Samenvatting EBP
Hoorcollege 1
Evidence based practice: Handelen gebaseerd op bewijs. Dit bewijs komt uit wetenschappelijke
onderzoeken.
Onderzoek doen: op basis van waarnemingen min of meer ware uitspaken kunnen doen over de
werkelijkheid.
Wetenschappelijk artikel bevat:
Titel (en auteurs).
Samenvatting = abstract = summary.
Inleiding.
Gebruikte materialen en methoden.
Resultaten (waarbij ook getallen/uitkomsten zijn gegeven in tabel of figuur).
Discussie.
Soms conclusie.
Hoofdstromen in onderzoek:
Kwantitatief onderzoek: aard en betekenis van verschijnselen achterhalen, hoeveel- en hoe
grootvragen, zoveel mogelijk in getallen en cijfers.
Kwalitatief onderzoek: interpreterend, gaat over ervaringen, welke motieven hebben mensen
oor hun gedrag, beantwoorden wat- waarom- en hoe vragen.
Fasen onderzoeksproces:
1. Formuleren probleemstelling
2. Ontwikkelen onderzoeksopzet
3. Verwerven gegevens
4. Verwerken gegevens
5. Interpreteren en conclusies trekken
6. Rapporteren
Doelstelling: het waarom van het onderzoek, wat wil je bereiken (verbeteren, inzicht krijgen,
opstellen)
Probleemstelling: het wat van het onderzoek, wat moet je weten, de vraag waar het onderzoek, wat
moet je weten, de vraag waar het onderzoek antwoord op moet geven
Hoorcollege 2
Kenmerken afname vragenlijst
- Schriftelijk: veel respondenten, lage respons, geen controle, geen uitleg mogelijk.
- Mondeling/persoonlijk: doorvragen, kost veel tijd, beïnvloeding door intervieuwer.
- Interview op straat: snel, meestal hoge respons, niet te veel vragen, geen moeilijk onderwerp.
- Telefoon: goedkoop, grotere respons dan per post, selectie in respons, moet kort zijn,
wantrouwen.
- Internet: goedkoop, selectieve respons, niet anoniem.
Hoorcollege 1
Evidence based practice: Handelen gebaseerd op bewijs. Dit bewijs komt uit wetenschappelijke
onderzoeken.
Onderzoek doen: op basis van waarnemingen min of meer ware uitspaken kunnen doen over de
werkelijkheid.
Wetenschappelijk artikel bevat:
Titel (en auteurs).
Samenvatting = abstract = summary.
Inleiding.
Gebruikte materialen en methoden.
Resultaten (waarbij ook getallen/uitkomsten zijn gegeven in tabel of figuur).
Discussie.
Soms conclusie.
Hoofdstromen in onderzoek:
Kwantitatief onderzoek: aard en betekenis van verschijnselen achterhalen, hoeveel- en hoe
grootvragen, zoveel mogelijk in getallen en cijfers.
Kwalitatief onderzoek: interpreterend, gaat over ervaringen, welke motieven hebben mensen
oor hun gedrag, beantwoorden wat- waarom- en hoe vragen.
Fasen onderzoeksproces:
1. Formuleren probleemstelling
2. Ontwikkelen onderzoeksopzet
3. Verwerven gegevens
4. Verwerken gegevens
5. Interpreteren en conclusies trekken
6. Rapporteren
Doelstelling: het waarom van het onderzoek, wat wil je bereiken (verbeteren, inzicht krijgen,
opstellen)
Probleemstelling: het wat van het onderzoek, wat moet je weten, de vraag waar het onderzoek, wat
moet je weten, de vraag waar het onderzoek antwoord op moet geven
Hoorcollege 2
Kenmerken afname vragenlijst
- Schriftelijk: veel respondenten, lage respons, geen controle, geen uitleg mogelijk.
- Mondeling/persoonlijk: doorvragen, kost veel tijd, beïnvloeding door intervieuwer.
- Interview op straat: snel, meestal hoge respons, niet te veel vragen, geen moeilijk onderwerp.
- Telefoon: goedkoop, grotere respons dan per post, selectie in respons, moet kort zijn,
wantrouwen.
- Internet: goedkoop, selectieve respons, niet anoniem.