Organen in je lichaam die elders in het lichaam organen en weefsels activeren noem je
hormoonklieren. Hormoonklieren maken daartoe een stof, een hormoon en geven die af aan
het bloed. Deze hormonen activeren alleen de cellen met een passende receptor voor dat
hormoon. Hormonen werken dus alleen bij hun doelwitorganen en -weefsels.
Klieren die producten maken die in het uitwendige milieu terechtkomen noem je exocriene
klieren, bv zweet- en verteringsklieren. Hormoonklieren werken endocrien: hun producten
worden afgegeven aan het bloed.
In de doelwitorganen en -weefsels beïnvloeden hormonen processen. Hormoonklier
hypofyse regelt deze processen. Het ligt onder de grote hersenen. Boven hypofyse bevindt
zich hypothalamus, onderdeel van de hersenen dat het endocriene stelsel van je lichaam
controleert.
Als reactie op informatie uit het lichaam activeren bepaalde neuronen uit de hypothalamus
via releasing-hormonen(RH’s) de hypofysevoorkwab. releasing-hormonen uit de
hypothalamus zetten de cellen van de hypofysevoorkwab aan tot de productie van diverse
hormonen, die via het bloed hun doelwitorganen bereiken. (Hypofyse bestaat uit een
voorkwab en een achterkwab)(BT89A, C).
Andere neuronen van de hypothalamus geven inhibiting-hormonen(IH’s) af die de productie
van hormonen door de hypofyse remmen.
De hypothalamus maakt de neurhormonen oxytocine en ADH. De hypofyseachterkwab geeft
ze af aan het bloed, waarna de hormonen hun werk kunnen doen bij de doelwitorganen.
FSH activeert de eierstokken → follikels groeien en hervatten de primaire oöcyten,
voorlopers van de cellen en meiose(BT86D) → hormonen uit de follikels zorgen voor juister
verdeling van chromosomen, dit gebeurt meestal onder invloed van het hormoon oestradiol.
→ stimuleert de ontwikkeling van vrouwelijke secundaire geslachtskenmerken(BT89A) en
beïnvloedt de botstructuur.
13.2
Gedurende heel je leven geeft de hypothalamus groeihormoon releasing hormoon(GRH of
GHRH) af(BT89A C) Deze stof leidt in de hypofyse tot de afgifte van groeihormoon, GH:
stimuleert kraakbeenceldeling. GH werkt indirect: het werkt via de lever. Lever maakt de stof
IGF: in de kindertijd werkt het in groeischijven in pijpbeenderen, kraakbeencellen van
groeischijven differentiëren topt botcellen, na de puberteit verdwijnen de groeischijven: einde
van groei.
Reactie op stress loopt in stappen(BT89A,C). In stappen beïnvloeden de hersenen een
aantal processen. Geactiveerd door een releasing-hormoon uit de hypothalamus(hersenen)
komen hormonen als GH(groeihormoon) en ACTH(adrenocorticotroop hormoon) vrij uit de
hypofyse. Deze hormonen prikkelen verschillende hormoonklieren die op hun beurt via eigen
hormonen hun doelwitweefsels activeren.
Doelwitcellen bezitten de juiste receptor voor een bepaald hormoon. Hydrofobe
steroidhormonen, gemaakt uit cholesterol(BT67K), bewegen relatief gemakkelijk door het
celmembraan. Bv. oestradiol, testosteron en cortisonen, vitamine D(pre-hormoon van