Probleem 4
DSM-V
Hoofdkenmerk separatieangststoornis: een overmatige angst of vrees voor een scheiding van thuis of van
hechtingspersonen, meestal de moeder. Grotere angst dan wat op grond van de ontwikkelingsfase van de
betrokkene kan worden verwacht.
Bij kinderen kan separatieangststoornis leiden tot schoolweigering, wat kan leiden tot moeilijkheden
op school en sociaal isolement.
Prevalentie. Het hoogst tijdens kinderjaren, neemt af tijdens adolescentie, en laagste niveau op volwassen
leeftijd. In klinische steekproeven bestaande uit kinderen, stoornis evenveel bij jongens en meisjes. In
bevolking als geheel, stoornis vaker bij meisjes en vrouwen.
Ontwikkeling en beloop. Perioden voor verhoogde angst voor scheiding van hechtingspersonen horen bij de
normale vroege ontwikkeling en kunnen een signaal zijn voor de ontwikkeling van veilige gehechtheidsrelaties.
De manier waarop de separatieangststoornis zich manifesteert, varieert afhankelijk van de leeftijd.
Mash, E. J., & Wolfe, D. A. (2002). Separation Anxiety Disorder
7 maanden tot schooljaren, alle kinderen maken zich druk te worden gescheiden van hun ouders o.i.d.. Gebrek
aan separatieangst misschien onveilige hechting of andere problemen. Separation anxiety disorder (SAD) als
angst minstens 4 weken aanhoudt en ernstig genoeg is om normale dagelijkse routines te verstoren.
Prevalentie en comorbiditeit. Separation anxiety disorder meest voorkomende angststoornis bij kinderen, in
10% van alle kinderen. Even vaak in jongens en meisjes. Maar als genderverschillen gevonden, neigen ze naar
meisjes. Meeste kinderen met SAD hebben een andere angst, meestal generalized anxiety disorder. 1/3
depressieve stoornis binnen enkele maanden na begin SAD. Ook specifieke angsten voor verdwalen, of voor
het donker. School tegenzin of weigering in oudere kinderen met SAD.
Begin, verloop, en uitkomst. SAD verloopt meestal van mild naar ernstig. Kan beginnen met onschadelijke
vragen of klachten, zoals onrustige slaap of nachtmerries, naar het punt waar het kind ’s nachts slaapt in het
bed van ouders.
SAD kan een chronisch begin hebben of plotseling verschijnen. SAD vaak na major stress, zoals
verhuizen naar een nieuwe buurt, een nieuwe school betreden, dood of ziekte in de familie, of een lange
vakantie. Symptomen van SAD kunnen fluctueren over de jaren als functie van stress en overgangen in het
leven.
Kinderen met SAD redelijk sociaal vaardig, kunnen overweg met anderen, en worden niet gehaat door
leeftijdsgenoten. Schoolprestatie kan lijden als gevolg van veel schoolafwezigheden.
School tegenzin en weigering
School refusal behavior: weigering om lessen te volgen of moeite om een hele dag op school te blijven. Even
vaak in jongens en meisjes en meestal tussen 5 en 11 jarige leeftijd. School weigering kan op elk moment en
kan een plotseling begin op latere leeftijd hebben. Volgt vaak een periode thuis waarin het kind meer tijd met
een ouder heeft doorgebracht dan normaal. Of volgt een stressvol event zoals verandering van scholen, een
ongeluk, of dood van een familielid of huisdier.
Voor veel kinderen is angst voor school een angst voor het verlaten van hun ouders – separatieangst.
Maar verschillende redenen. Gemiddelde of boven gemiddelde intelligentie, dus geen moeite met academici.
Angst voor school soms geassocieerd met voor het eerst onderwerping aan autoriteit en regels buiten het huis,
worden vergeleken met onbekende kinderen, en dreiging van falen ervaren. Soms bang te worden bespot,
geplaagd of gepest door andere kinderen of te worden bekritiseerd of gedisciplineerd door hun leraar. Of angst
resulteert uit een overdreven of irrationele angst om sociaal geëvalueerd of in verlegenheid gebracht te
worden.
Mogelijke lange-termijn gevolgen zonder hulp. Academische of sociale problemen door gemiste
instructies en peer-interactie. Behandeling benadrukt onmiddellijke terugkeer naar school en andere routines.
Cognitieve gedragsbehandeling, zelf en met antidepressieve medicatie, ook succes.
