Werkcollege 4 (18 mei 2017)
Van radio tot pop-radio
Na de Tweede Wereldoorlog was sprake van een gezinspolitiek:
- Groeiende welvaart:
- Onderwijs voor iedereen beschikbaar;
- Verbetering in economie;
- Toename in vrije tijd (weekend werd een begrip).
- Babyboom;
- Generatieconflicten: losweken van ouderlijk gezag, was hun schuld dat de oorlog was
uitgebroken, daarom tegen afzetten.
De vijf omroepen wilden het verzuilde systeem terug van voor de oorlog, wat hen lukte:
- AVRO: liberaal;
- KRO: Rooms-Katholiek;
- NCRV: Protestants-Christelijk;
- VPRO: algemeen;
- VARA: sociaaldemocratisch.
1944 tot en met 1946: Omroep Herrijzend Nederland: zender met verschillende muziekstijlen om
ook de Geallieerden in Nederland een lol te doen.
1943 tot en met het heden: American Forces Network: zender met allerlei verschillende
muziekstijlen, zoals jazz.
1933 tot en met 1992: Radio Luxembourg:
- Commercieel: reclame;
- Gericht op jongeren;
- Introductie van diskjockeys: geen orkest meer, maar platen draaien.
Jeugd kan zich nu met middelen verzetten tegen de oudere generaties. Niet alleen met
muziek, maar ook met de kleding (ontstaan van jeugdcultuur).
Kleding werd gebruikt als daad van verzet: mannen met lang haar (vetkuiven) en vrouwen met
petticoats: rokjes tot boven de knie.
Ondertussen op technologisch gebied: radio’s (grote, zware apparaten) naar transistorradio’s:
konden mee naar buiten worden genomen, altijd kunnen luisteren naar muziek. Jongeren zaten niet
meer vast aan die ene plaats in het huis waar zij samen met hun ouders naar muziek zouden moeten
luisteren. Ook sprake van ruilhandel van platen.
Films:
- Blackboard Jungle: waarschuwen ouders over het verloren gaan van de jeugd.
- Rock Around the Clock: stond achter “nieuwe” jeugd.
Bij elkaar zorgden de volgende ontwikkelingen tot nieuw radioklimaat:
- Generatieconflict;
- Groeiende welvaart;
- Opkomende jongerencultuur;
- Bekrompen omroepverenigingen;
- Reclamegebrek.