Recht&Maatschappij
Hoorcollege 6: De sociale werking van regels
John Griffiths is op zoek gegaan naar een alternatief voor het rechtsinstrumentalisme.
Introductie
Hoofdvraag = hoe en onder welke voorwaarden kunnen regels het gedrag van
mensen beïnvloeden? ‘’witte akker, zwart zaad’’ (inkt op papier) Deze vraag
staat tegenover de impliciete aanname dat het recht effectief is
Geloof in effectiviteit van wetgeving versus
Hoe kan wetgeving ooit enig effect hebben als inkt op papier? De dualiteit tussen het
geloof in effectiviteit en het ongeloof in de werking van normen in de samenleving is
het uitgangspunt van John Griffiths in zijn ‘’Theorie van de sociale werking’’.
Inzicht in werking van regels in alledaagse situaties kan ons op weg helpen: vb.
stiltecoupé. De norm dat je stil moet zijn, werkt blijkbaar niet vanzelf maar moet
gemobiliseerd/geactiveerd worden door anderen. Dit gebeurt door iemand die de
regel kent en die erop staat dat de regel wordt nageleefd. Secundaire mobilisering!
Doelstelling: een aanzet tot ontwikkeling van een theorie over de werking van regels
Beperking: primaire gedragsregels (bv. Geen faciliterende wetgeving, geen formeel
recht) er zijn heel veel verschillende soorten regelgeving, maar het gaat hier echt
om die wetten die het gedrag van mensen aansturen
Deze theorie, de sociale werking van regels, is in essentie een fijngeregelde versie
van de theorie van het semi-autonome sociale veld je hebt heel veel verschillende
velden die met elkaar in competitie treden en dat is iets waar John Griffiths zich op
richt (kritiek op Moore)
Sociale effecten (*) van regels
Verwar de sociale effecten niet met de typen van regels!
Directe en indirecte effecten
Directe effecten
- De regel is het motief voor het gedrag
- Regelgeleid gedrag
Indirecte effecten
- De maatschappelijke effecten van het naleven van de regel
Hoorcollege 6: De sociale werking van regels
John Griffiths is op zoek gegaan naar een alternatief voor het rechtsinstrumentalisme.
Introductie
Hoofdvraag = hoe en onder welke voorwaarden kunnen regels het gedrag van
mensen beïnvloeden? ‘’witte akker, zwart zaad’’ (inkt op papier) Deze vraag
staat tegenover de impliciete aanname dat het recht effectief is
Geloof in effectiviteit van wetgeving versus
Hoe kan wetgeving ooit enig effect hebben als inkt op papier? De dualiteit tussen het
geloof in effectiviteit en het ongeloof in de werking van normen in de samenleving is
het uitgangspunt van John Griffiths in zijn ‘’Theorie van de sociale werking’’.
Inzicht in werking van regels in alledaagse situaties kan ons op weg helpen: vb.
stiltecoupé. De norm dat je stil moet zijn, werkt blijkbaar niet vanzelf maar moet
gemobiliseerd/geactiveerd worden door anderen. Dit gebeurt door iemand die de
regel kent en die erop staat dat de regel wordt nageleefd. Secundaire mobilisering!
Doelstelling: een aanzet tot ontwikkeling van een theorie over de werking van regels
Beperking: primaire gedragsregels (bv. Geen faciliterende wetgeving, geen formeel
recht) er zijn heel veel verschillende soorten regelgeving, maar het gaat hier echt
om die wetten die het gedrag van mensen aansturen
Deze theorie, de sociale werking van regels, is in essentie een fijngeregelde versie
van de theorie van het semi-autonome sociale veld je hebt heel veel verschillende
velden die met elkaar in competitie treden en dat is iets waar John Griffiths zich op
richt (kritiek op Moore)
Sociale effecten (*) van regels
Verwar de sociale effecten niet met de typen van regels!
Directe en indirecte effecten
Directe effecten
- De regel is het motief voor het gedrag
- Regelgeleid gedrag
Indirecte effecten
- De maatschappelijke effecten van het naleven van de regel