Recht & Maatschappij
Hoorcollege 3: De instrumentele functie van het recht
Vandaag in detail:
Instrumentalisme en de historische ontwikkeling van de verzorgingsstaat
Ideologisch achtergrond
Vijf klassieke kenmerken
Een metafoor uit de architectuur
Zeven impliciete premissen
De instrumentele functie
Kritiek op instrumentalisme
- Inleiding via architectuur
- Kritiek op vijf kenmerken
- Kritiek op impliciete premissen
- Naar een alternatief
Instrumentalisme: hét instrument van de moderne verzorgingsstaat
NL, 1874: kinderwetje (verbod op kinderarbeid onder 12 jaar) eerste instrumentalistische
juridische insteek in Nederland
NL, 1901: leerplichtwet
Het idee dat de overheid zich gaat bemoeien met de economie en de inrichting van het
familieleven was totaal ongezien, want de eeuwen daarvoor werd de natiestaat vooral
gestuurd vanuit het idee van de «laissez-faire».
Versus
Nachtwakerstaat:
«laissez-faire»
«Sociaal Darwinisme» (Herbert Spencer) de zwakkere groepen in de samenleving
zullen vanzelf uitsterven en de elite blijft overeind, dus uiteindelijk houd je een sterke
samenleving over
Instrumentalisme: materiële en morele grondslagen van de verzorgingsstaat
WO II: welfare state versus warfare state
UK: Wiliam Henry Beveridge (econoom en sociaal hervormer): hij had een plan
gemaakt om de Engelse samenleving weer op te bouwen na de oorlog. Dat idee
heeft alle westerse welvaartsstaten geïnspireerd.
- Social Insurances and allied Services (1942)
- Full employment in a free society (1944)
NL: Van Rhijn: Sociale Zekerheid (1945)
Sociaal en economisch overheidsingrijpen en ordenende wetgeving zijn eisen van
christelijke ethiek
Doelstellingen van naoorlogse hervorming
Korte termijndoelstellingen (cfr. oorlog): herstel banale voorzieningen
Lange termijndoelstellingen:
- Bestaanszekerheid voor diegenen die niet aan het arbeidsproces kunnen
deelnemen (wegens ouderdom, ziekte, zwangerschap)
- Medische zorg voor allen
- Huisvesting voor allen
- Voldoende onderwijs
- Full employment: genoeg banen (om de doelstellingen te betalen)
Hoorcollege 3: De instrumentele functie van het recht
Vandaag in detail:
Instrumentalisme en de historische ontwikkeling van de verzorgingsstaat
Ideologisch achtergrond
Vijf klassieke kenmerken
Een metafoor uit de architectuur
Zeven impliciete premissen
De instrumentele functie
Kritiek op instrumentalisme
- Inleiding via architectuur
- Kritiek op vijf kenmerken
- Kritiek op impliciete premissen
- Naar een alternatief
Instrumentalisme: hét instrument van de moderne verzorgingsstaat
NL, 1874: kinderwetje (verbod op kinderarbeid onder 12 jaar) eerste instrumentalistische
juridische insteek in Nederland
NL, 1901: leerplichtwet
Het idee dat de overheid zich gaat bemoeien met de economie en de inrichting van het
familieleven was totaal ongezien, want de eeuwen daarvoor werd de natiestaat vooral
gestuurd vanuit het idee van de «laissez-faire».
Versus
Nachtwakerstaat:
«laissez-faire»
«Sociaal Darwinisme» (Herbert Spencer) de zwakkere groepen in de samenleving
zullen vanzelf uitsterven en de elite blijft overeind, dus uiteindelijk houd je een sterke
samenleving over
Instrumentalisme: materiële en morele grondslagen van de verzorgingsstaat
WO II: welfare state versus warfare state
UK: Wiliam Henry Beveridge (econoom en sociaal hervormer): hij had een plan
gemaakt om de Engelse samenleving weer op te bouwen na de oorlog. Dat idee
heeft alle westerse welvaartsstaten geïnspireerd.
- Social Insurances and allied Services (1942)
- Full employment in a free society (1944)
NL: Van Rhijn: Sociale Zekerheid (1945)
Sociaal en economisch overheidsingrijpen en ordenende wetgeving zijn eisen van
christelijke ethiek
Doelstellingen van naoorlogse hervorming
Korte termijndoelstellingen (cfr. oorlog): herstel banale voorzieningen
Lange termijndoelstellingen:
- Bestaanszekerheid voor diegenen die niet aan het arbeidsproces kunnen
deelnemen (wegens ouderdom, ziekte, zwangerschap)
- Medische zorg voor allen
- Huisvesting voor allen
- Voldoende onderwijs
- Full employment: genoeg banen (om de doelstellingen te betalen)