Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting cursus: Inleiding tot Sociologie van Arbeid en Arbeidsverhoudingen - VUB - Bedrijfskunde

Beoordeling
3.0
(2)
Verkocht
6
Pagina's
116
Geüpload op
26-04-2017
Geschreven in
2015/2016

Samenvatting van de cursus: Inleiding tot sociologie van arbeid en arbeidsverhoudingen - VUB - Bedrijfskunde/sociologie

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Inleiding tot sociologie van
arbeid en arbeidsverhoudingen
Academiejaar 2015-2016
Vrije Universiteit Brussel

, Samenvatting Inleiding tot sociologie van arbeid en
arbeidsverhoudingen


Vrije Universiteit Brussel, Academiejaar 2015-2016




Beste,

Bedankt voor de aankoop van de samenvatting De arena’s van het arbeidsbestel, academiejaar
2015-2016. De samenvatting is voortgebouwd op basis van het leerboek De arena’s van het
arbeidsbesteld en de lessen sociologie van Prof. Christophe Vanroelen aan de Vrije Universiteit
Brussel.
Het is bijgevolg mogelijk dat bepaalde delen minder uitgebreid besproken zijn dan andere. Hopelijk
ben je met deze samenvatting een stuk dichter bij je gewenste examenresultaat.
Deze samenvatting is echter GEEN garantie op een positief examenresultaat maar zal je zeker en
vast een duidelijk inzicht geven m.b.t. de te kennen leerstof. Bij het niet halen van een minimum
van 10/20 treft de auteur bijgevolg geen schuld.

Veel Succes !




Alle rechten voorbehouden. Alle auteursrechten en databankrechten ten aanzien van deze uitgave worden uitdrukkelijk voorbehouden.
Behouders de in of krachtens de Auteurswet 1912 gestelde uitzonderingen, mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd,
opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch,
mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier,
zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever




Pagina 2 van 116

,Inhoudtafel
DE KIJK VAN SOCIOLOGIE (lezen, geen leerstof) ............................................................................. 1
De sociologie als wetenschap van maatschappelijk spel ........................................................ 1
5 belangrijke vraagstukken van sociologie .............................................................................. 1
Sociologie: wetenschap van het ‘sociale’ ................................................................................ 2
De eigen aard van de sociale wetenschappen ................................................................ 2
Empirische wetenschap ................................................................................................... 2
DE SOCIOLOGISCHE KIJK OP ARBEID ............................................................................................... 3
Wat is werk? (Definities NIET vanbuiten!) .............................................................................. 3
Smalle en brede definities ............................................................................................... 3
Sociale context van werk: werk is contigent ................................................................... 3
Werk en niet werk: werk is niet arbitrair ................................................................................ 4
De waarde van werk ........................................................................................................ 4
Betaalde arbeid, werk en reproductief werk .................................................................. 5
Bredere waarde van werk ............................................................................................... 6
Werk als betaalde arbeid ........................................................................................................ 8
Arbeid binnen een klassenrelatie .................................................................................... 8
Soorten arbeidstaken ...................................................................................................... 9
Conceptuele afbakening van arb.-soc. Domein ............................................................................ 11
De conceptuele ruimte van het arbeidsbestel ...................................................................... 11
De aggregatieniveaus van het arbeidsbestel ........................................................................ 12
Arena 1: de arbeidsorganisatie ..................................................................................... 12
Arena 2: de arbeidsmarkt .............................................................................................. 13
Arena 3: Arbeidsverhoudingen...................................................................................... 13
Het microniveau: de arbeidsplaats en de 4A’s ...................................................................... 14
Samenvattend schema .......................................................................................................... 14
kapitalisme en de opkomst van de industriële arbeidsorganisatie ............................................... 15
Het Moderniseringsproces .................................................................................................... 15
Moderne staatvorming:................................................................................................. 15
Dynamiek van het kapitalisme: ..................................................................................... 16
Wetenschap en technologie .......................................................................................... 16
Rationalisering en verlichting ........................................................................................ 16
De drijfveren achter industrialisering.................................................................................... 17
Technologisch-deterministisch standpunt (moderniteit) ............................................. 17
Politiek-economisch standpunt (kapitalisme) ............................................................... 17
Organisatie-efficiëntie standpunt (institutioneel)......................................................... 17
Cultureel-contextueel standpunt .................................................................................. 17
Geschiedenis in vogelvlucht: (Lenski & Nolan)...................................................................... 18

