cricoid en arytenoidea
!
2
cricoid 2
Voorkennis
Anatomie craniaal craniaal lateraal posterieur posterieur
Ventraal: aan de voorkant, buikzijde Superieur:metvan bovenaf
thyreoid
cricoid en arytenoidea
Dorsaal: aan de achterkant, rugzijde Inferieur: van onderaf
Craniaal: aan de bovenkant Posterior: van achter
Caudaal: aan de onderkant Anterieur: van voren larynxskelet compleet
Larynxskelet:"
Larynxskelet: (os hyoideum)
4
Hyoid: tongbeen
Hyoid"(os)hyoideum):"tongbeen" thyreoid 1
Thyroid: schildkraakbeen
Thyroid"(cartilago)thyroidea):"schildkraakbeen" 1 1
cricoid 2 3
Cricoid:metcraniaal
ringkraakbeen craniaal lateraal posterieur posterieur
Cricoid"(cartilago)cricoidea):"ringkraakbeen""
thyreoid
Arytenoiden: hier zitten de stemplooien aan vast
Arytenoiden:"hier"zitten"de"stemplooien"aan"vast" arytenoidea 3 2
Epiglottis:Epiglottis:"strottenklepje"
strottenklepje intrinsieke
epiglottis 4 larynxspieren 2
" larynxspieren:
Intrinsieke bovenaanzicht
mediaal (anterieur)
Intrinsieke"larynxspieren:"
m. cricothyroideus
m.)cricothyroideus)
m. interarytenoideus (transversus en obliquus)
m.)interarytenoideus)(transversus"en"obliquus))
m. crico-arytenoideus posterior
m.)cricoSarytenoideus)posterior) m. cricothyroideus (posterieur)
Cricothyreoid
" gewricht: naar voren buigen van thyroid over cricoid, en het naar achteren bewegen
m. interarytenoideus
van thyroid; lengte stembanden m. cricoarytenoideus anterior
"
intrinsieke larynxspieren
Crico-arytenoid
" gewricht: beweegt naar en van cricoid af, waardoor de stemplooien inpa
bo u w kke
adductie ten posterior
m. cricoaryt.
abductie "treden bovenaanzicht
M. thyro-arytenoideus:
"
mediaal
in arytenoid, in rust verkorten stemplooien
(anterieur)
M. vocalisCricoithyreoid"gewricht:"grootste"gedeelte"van"larynx"membraan"
= m. thyroarytenoideus
CricoOarytenoid"gewricht"
Suprahyoidale spieren; boven tongbeen:
m."thyroO arytenoideus"
m. cricothyroideus (posterieur)
M. Thyrohyoideus: schild-tongbeenspier
· m.)vocalis="m."thyroarytenoideus"(schildkraakbeen+schikdkraakbeentjes)"
m. interarytenoideus
M. Sternohyoideus: borstbeen-tongbeenspier m. vocalis
· m."thyroO arytenoideus"lateralis"
M. Omohyoideus: schouder-tongbeenspier
m. cricoarytenoideus anterior
m. cricoaryt. posterior =
m."cricoOarytenoideus"lateralis"
M. Sternothyroideus: borstbeen-schildbeenspier m. thyroarytenoideus
"
"
Infrahyoidale spieren; onder tongbeen:
M. Digastricus: tweehoofdige onderkaakspier
"
M. Mylohyoideus: kaak-tongbeenspier
"
M. Geniohyoideus: kin-tongbeenspier
"
M. Stylohyoideus: stijl-tongbeenspier
m. vocalis
M. Hyoglossus: tongbeen-tongspier
=
m . thyroarytenoideus
Tot stand komen van stemgeving:
Ademhalingsspieren vormen de energiebron voor de productie van spraak
Subglottische druk: druk van de lucht direct onder stemplooien is zo groot dat de stemplooien
zijwaarts uitwijken en een beetje lucht doorlaten; minder moeite met stemgeven
Bernouilli effect: tijdens het uitademen als de stemplooien gespannen zijn ontstaat aan de
stemplooien toenemende luchtdruk. Als deze luchtdruk een drempelwaarde bereikt, worden de
stemplooien opengedrukt en neemt de luchtdruk tijdelijk af, waardoor de aangespannen
stemplooien snel weer sluiten. Door de druk sluiten zij zich dus weer, waarna het proces zich
herhaalt
"
"
"