KERNTAAK 1
SITA FERKET
AVANS HOGESCHOOL
2022
,WERKGROEP 1
• De student is op de hoogte van de symptomen, diagnostiek, prognose en behandeling bij
decompensatio cordis.
• De student kan uitleggen welke verpleegkundige diagnoses vaak voorkomen bij
zorgvragers met decompensatio cordis.
• De student is op de hoogte van de diverse specialismen in een ziekenhuis.
• De student maakt een vergelijking tussen de verschillende methoden voor het klinisch
redeneren.
• De student onderzoekt wat de stappen van het klinisch redeneren volgens ProActive
Nursing inhouden.
CASUS MEVROUW VAN DER WAL:
Myocardinfarct = hartinfarct
Dotteren = een manier om vernauwing in een bloedvat op te heffen.
Aneurysma = een deel van een bloedvat is verwijd. Het bloedvat is minimaal 1,5 keer wijder dan normaal.
Stent = een metalen of kunststof buisje dat in medische toepassingen in een vat of kanaal in het lichaam van
een patiënt wordt geplaatst.
Kritieke ischemie = een aandoening waarbij er te weinig bloed door de slagaders naar de voeten toe kan
stromen.
Decompensatio cordis = hartfalen
Furosemide = plastablet
Temazepam = slaap en angst tablet
Metoprolol = bloeddrukverlagend
Simvastatine = cholesterol verlaging
Clopidogrel = bloed klontert minder makkelijk samen (antistollingsmedicijn), trombose voorkomen
Lisinopril = Bloeddrukverlagend
Ascal = vermindert pijn, remt ontstekingen en verlaagt koorts
KENNISCLIP: INTRODUCTIE LEERPAKKET
KT1 = klinisch redeneren volgens proactive nursing in het ziekenhuis
KT2 = patiëntveiligheid in het ziekenhuis
KT3 = hoe voer je een gesprek en rekening houden met adaptieve opgaven
KT4 = verpleegkundig rekenen toepassen bij medicijnen klaarmaken
KT5 = VHT: zwachtelen, bloedsuikerprikken, insuline spuiten, epidurale pijnbestrijding
KENNISCLIP: KLINISCH REDENEREN VOLGENS PROACTIVE NURSING
• Uitleggen wat klinisch redeneren volgens ‘ProActive Nursing’ inhoudt;
• Toelichten wat de zes stappen bij ‘ProActive Nursing’ inhouden;
• Uitleggen wat het verband is tussen ‘ProActive Nursing’ en het verpleegkundig proces;
• Uitleggen wat de verschillen én overeenkomsten zijn tussen de diverse methoden voor
klinisch redeneren.
Klinisch redeneren is het continue proces van gegevensverzameling en analyse gericht op vragen
en problemen van een individu en diens naasten, in relatie tot ziekte en gezondheid
,Doel:
• Problemen op fysiek, psychisch, sociaal, spiritueel en functioneel gebied systematisch in
kaart brengen, analyseren, monitoren en eventueel oplossen
• Besluitvorming op methodische en evidence based wijze.
Proactive nursing = niet Evidence Based, is in alle settings te gebruiken
, 6 stappen:
1. Oriëntatie op de situatie → klinische blik vertalen, wie is je patiënt en wat is er aan de
hand
2. Klinische problematiek inzichtelijk maken → wat gebeurt er fysiologisch aan het lichaam
3. Aanvullend onderzoek → met zekerheid vaststellen wat het probleem is
4. Klinisch beleid → wat is er nodig om het probleem op te lossen
5. Klinisch verloop → je wil de verwachtingen uit kunnen spreken over hoe de prognose is.
Kijken hoe de ziekte in gunstig en ongunstig geval gaat verlopen.
6. Nabeschouwing → reflecteren en bedenken wat je ziet en wat je hebt geleerd