, Jager-verzamelaar: ........................................................................................................ 18
Horticulturele samenleving = tuinbouw: ....................................................................... 18
Feodale agrarische samenleving ................................................................................... 18
Industrieel kapitalisme: ......................................................................................................... 19
Arbeid binnen gespecialiseerd interactiekader............................................................. 19
Gevolgen van structurele differentiatie (binnen kapitalisme) ...................................... 20
Productiesysteem: bureaucratie en mechanisering.............................................................. 21
Bureaucratie: (Weber) ........................................................................................................... 21
Bureaucratie is product van moderniseringsproces: .................................................... 21
Arbeidsdeling en arbeidsverdeling ................................................................................ 21
Mechanisering ............................................................................................................... 22
Omgang met tijd .................................................................................................................... 22
Opleiding en rekrutering ....................................................................................................... 22
De betekenis van arbeid ........................................................................................................ 23
De grondvesten van een arbeidsbestel ......................................................................................... 25
Handelskapitalisme = proto-industrialisatie (1300-1750) ..................................................... 25
Uitzetsysteem: Huisnijverheid: (1ste pre-industriële samenwerkingsvorm).................. 25
Eenvoudige samenwerking: Productcorporatie (2de samenwerkingsvorm) ................ 25
Industrieel kapitalisme (1750-1900) ..................................................................................... 26
De manufactuur (3de samenwerkingsvorm) .................................................................. 26
De fabriek (4de samenwerkingsvorm) ............................................................................ 26
Fordistisch productiemodel................................................................................................... 27
Kenmerken Fordistisch systeem .................................................................................... 27
Kenmerken maatschappelijk systeem ........................................................................... 27
Crisis van het Fordisme ......................................................................................................... 28
Verloop van crisis .......................................................................................................... 28
Crisis aan vraag- en aanbodzijde ................................................................................... 28
Tertiarisering van de samenleving ................................................................................ 29
Sociale en ideologische (politieke) veranderingen........................................................ 29
De invalsshoeken van geavanceerd kapitalisme ................................................................... 29
Postindustriële samenleving Bell................................................................................... 29
De geglobaliseerde samenleving ................................................................................... 30
Het post-Fordistische competitiemodel ........................................................................ 31
Geavanceerd kapitalisme: hedendaagse kenmerken ........................................................... 32
Technologie ................................................................................................................... 32
Politieke democratie en geavanceerd kapitalisme ............................................................... 33
Politieke democratie: spel van evenwichten................................................................. 34
Politieke democratie: dominantie van de samenleving ................................................ 34

, De welvaartsstaat en geavanceerd kapitalisme ............................................................ 36
Studie vd. OG: wet. management en psychologisch humanisme ................................................. 41
Situering van de onderneming .............................................................................................. 41
Arbeidsdeling en arbeidsverdeling ................................................................................ 41
De strategie en het maakmodel .................................................................................... 41
3 Productie of dienstverleningsconcepten.................................................................... 43
De productietechnologie ............................................................................................... 43
Arbeidsorganisatie................................................................................................................. 43
De kenmerken van arbeidsplaatsen .............................................................................. 44
Ideaaltypische modellen van arbeidsorganisatie .......................................................... 44
Belangrijke arbeidsorganisatieparadigma’s .................................................................. 45
Taylorisme (scientific management) ..................................................................................... 46
Kritische kanttekeningen ............................................................................................... 47
Fordisme ................................................................................................................................ 47
Massaproductie ............................................................................................................. 47
Productiesysteem .......................................................................................................... 48
Kritische perspectieven den debatten over de OG ....................................................................... 49
Breuklijnen binnen arbeidssociologie ................................................................................... 49
Kritische debatten met wetenschappelijk management ...................................................... 50
Debat: Menselijke natuur .............................................................................................. 50
Debat: De kracht van (in)formele structuren ................................................................ 53
Samenvallende of conflicterende belangen .................................................................. 55
Toepassing poststructuralisme: Critical managment studies ....................................... 56
Vervreemding ........................................................................................................................ 56
Marx............................................................................................................................... 56
Seeman: ......................................................................................................................... 57
Blauner: ......................................................................................................................... 57
(De)kwalificatie ...................................................................................................................... 59
Dekwalificatiethese van Harry Braverman .................................................................... 60
Rekwalificatie: ....................................................................................................................... 61
Rekwalificatiethese van Bell .......................................................................................... 62
Polarisering .................................................................................................................... 63
Hedendaagse arbeidsorganisatiemodellen ................................................................................... 65
Neo-Fordistische / neo-Tayloristische arbeidsorganisatie .................................................... 67
Lean productie of Toyotisme (= TPS: Toyota Production System) ................................ 67
Reflectieve productie: Volvo ......................................................................................... 68
McDonaldisme (Ritzer) .................................................................................................. 70
Post-Fordistische arbeidsorganisatie .................................................................................... 70