Dick-Niederhauser, A., & Silverman, W.K. (2006). Separation anxiety disorder
Separatieangst een kenmerk van normale ontwikkeling of een symptoom van een angststoornis. Klinisch
DSM-V
Hoofdkenmerk separatieangststoornis: een overmatige angst of vrees voor een scheiding van thuis of van
hechtingspersonen, meestal de moeder. Grotere angst dan wat op grond van de ontwikkelingsfase van de
betrokkene kan worden verwacht.
Bij kinderen kan separatieangststoornis leiden tot schoolweigering, wat kan leiden tot moeilijkheden
op school en sociaal isolement.
Prevalentie. Het hoogst tijdens kinderjaren, neemt af tijdens adolescentie, en laagste niveau op volwassen
leeftijd. In klinische steekproeven bestaande uit kinderen, stoornis evenveel bij jongens en meisjes. In
bevolking als geheel, stoornis vaker bij meisjes en vrouwen.
Ontwikkeling en beloop. Perioden voor verhoogde angst voor scheiding van hechtingspersonen horen bij de
normale vroege ontwikkeling en kunnen een signaal zijn voor de ontwikkeling van veilige gehechtheidsrelaties.
De manier waarop de separatieangststoornis zich manifesteert, varieert afhankelijk van de leeftijd.
Mash, E. J., & Wolfe, D. A. (2002). Separation Anxiety Disorder
7 maanden tot schooljaren, alle kinderen maken zich druk te worden gescheiden van hun ouders o.i.d.. Gebrek
aan separatieangst misschien onveilige hechting of andere problemen. Separation anxiety disorder (SAD) als
angst minstens 4 weken aanhoudt en ernstig genoeg is om normale dagelijkse routines te verstoren.
Prevalentie en comorbiditeit. Separation anxiety disorder meest voorkomende angststoornis bij kinderen, in
10% van alle kinderen. Even vaak in jongens en meisjes. Maar als genderverschillen gevonden, neigen ze naar
meisjes. Meeste kinderen met SAD hebben een andere angst, meestal generalized anxiety disorder. 1/3
depressieve stoornis binnen enkele maanden na begin SAD. Ook specifieke angsten voor verdwalen, of voor
het donker. School tegenzin of weigering in oudere kinderen met SAD.
Begin, verloop, en uitkomst. SAD verloopt meestal van mild naar ernstig. Kan beginnen met onschadelijke
vragen of klachten, zoals onrustige slaap of nachtmerries, naar het punt waar het kind ’s nachts slaapt in het
bed van ouders.
SAD kan een chronisch begin hebben of plotseling verschijnen. SAD vaak na major stress, zoals
verhuizen naar een nieuwe buurt, een nieuwe school betreden, dood of ziekte in de familie, of een lange
vakantie. Symptomen van SAD kunnen fluctueren over de jaren als functie van stress en overgangen in het
leven.
Kinderen met SAD redelijk sociaal vaardig, kunnen overweg met anderen, en worden niet gehaat door
leeftijdsgenoten. Schoolprestatie kan lijden als gevolg van veel schoolafwezigheden.
School tegenzin en weigering
School refusal behavior: weigering om lessen te volgen of moeite om een hele dag op school te blijven. Even
vaak in jongens en meisjes en meestal tussen 5 en 11 jarige leeftijd. School weigering kan op elk moment en
kan een plotseling begin op latere leeftijd hebben. Volgt vaak een periode thuis waarin het kind meer tijd met
een ouder heeft doorgebracht dan normaal. Of volgt een stressvol event zoals verandering van scholen, een
ongeluk, of dood van een familielid of huisdier.
Voor veel kinderen is angst voor school een angst voor het verlaten van hun ouders – separatieangst.
Maar verschillende redenen. Gemiddelde of boven gemiddelde intelligentie, dus geen moeite met academici.
Angst voor school soms geassocieerd met voor het eerst onderwerping aan autoriteit en regels buiten het huis,
worden vergeleken met onbekende kinderen, en dreiging van falen ervaren. Soms bang te worden bespot,
geplaagd of gepest door andere kinderen of te worden bekritiseerd of gedisciplineerd door hun leraar. Of angst
resulteert uit een overdreven of irrationele angst om sociaal geëvalueerd of in verlegenheid gebracht te
worden.
Mogelijke lange-termijn gevolgen zonder hulp. Academische of sociale problemen door gemiste
instructies en peer-interactie. Behandeling benadrukt onmiddellijke terugkeer naar school en andere routines.
Cognitieve gedragsbehandeling, zelf en met antidepressieve medicatie, ook succes.
Dick-Niederhauser, A., & Silverman, W.K. (2006). Separation anxiety disorder
Separatieangst een kenmerk van normale ontwikkeling of een symptoom van een angststoornis. Klinisch