Paragraaf 1 – Vier vrijheid!
1.1 – Wat is vrijheid?
De vrijheid wordt gegarandeerd door vrijheidsrechten, dit houdt in dat mensen vrij zijn van
ongewenste bemoeienis met hun leven door anderen of door de staat.
Onvrijen
Slaven: In het Athene (tijd van Pericles) waren er maar weinig mensen met
burgerrechten. Zij die dit wel hadden mochten ‘in een geest van vrijheid’ de
staatszaken regelen. Maar slaven, vrouwen en vreemdelingen hoorden hier niet bij.
Door de komst van het christendom werd de slavernij in West-Europa afgeschaft.
Horigen: Hoewel de Nederlanden in de Middeleeuwen geen slavenmarkten kende
waren niet alle mensen vrij. Op het platteland waren door het feodalisme de horigen
aan de grond gebonden.
Lijfeigenen: Deze personen waren aan een heer gebonden. Toen in de late
Middeleeuwen weer nieuwe steden ontstonden, waren inwoners van die steden vrije
burgers. Het gezegde luidde ´Stadslucht maakt vrij´. Vooral tijden de Opstand tegen
Spanje was vrijheid het belangrijkst.
Geef mij maar Amsterdam
In de zeventiende eeuw was Amsterdam de belangrijkste stad van de Republiek. Maar hoe
vrij waren de Amsterdammers nou eigenlijk?
Er waren drie soorten Amsterdammers
- Burgers/poorters
Burgers waren het meest vrij en hadden middeleeuwse voorrechten. Je kon alleen
burger worden als je genoeg geld betaalde, maar dan had je bijvoorbeeld wel een
bestuurlijke functie of toegang tot gilden.
- Inwoners
- Vreemden
Vluchtelingen vanwege het geloof kregen het burgerschap gratis. Iedere officiële ´burger´
(ook vrouwen) had ´gelijk recht tot de privilegiën en voorrechten dezer stede´.
Dit gold alleen niet voor joden en katholieken!
Het was voor burgers dus heel aantrekkelijk om naar Amsterdam te komen vanwege de
vrijheden. Maar ook de economische vrijheid werd belangrijk gevonden: lage belastingen,
garanties bij bescherming van je bezit en de vrijheid om een onderneming op te richten.
Maar ook was slavenhandel een belangrijke bron van inkomsten! Wel was er er veel
bemoeienis van de stedelijke overheid.
1.2 – Anders en toch gelijk
De vrijheid van meningsuiting en de verdraagzaamheid zijn de basis van de democratie.
Spinoza
In Amsterdam zochten in de 17e eeuw belangrijke denkers hun toevlucht. Een van hen was
Baruch Benedictus de Spinoza. Hij was met zijn familie gevlucht voor de Spaanse Inquisitie.