, Flexibele specialisatie (Piore & Sabel) ........................................................................... 70
Netwerkonderneming (Castells).................................................................................... 71
Innovatieve arbeidsorganisatie ..................................................................................... 72
Discussie Post-Fordisme of Neo-Fordisme? .......................................................................... 74
Kritiek: (Vallas) ............................................................................................................... 74
De arbeidsmarkt: definitie + theorie ............................................................................................. 75
Arbeidsmarkt: ........................................................................................................................ 75
Functies arbeidsmarkt ................................................................................................... 76
Inherente beperkingen .................................................................................................. 76
Besluit: Karl Polanyi: “arbeidsmarkt is vals en werkt niet” ........................................... 77
Theoretische benaderingen .................................................................................................. 78
(Neo) klassieke benadering ........................................................................................... 78
Normatieve benadering ................................................................................................ 80
Institutionele benadering .............................................................................................. 81
Transitionele benadering (Schmid) ............................................................................... 83
Kritische arbeidsmarkttheorieën................................................................................... 84
Arbeidsmarkt: Centrale actoren – werkloosheid ...................................................................... 87
Centrale actoren .................................................................................................................... 87
Beroepsbevolking (WN+ werkzoekenden): Aanbod arbeid .......................................... 87
Werkgevers: Vraag naar arbeid ..................................................................................... 88
Arbeidsmarkt mismatching ........................................................................................... 89
Collectieve actoren ................................................................................................................ 90
Vakbonden / WN organisaties....................................................................................... 90
Beroepsorganisatie ........................................................................................................ 90
WG organisatie .............................................................................................................. 90
Overheid ................................................................................................................................ 90
Wiens belang verdedigt de overheid? .......................................................................... 90
Beleidsinstrumenten op arbeidsmarkt .......................................................................... 91
Werkloosheid ........................................................................................................................ 91
Betekenis ....................................................................................................................... 91
Gevolgen ........................................................................................................................ 91
Sociale verschillen ......................................................................................................... 91
de
De 3 arena: arbeidsverhoudingen .......................................................................................... 93
Kernmerken Arbeidsverhoudingen ....................................................................................... 93
Centrale actoren ............................................................................................................ 94
Federale interprofessionele WG organisaties ............................................................... 94
Overheid ........................................................................................................................ 94
Nieuwe actoren en veranderende verhoudingen ......................................................... 95

, Centrale processen (Herman Deleeck) .................................................................................. 95
Overleg: ......................................................................................................................... 95
Advies: ........................................................................................................................... 95
Afspraken:...................................................................................................................... 95
Systemen van arbeidsverhoudingen ..................................................................................... 96
Resultaten van sociaal overleg .............................................................................................. 96
Belgisch overlegmodel .......................................................................................................... 97
Belgisch overlegmodel .......................................................................................................... 97
Nationaal niveau............................................................................................................ 97
Sectoraal niveau ............................................................................................................ 98
Het ondernemingsniveau .............................................................................................. 98
Theoretische paradigma’s ..................................................................................................... 99
Pluralistisch perspectief ................................................................................................ 99
Unitaristisch perspectief................................................................................................ 99
Systeembenadering (Dunlop) ...................................................................................... 100
Marxistisch perspectief ............................................................................................... 100
Case: sociaal protestgedrag................................................................................................. 101
Flexibilisering van arbeidsverhouding ..................................................................................... 103
Standaard arbeidsverhouding (SER) .................................................................................... 103
Voordelen SER voor WN .............................................................................................. 103
Voordelen SER voor WG .............................................................................................. 103
SER onder druk .................................................................................................................... 104
Veranderend organisatiemodel................................................................................... 104
Veranderende beroepsbevolking ................................................................................ 104
Veranderende loopbaanpreferenties .......................................................................... 105
Veranderende structurele kenmerken ........................................................................ 105
Wat na de SER?.................................................................................................................... 105
Tijdperk van flexibele arbeidsverhouding ................................................................... 105
Hardnekkigheid van de SER ......................................................................................... 106
Vormen van de-standardisering .......................................................................................... 107
Naar een nieuw SER? ........................................................................................................... 108

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
26 april 2017
Aantal pagina's
116
Geschreven in
2015/2016
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.85
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 2 reviews worden weergegeven
6 jaar geleden

Heel veel taalfouten/schrijfouten. Maar het minder betrouwbaar

8 jaar geleden

3.0

2 beoordelingen

5
0
4
0
3
2
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
TBKundige Vrije Universiteit Brussel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
994
Lid sinds
13 jaar
Aantal volgers
608
Documenten
27
Laatst verkocht
1 jaar geleden

3.5

115 beoordelingen

5
21
4
46
3
29
2
7
1
12

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen