties voor
professionals’ door Wieger van Dalen (2012).
Reader ‘Belangen bij morele dilemma’s’.
Leerdoelen:
De begrippen waarden en normen karakteriseren.
De begrippen feit, mening en oordeel onderscheiden.
Het begrip deugd gebruiken.
Plichtethiek, deugdethiek en gevolgenethiek onderscheiden.
Verschillende soorten verantwoordelijkheid benoemen.
Kenmerken van een morele vraag toepassen.
Verschillende soorten rechten uitleggen.
Begrippen in relatie tot omgaan met vrijheid karakteriseren.
Principes van verdeling onderscheiden.
Uitgangspunten van een rechtvaardige behandeling benoemen.
De bij een morele casus betrokken belangen benoemen.
Het voorgeschreven stappenplan voor het uitwerken van een moreel dilemma
toepassen.
Op basis van een te kiezen HRM-rol positie innemen ten aanzien van een moreel
dilemma.
Eigen waarden en normen herkennen en benoemen.
Eigen waarden en normen relateren aan een (actueel) HRM-dilemma.
Verplaatsen in de denkwereld van de ander.
De belangen en invalshoeken van verschillende partijen in een actueel ethisch
dilemma benoemen.
Een morele vraag formuleren.
Een standpunt ten aanzien van
Een ethische dilemma innemen en beargumenteren.
Binnen de kaders van ethiek op creatieve wijze oplossingen aandragen.
Ethiek, hoofddoel: van kokervisie naar professionele afweging
Week 1 Ethiek en moraal H1
Normen en waarden zijn heel belangrijk, gaat ook vaker terugkomen.
Definitie: Dat wat volgens de afspraak of de meerderheid van de mensen normaal en-of
belangrijk gevonden wordt.
Belang van ethiek voor HRM: