Hoorcollege Week 8
Grondrechten: verenigings- en betogingsvrijheid en gelijke behandeling
Vrijheid van vereniging
Verenigingsvrijheid raakt aan iets dat diep in de mensen zit. Van nature zijn mensen sociale
wezens. Voorbeelden van verenigingen zijn sportverenigingen, studentenverenigingen,
politieke partijen (niet altijd) en vakbonden.
Verenigingsvrijheid richt zich tot iedereen, ongeacht welke soort vereniging het is.
Codificatie
- Art. 11 EVRM: “Eenieder heeft recht op vrijheid van vereniging, met inbegrip van het
recht met anderen vakverenigingen op te richten en zich bij vakverenigingen aan te
sluiten voor de bescherming van zijn belangen.
De laatste zin van het tweede lid van dit artikel is een bijzondere zin die niet bij
andere grondrechten in het EVRM voorkomt: “Dit artikel verbiedt niet dat
rechtmatige beperkingen worden gesteld aan de uitoefening van deze rechten door
leden van de krijgsmacht, van de politie of van het ambtelijk apparaat van de Staat.”
o Deze zin betekent dat er eerder beperkingen kunnen worden gesteld aan de
vrijheid van vereniging, indien het gaat om de krijgsmacht, politie of het
ambtelijk apparaat van de Staat.
- Art. 8 Gw: “Het recht tot vereniging wordt erkend. Bij de wet kan dit recht worden
beperkt in het belang van de openbare orde.”
- Boek 2 BW, titel 2 BW
- Art. 2:20 BW: ontbinding van rechtspersonen waarvan de werkzaamheid in strijd is
met de openbare orde
o Een vereniging kan dus worden ontbonden indien zij handelen in strijd met de
openbare orde
Rechten
Welke rechten vloeien er voort uit de verenigingsvrijheid?
- Vrijheid tot stellen van eisen aan lidmaatschap (zelfs als ze discriminerend zijn -> HR
SGP)
o Verenigingsvrijheid is dus vrij absoluut
o Er kan dus sprake zijn van een zekere zin van discriminatie, bijvoorbeeld een
studentenvereniging alleen voor vrouwen
- Vrijheid om eigen doelstellingen te bepalen
o Negatieve verplichting van de staat om zich niet te bemoeien met
verenigingen
- Interne organisatievrijheid, vrijheid om eigen statuten vast te stellen, tuchtregels toe
te passen etc.
- Financieringsvrijheid
Grondrechten: verenigings- en betogingsvrijheid en gelijke behandeling
Vrijheid van vereniging
Verenigingsvrijheid raakt aan iets dat diep in de mensen zit. Van nature zijn mensen sociale
wezens. Voorbeelden van verenigingen zijn sportverenigingen, studentenverenigingen,
politieke partijen (niet altijd) en vakbonden.
Verenigingsvrijheid richt zich tot iedereen, ongeacht welke soort vereniging het is.
Codificatie
- Art. 11 EVRM: “Eenieder heeft recht op vrijheid van vereniging, met inbegrip van het
recht met anderen vakverenigingen op te richten en zich bij vakverenigingen aan te
sluiten voor de bescherming van zijn belangen.
De laatste zin van het tweede lid van dit artikel is een bijzondere zin die niet bij
andere grondrechten in het EVRM voorkomt: “Dit artikel verbiedt niet dat
rechtmatige beperkingen worden gesteld aan de uitoefening van deze rechten door
leden van de krijgsmacht, van de politie of van het ambtelijk apparaat van de Staat.”
o Deze zin betekent dat er eerder beperkingen kunnen worden gesteld aan de
vrijheid van vereniging, indien het gaat om de krijgsmacht, politie of het
ambtelijk apparaat van de Staat.
- Art. 8 Gw: “Het recht tot vereniging wordt erkend. Bij de wet kan dit recht worden
beperkt in het belang van de openbare orde.”
- Boek 2 BW, titel 2 BW
- Art. 2:20 BW: ontbinding van rechtspersonen waarvan de werkzaamheid in strijd is
met de openbare orde
o Een vereniging kan dus worden ontbonden indien zij handelen in strijd met de
openbare orde
Rechten
Welke rechten vloeien er voort uit de verenigingsvrijheid?
- Vrijheid tot stellen van eisen aan lidmaatschap (zelfs als ze discriminerend zijn -> HR
SGP)
o Verenigingsvrijheid is dus vrij absoluut
o Er kan dus sprake zijn van een zekere zin van discriminatie, bijvoorbeeld een
studentenvereniging alleen voor vrouwen
- Vrijheid om eigen doelstellingen te bepalen
o Negatieve verplichting van de staat om zich niet te bemoeien met
verenigingen
- Interne organisatievrijheid, vrijheid om eigen statuten vast te stellen, tuchtregels toe
te passen etc.
- Financieringsvrijheid