Afasie een verworven taalstoornis, veroorzaakt door focaal hersenletsel dat ontstaat nadat
de taal verworven is (Bastiaanse, 2010).
De acute fase is de eerste 2 weken, revalidatiefase is tot 6 maanden na het ontstaan en
chronische fase is na 6 maanden. Afasietherapie is voor verbetering van functionele
communicatie, taalbegrip en taalproductie.
Persoon met afasie (PMA). De Nederlandse Vereniging van Afasietherapeuten (NVAT) is een
vereniging voor logopedisten die zich door scholing en ervaring hebben gespecialiseerd in
de behandeling van mensen met niet-aangeboren neurologische taal- en/of
spraakstoornissen.
De NAIS (NVAT, 2015) is een beschrijving van het professioneel handelen van de logopedist
bij afasie.
Het multidisciplinair team bestaat uit een logopedist, klinisch linguïst, neuropsycholoog en
revalidatiearts. Dit team is van belang tijdens diagnostische fase waarbij aarde en ernst van
de afasie wordt bepaald en bepalen van niet-talige cognitieve-, emotionele- of
gedragsstoornissen.
A-FROM lijkt op ICF en het is gebaseerd op ‘leven met afasie’ en bevat de ernst van de
afasie, participatie in dagelijks leven, persoonlijke factoren, identiteit en emoties, talige en
communicatieve omgeving.
Het zorgproces.
-Verwijzing.
-Anamnese en onderzoek.
-Diagnose en besluitvorming (a.d.h.v. ICF).
-Behandelplan.
-Behandeling.
-Evalueren.
-Afronden en nazorg.
Doelen per fase en voorlichting.
-Acute fase/ activatie. Diagnostiek over aard en ernst van stoornis, prognostiek (voorspellen
beloop van afasie) en voorlichting aan de familie. Voorlichten aan de familie over de hiervoor
beschreven doelen en informatie over beroerte en communicatie. Dagelijks tien tot dertig
minuten therapie.
-Revalidatie fase/ stoornisspecifiek. Gericht op functieherstel, herstel van talige
communicatie, in alle modaliteiten. Doel van de behandeling is het verbeteren van de verbale
communicatie en de taalmodaliteiten. Daarnaast wordt er cliëntgericht of hulpvraaggericht
behandeld. Voorlichten aan familie over doelen en resultaten van therapie, do’s en don'ts
voor PMA en motivatie voor therapie. Daarnaast worden de non-verbale
communicatiemogelijkheden op participatieniveau geoefend. Drie uur per week behandelen
gedurende minimaal vijf maanden.
-Chronische fase/ consolidatie. Het plafondeffect is bereikt. Het doel is acceptatie en leren
leven met afasie en het verbeteren van zelfmanagement. Voorlichten aan familie over hoe te
leven met afasie in participatie en de mogelijkheden van de therapie. Daarnaast ook
voorlichten aan de familie over afasievoorzieningen en ondersteuning bij communicatie.
Leren omgaan met communicatiehulpmiddel, VAT, PACE, taalzakboek, gespreksboek.
, Functionele- en stoornisgerichte afasietherapie.
-Functionele communicatieve therapie is therapie dat gericht is op het verbeteren van de
communicatieve vaardigheden.
-Stoornisgerichte therapie is therapie dat gericht is om de aangetaste functies zoveel
mogelijk te herstellen.
Ook al is taalbegrip licht gestoord en taalproductie ernstig, dan is de prioriteit behandelen op
beide onderdelen.
Anamnese.
De anamnese wordt ingedeeld op de drie onderdelen van ICF. Onder functie/ stoornis
behoren taalreceptie, taalexpressie en verbale praxis. Onder activiteit behoort communicatief
begrijpen en uiten, ook wel omgang met de taalmodaliteiten. En onder participatie valt
tussenmenselijke interacties, belangrijke levensgebieden en maatschappelijk, sociaal en
burgerlijk leven.
Functie/ stoornis
Wat is uw klacht?
Heeft u nog andere klachten die van belang zijn?
Heeft u problemen met lezen en/ of schrijven?
Kunt u een 1-op-1-gesprek goed volgen?
En een gesprek in een groter gezelschap?
Heeft u op dit moment moeite om op woorden te komen?
Activiteiten
Raakt u gefrustreerd als u niet wordt begrepen?
Participatie
Heeft u moeilijkheden met uitoefenen van uw beroep en/ of hobby?
Hoe verloopt de communicatie met uw omgeving?
Meetinstrumenten.
-AAT*: Akense Afasie Test.
Acute fase. Vaststellen van afasie, bepalen van ernst in verschillende
taalmodaliteiten, classificatie in vier hoofdtypen afasie en beoordeling van verloop.
Bevat spontane taalproductie, Token Test, naspreken, schrijftaal, benoemen en
taalbegrip. Duur is uur tot anderhalf uur.
-ASTA: Analyse van de Spontane Taal bij Afasiepatiënten.
Objectief meten van spontane taal en aanknopingspunt voor vervolgonderzoek en
opzet van therapie.
-ANTAT*: Amsterdam-Nijmegen Test voor Alledaagse Taalvaardigheid.
Acute en chronische fase. Vaststellen afasie en test verbale communicatieve
vaardigheden en meten van herstelprocessen. Het bevat 10 alledaagse scenario’s.
-Anomix.
Boek gericht op het trainen en oefenen van woordvindingsproblemen. Bedoeld voor
amnestische afasie, conductieafasie, afasie van Broca en gemengde afasie.
-ATP: Auditief Taalbegripsprogramma.