Theorieën die menselijk gedrag verklaren (de eerste drie bestuderen het individu, de
vierde bestudeert het individu in zijn omgeving) :
1. Psychoanalyse (Freud)
Psychologie van het innerlijk.
Het vinden van een middenweg tussen het lustprincipe (genieten van het leven) en het
realiteitsprincipe (er zijn grenzen in de samenleving).
Psychoanalytische theorie= Behandelt dynamiek van psychische processen
(onbewust, bepaald door verdringing van afweermechanismen).
Psychoanalytische therapie= Psychische beïnvloedingsmiddelen worden gebruikt om
stoornissen te vinden en op te heffen.
Aspecten van de theorie:
- Ontwikkelingsfasen: Oraal, anaal, fallisch / genitaal.
(fase moet goed afgerond worden, anders: persoonlijkheidsstoornis /aandoening).
- Persoonlijkheidsmodel: Es, Ich, Über-ich.
Es: driften, Ich: sturend en coördinerend, Über-ich: sociale controle.
- Onbewust: Er leeft veel in ons waarvan wij ons niet bewust zijn.
(psychoanalytische therapie bewust worden van het onbewuste).
2. Behaviorisme
Psychologie van het uiterlijk waarneembare.
Men is geboren als een onbeschreven blad, alles wordt aangeleerd.
Pavlov: klassieke conditionering.
Skinner: operante conditionering.
Gedragstherapie= Gewenst gedrag aanleren en ongewenst gedrag afleren (bijv. fobie).
3. Humanistische psychologie
De mens heeft een aangeboren behoefte om zich te ontplooien. De nadruk ligt op de
mogelijkheden van de mens.
Wanneer iemand ziek is, wordt de ziekte beschouwd als een overgangsmoment naar een
hogere vorm van bestaan.
Maslow: wat kunnen mensen en wat zijn de grenzen van hun mogelijkheden?
Behoeftehiërarchie:
1. Fysieke behoeften
2. Behoefte aan veiligheid
3. Behoefte aan liefde
4. Behoefte aan erkenning & waardering
5. Behoefte aan groei en zelfverwezenlijking (zelfkennis)
De eerste 4 behoeften: deficiëntiebehoeften= Behoeften die tijdelijk bevredigd kunnen
worden, daarna is er een tekort.
Rogers: client centered= De cliënt krijgt weer greep op de situatie door eigen inzicht en
eigen kracht.
Kennistheorie= Wat is ware kennis? 2 stromingen:
- Realisme= Kennis van de werkelijkheid door het onderzoeken van objecten
(objectieve kennis).
- Constructivisme= De werkelijkheid wordt door onze gedachten zelf gemaakt
(subjectieve kennis).
4. Systeemtheorie (Von Bertalanffy).