1. W AT ZIJN ALGEMENE VOORWAARDEN (AV)?
Definitie art. 6:231 onderdeel a: “algemene voorwaarden: een of meer bedingen die zijn opgesteld teneinde
in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen, met uitzondering van bedingen die de kern van de
prestaties aangeven, voor zover deze laatstgenoemde bedingen duidelijk en begrijpelijk zijn geformuleerd”
Is niet voldaan aan de voorwaarden, dan is er geen sprake van een AV in de zin van afdeling 6.5.3 en
dus buiten toepassing blijft.
Art. 6:231 sub a: “een of meer bedingen”
Vroeger louter schriftelijke bedingen, maar nu (EU-richtlijn) ook mondeling.
Art. 6:231 sub a: “teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen”
Bestemmingscriterium: de voorwaarden moet voor meermalig gebruik bestemd zijn.
De bewijslast hiervan rust op de wederpartij jegens wie de AV wordt gehanteerd.
Dat de voorwaarden voldoen aan dit criterium kan uit de volgende omstandigheden blijken:
- ‘Algemene voorwaarden’ staat bovenaan de clausule weergegeven
- Voorwaarden zijn in flinke oplage gedrukt.
- Voorwaarden zijn gepubliceerd in een nieuwsblad.
Of de voorwaarden daadwerkelijk voor meerdere overeenkomsten worden gebruikt (en of de gebruiker
dat van plan was) is niet doorslaggevend. Het gaat er om dat dit redelijkerwijs van de bedingen mag en
moet worden aangenomen.
Art. 6:231 sub a: “met uitzondering van bedingen die de kern van de prestaties aangeven”
De uitzondering ziet toe op de essentiële punten van de overeenkomst. Vuistregel om vast te stellen
wanneer iets een kernbeding is, is als de overeenkomst zonder deze bedingen niet tot stand zou kunnen
komen, omdat het niet aan de bepaalbaarheidseis voldoet, art. 6:227.
De ‘bedingen moeten de kern aangeven’ moet heel strikt op worden gevat. De HR heeft besloten om
de uitzondering van het kernbeding ‘zo beperkt mogelijk’ op te vatten. Daarnaast stelt hij dat de
kernbedingvraag naar objectieve maatstaven moet worden beantwoord (en dus niet naar het
subjectieve inzicht van de partijen).
De uitzondering van de kernbedingen moet gezien worden tegen de achtergrond van het feit dat de
iustum pretium-leer in het contractenrecht is verworpen. Deze leer houdt in dat een onaantastbare
overeenkomst alleen tot stand kan komen indien de prestatie en de tegenprestatie een min of meer
gelijke waarde vertegenwoordigen. Ons recht wijst deze gedachte af en legt het primaat bij de
contractsvrijheid: een overeenkomst is ook geldig en onaantastbaar als het voor de ene partij
aanmerkelijk gunstiger is dan voor de andere partij.
Definities in sub b en c: gebruiker en wederpartij.
2. W ANNEER ZIJN DEZE VAN TOEPASSING ?
AV zijn contractuele bedingen en alleen behoren tot inhoud van een overeenkomst, in geval
van aanbod en aanvaarding, zoals art. 6:217 bepaalt. Deze rechtshandelingen zijn dus ook
onderworpen aan de werking van art. 3:33 en art. 3:35 – volgens de HR – dezelfde werking
als overeenkomsten in het algemeen.
Literatuur:Rechtshandeling en overeenkomst: 226 – 257: H6 (6.2/6.3/6.4)Verbintenissenrecht algemeen: -Verbintenissen uit de wet en
schadevergoeding: -Bijzondere overeenkomsten: -Jurisprudentie: First Data/ KPN Hotspots Schiphol, Geurtzen/Kampstaal(First
Data/KPN Hotspots Schiphol)
1