2.2.1. Observatie
Doelgerichtheid onderscheidt observeren van gewoon kijken. Wanneer je observeert leg je
doelbewust het accent op een bepaald aspect van het gedrag, dat je daarna letterlijk beschrijft.
Definitie: het doelgericht en systematisch waarnemen van gedragingen en uitingen van één of meer
personen of van een gebeurtenis, met de bedoeling om wat je ziet samen te vatten.
Verschillende observatiemethoden:
- Longitudinale observatie: observeren voor langere periode
- Cross-sectional observatie: verschillende kinderen in dezelfde periode op zelfde aspect
observeren: ontwikkelingslijn van gedrag in verschillende leeftijdsfasen.
- Transversale observatie: kinderen van verschillende leeftijden in zelfde aspect observeren,
om verschil en overeenkomst zichtbaar te maken.
Interactieanalyse is voorbeeld van techniek waarbij de gebeurtenissen tijdens een les geobserveerd
en vastgelegd worden. Voorbeeld is VICS: Verbale Interactie Categorieën Systeem.
2.3.1. Leefwereld
Iedereen heeft zijn eigen ervaringen -> rekening mee houden in de les. Om dat goed te doen is
kennis, vaardigheid en ervaring nodig. Diversiteit aan kinderen heeft te maken met verschillen in
aanleg, maar ook in leefwereld.
Belangrijkste milieu is gezin en buren. Verschillen in milieu (per kind) komen tot uitdrukking in taal en
in samenstelling van de gezinnen. Maar ook door verschil in woonomstandigheden, verschil in
culturele belangstelling, verschil in betrokkenheid van de ouders bij de school, etc.
Sociaal-culturele factoren: het geheel van sociaal-culturele factoren vormt ook de leefwereld van een
kind. Het zijn feitelijkheden die samen de leefwereld van een kind vormen en van invloed zijn op de
ontwikkeling van het kind. Je kunt onderscheid maken tussen etnische verschillen, sociale verschillen
en culturele verschillen, en de invloed daarvan op het onderwijs.
Men gaat ervanuit dat kinderen hun cultuur van hun ouders krijgen en dan de opvoeding thuis en op
school een belangrijke rol spelen, maar is dat ook zo? Kinderen leren zichzelf kennen door zich te
vergelijken met leeftijdsgenoten. Kinderen passen de volwassenencultuur aan hun eigen doelen aan,
en ze voegen er aan toe wat ze missen. Ze doen dat samen met andere kinderen. Ze balanceren
daarbij vaak op het randje van uitdagen van de volwassenencultuur.