Hoofdstuk 10: vet-oplosbare vitamines
Vitamines begrijpen
Meer is niet altijd beter, vooral niet bij vet-oplosbare vitamine suppletie.
Anatomie van de vitamines
Vitamines verschillen van vet, eiwit en koolhydraten in veel belangrijke opzichten. De dagelijkse
behoefte van vitamines is erg klein in verhouding. Vitamines zijn geen bron van energie zoals vet,
eiwit en koolhydraten wel zijn. Veel vitamines spelen wel een cruciale rol in de regulering van de
chemische reacties die ervoor zorgen dat de energie uit deze nutriënten te halen. Een ander verschil
is de structuur: vitamines zijn individuele eenheden in plaats van lange kettingen van kleine
eenheden. Vitamines zijn organische verbindingen essentieel voor het normaal functioneren, groei,
en onderhoud van het lichaam. De functies van vitamines kunnen samen hun werk doen, dus een
deficiëntie van maar één kan al een diepgaand gezondheidsprobleem veroorzaken.
Vet-oplosbaar versus water-oplosbare vitamines
Vitamine A, D, E en K zijn vet-oplosbare vitamines. De B vitamines en vitamine C zijn water-
oplosbaar. Het verschil in oplosbaarheid heeft invloed op de manier waarop het lichaam de vitamines
opneemt, transporteert en opslaat. Darmcellen nemen vet-oplosbare vitamines op samen met het
vet uit het voedsel. Dit is varieert meestal van 40 tot 90 procent van wat geconsumeerd is. Als de
inname meer is dan het lichaam nodig is dan zullen de darmcellen minder opnemen. Net als
triglyceriden en andere voedingsvetten, nemen lipoproteïnen opgenomen vet-oplosbare vitaminen
mee op reis door het lymfesysteem en de bloedbaan. Als de chylomicronen (transportdeeltjes) door
het bloed bewegen, nemen de cellen de meeste triglyceriden op en laten chylomicronen resten
achter die de vet-oplosbare vitaminen bevatten. De lever pakt deze resten op en slaat de vitamines
op voor toekomstig gebruik of verpakt ze voor levering naar andere weefsels door de bloedbaan.
Water-oplosbare vitamines zijn opgelost in waterige compartimenten van de voeding. Als ze zijn
opgenomen gaan ze direct de bloedbaan in en bewegen onafhankelijk in en om de cellen van het
lichaam. Vet-oplosbare vitamines hopen op en kunnen voor onbepaalde tijd worden opgeslagen. De
nieren filteren overmatige hoeveelheden water-oplosbare vitaminen en scheiden ze uit via de urine.
Twee vitamines zijn een uitzondering op deze regel. Water-oplosbare vitamine B12 wordt makkelijker
opgeslagen dan andere water-oplosbare vitamines. De vet-oplosbare vitamine K is makkelijker
uitgescheiden dan andere vet-oplosbare vitamines.
Opslag en toxiciteit
Vet-oplosbare vitamines hopen op in de lever en in vetweefsels, waar ze kunnen worden
aangesproken als dit nodig is. Buitensporige inname van vet-oplosbare vitamines kunnen de
opslagcapaciteit overschrijden en kan leiden tot toxische effecten.
Water-oplosbare vitamines moeten onderdeel uitmaken van je dagelijks dieet aangezien deze niet in
grote hoeveelheden worden opgeslagen. Te veel aan water-oplosbare vitamines is meestal
onschadelijk aangezien je dit uitscheid via de urine. Bij sommige van deze vitamines kan het echter
wel problematisch zijn om er te veel van in te nemen.