Leren: het ontstaan of tot stand brengen van relatief duurzame veranderingen in kennis, houding en
vaardigheden en/of in het vermogen om te leren, door middel van het selecteren, opnemen,
verwerken, integreren, vastleggen, gebruiken van en betekenis geven aan informatie, zowel
individueel als collectief.
- Intentioneel: leerling wil leren (niet al het formeel leren is dus intentioneel leren)
- Incidenteel: leerkracht stelt doel
- Formeel: o.l.v. leerkracht
- Informeel: niet o.l.v. leerkracht
De kwaliteit van het leren wordt bepaald door de mate van betrokkenheid en zelfstandigheid die de
leerling laat blijken.
Acht dimensies van leren:
- Plaats: school / opleiding – elders
- Bewustzijn: onbewust – bewust
- Sturing: externe sturing – zelfsturing
- Inhoud: gestructureerd – ongestructureerd
- Aansluiting referentiekader: leren als aanbouwen – leren als afbreken en opbouwen
- Aanzet tot leren: uit eigen beweging – door sturende instantie
- Door wie: individu – organisatie
- Voor wie: persoon – groep
Indeling leerinhoud
Een veelgebruikte globale indeling van leerinhoud is die van kennis, inzicht, vaardigheden en
houdingen of attituden.
Declaratieve vs. procedurele kennis
- Declaratieve kennis: ‘what’ / ‘why’?
o Feiten, begrippen, regels, principes, definities, theorieën, enz.
o Vaak vak- of domeinspecifiek karakter
- Procedurele kennis: ‘how?’
o Handelingen of vaardigheden die volgens bepaalde regels / afspraken moeten
worden verricht om het gewenste resultaat te bereiken.
o Bijv. algoritmes, strategieën, gebruik van modellen
o Vaak van algemene en deels vakspecifieke aard