Nederlands
Bij het hoort dit en dat. Bij de hoort deze en die.
Nevenschikkend kan je herkennen door de woorden: en, maar, want, of
Onderschikkend kan je herkennen door dat of dat woorden en zoals. Dat woorden zijn omdat en
doordat.
Bijvoeglijk naamwoord zegt iets over het zelfstandig naamwoord.
Hulpwerkwoorden zijn alle werkwoorden naast het hoofdwerkwoord
Standpunten
Het kan positief, negatief maar ook twijfelend zijn.
Een feitelijk argument kan je opzoeken of het waar is.
Waarderend argument daar kan je mening verschillen.
Bij een tegenargument ontkracht je een standpunt
Bij een weerlegging ontkracht je een argument
Argumenten kunnen gebaseerd zijn op:
Oorzaak en gevolg
Kenmerk of eigenschappen
Voor en nadelen
voorbeelden
Vergelijking
Op basis van autoriteit
Onjuiste argumenten zijn:
Onjuist beroep op causaliteit
Onjuist beroep op kenmerk- eigenschappen
Overdrijven van voor of nadelen
Vals dilemma
Overhaaste generalisatie
Verkeerde vergelijking
Onjuist beroep of autoriteitschema
Persoonlijke aanval
Ontduiken van bewijslast
Vertekenen van het standpunt
Bespelen van het publiek
Cirkelredeneringen
Formuleren
Onjuiste herhaling is als een voorzetsel 2x keer wordt gebruikt.
Tautologie is als synoniemen worden gezegd.
Pleonasme is als een deel van een woord of woordgroep nog eens door een ander woord word
uitgedrukt.
Contaminatie is als 2 woorden of uitdrukkingen worden verward en ten onrechte worden vermengd.
Dubbele ontkenning is als er in een zin 2x een ontkenning worden gebruikt.
Incongruentie is dat het persoonsvorm in persoon en getal niet overeen komen met het onderwerp.
Bij het hoort dit en dat. Bij de hoort deze en die.
Nevenschikkend kan je herkennen door de woorden: en, maar, want, of
Onderschikkend kan je herkennen door dat of dat woorden en zoals. Dat woorden zijn omdat en
doordat.
Bijvoeglijk naamwoord zegt iets over het zelfstandig naamwoord.
Hulpwerkwoorden zijn alle werkwoorden naast het hoofdwerkwoord
Standpunten
Het kan positief, negatief maar ook twijfelend zijn.
Een feitelijk argument kan je opzoeken of het waar is.
Waarderend argument daar kan je mening verschillen.
Bij een tegenargument ontkracht je een standpunt
Bij een weerlegging ontkracht je een argument
Argumenten kunnen gebaseerd zijn op:
Oorzaak en gevolg
Kenmerk of eigenschappen
Voor en nadelen
voorbeelden
Vergelijking
Op basis van autoriteit
Onjuiste argumenten zijn:
Onjuist beroep op causaliteit
Onjuist beroep op kenmerk- eigenschappen
Overdrijven van voor of nadelen
Vals dilemma
Overhaaste generalisatie
Verkeerde vergelijking
Onjuist beroep of autoriteitschema
Persoonlijke aanval
Ontduiken van bewijslast
Vertekenen van het standpunt
Bespelen van het publiek
Cirkelredeneringen
Formuleren
Onjuiste herhaling is als een voorzetsel 2x keer wordt gebruikt.
Tautologie is als synoniemen worden gezegd.
Pleonasme is als een deel van een woord of woordgroep nog eens door een ander woord word
uitgedrukt.
Contaminatie is als 2 woorden of uitdrukkingen worden verward en ten onrechte worden vermengd.
Dubbele ontkenning is als er in een zin 2x een ontkenning worden gebruikt.
Incongruentie is dat het persoonsvorm in persoon en getal niet overeen komen met het onderwerp.