[B1] Je gebruikt de past simple om aan te geven
Je gebruikt de present perfect als er een link is met het
dat iets in het verleden plaatsvond of gebeurde
heden.
(‘toen’).
A Als iets in het verleden is begonnen en nu nog voortduurt
Vaak staat er een tijdsbepaling in de zin,
(‘toen en nu nog steeds’). De tijdsduur van de gebeurtenis is
zoals yesterday, three weeks ago, last
onbepaald. Vaak staat er een tijdsbepaling in de zin,
year, when I was young, in 2015, enzovoort.
zoals since, lately, for ... weeks/months, enzovoort.
verleden nu toekomst verleden nu toekomst
|-------------x---------------|-------------------| |---------xxxxxxxx|xxx-----------------------|
gebeurtenis gebeurtenis
Let op: in deze situatie kun je soms ook de present perfect
continuous gebruiken.
Triodos acquired 20,000 new clients last
Triodos has acquired over 10,000 new clients so far this year.
year.
B Als iets nog maar net is gebeurd, in combinatie met het
woord just.*
verleden nu toekomst
|---------------------x-|-----------------------|
gebeurtenis
When the company was sold, its stock
The stock price has just dropped spectacularly.
price dropped spectacularly.
C Bij ervaringen tot nu toe, die nog vaker kunnen
voorkomen.
verleden nu toekomst
|---------x------x------|------------------------|
ervaringen
They met the new conductor a
They have already met the new conductor twice.
month ago.