Hoe vind je het meewerkend voorwerp?
Stel de vraag: aan (voor) wie + gezegde + onderwerp + lijdend voorwerp?
Ik heb Raphael het bordspel gegeven.
Aan wie heb ik het bordspel gegeven?
antwoord = Raphael (meewerkend voorwerp)
Het voorzetsel aan mag je weglaten of toevoegen zonder dat de betekenis verandert.
Ik heb aan Raphael het bordspel gegeven.
Die voorstelling duurt mij niet lang genoeg.
Voor wie duurt de voorstelling niet lang genoeg?
antwoord = mij (meewerkend voorwerp)
Het voorzetsel voor mag je weglaten of toevoegen zonder dat de betekenis verandert.
Die voorstelling duurt voor mij niet lang genoeg.