10.7.5 Vrije School-onderwijs (rood 255, groen 51, blauw 153)
Inleiding De Vrije School is ontstaan vanuit het antroposofische denken.
Rudolf Steiner is hier een initiatiefnemer in geweest. Steiner leefde van 1861 tot 1925,
en heeft tijdens zijn leven natuurwetenschappen, literatuurgeschiedenis en filosofie
gestudeerd in Wenen.
Hij maakte studie van Goethes kennistheoretische principes waarbij de vraag centraal
staat hoe de mens kennis verwerft. Steiner was van mening dat de mens niet slechts
via zintuigelijke waarneming aan kennis komt, maar dat bovenzinnelijke ervaringen ook
daartoe bijdragen.
In 1902 sloot Steiner zich aan bij de Theosofische Gesellschaft, een beweging die de
nadruk legde op de traditionele occulte overlevering, terwijl Steiner een eigen
bovenzintuiglijke waarneming belangrijker vond. In 1913 leidde dit tot een breuk,
Steiner en zijn aanhangers werden uit het Gesellschaft gezet, omdat ze het
Antroposofische Gesellschaft hadden opgericht.
Na de Eerste Wereldoorlog, werkte Rudolf Steiner hard aan de verspreiding van de
antroposofische ideeën in combinatie met een sociale vernieuwing. Steiner hield
voordrachten op scholen en in fabrieken. De arbeiders van de Waldorf-Astoriafabriek in
Stuttgart vroegen aan Steiner om een school voor hun kinderen op te richten.
Deze ‘Waldorfschule’ werd de eerste school die werkte volgens de antroposofische
principes van Rudolf Steiner. De principes werkten uiteindelijk niet alleen door in de
opvoeding en het onderwijs, maar ook onder andere in de geneeskunst en in de
landbouw.
In 1923 werd de eerste Vrije School van Nederland in Den Haag gesticht. Amsterdam
en Zeist volgden 10 jaar later. De Vrije Scholen zijn verenigd in de Vereniging van
Vrijescholen. In Leiden en Zeist kun je lerarenopleidingen volgen die opleiden tot een
leraar voor het Vrije School-onderwijs.
Uitgangspunten De antroposofie is een geesteswetenschap die men direct op diverse
gebieden kan toepassen, o.a. in de opvoeding, in het onderwijs, in de geneeskunst en
in de landbouw. In de antroposofie is de ontwikkeling van het kenvermogen onderdeel
van de ontwikkeling van de mens zelf.
De ontwikkeling van de mens vindt plaats in een evenwichtig samenspel van
wilscomponenten, emotionele componenten en cognitieve componenten.
De componenten brengt Rudolf Steiner in verband met ‘lichaamsorganen’.
De wilscomponent wordt verbonden met het systeem van de stofwisseling en de
ledematen.
De emotionele component is betrokken op de ademhaling en de bloedsomloop.
De cognitieve component heeft betrekking op het zenuw-zintuigsysteem.
Inleiding De Vrije School is ontstaan vanuit het antroposofische denken.
Rudolf Steiner is hier een initiatiefnemer in geweest. Steiner leefde van 1861 tot 1925,
en heeft tijdens zijn leven natuurwetenschappen, literatuurgeschiedenis en filosofie
gestudeerd in Wenen.
Hij maakte studie van Goethes kennistheoretische principes waarbij de vraag centraal
staat hoe de mens kennis verwerft. Steiner was van mening dat de mens niet slechts
via zintuigelijke waarneming aan kennis komt, maar dat bovenzinnelijke ervaringen ook
daartoe bijdragen.
In 1902 sloot Steiner zich aan bij de Theosofische Gesellschaft, een beweging die de
nadruk legde op de traditionele occulte overlevering, terwijl Steiner een eigen
bovenzintuiglijke waarneming belangrijker vond. In 1913 leidde dit tot een breuk,
Steiner en zijn aanhangers werden uit het Gesellschaft gezet, omdat ze het
Antroposofische Gesellschaft hadden opgericht.
Na de Eerste Wereldoorlog, werkte Rudolf Steiner hard aan de verspreiding van de
antroposofische ideeën in combinatie met een sociale vernieuwing. Steiner hield
voordrachten op scholen en in fabrieken. De arbeiders van de Waldorf-Astoriafabriek in
Stuttgart vroegen aan Steiner om een school voor hun kinderen op te richten.
Deze ‘Waldorfschule’ werd de eerste school die werkte volgens de antroposofische
principes van Rudolf Steiner. De principes werkten uiteindelijk niet alleen door in de
opvoeding en het onderwijs, maar ook onder andere in de geneeskunst en in de
landbouw.
In 1923 werd de eerste Vrije School van Nederland in Den Haag gesticht. Amsterdam
en Zeist volgden 10 jaar later. De Vrije Scholen zijn verenigd in de Vereniging van
Vrijescholen. In Leiden en Zeist kun je lerarenopleidingen volgen die opleiden tot een
leraar voor het Vrije School-onderwijs.
Uitgangspunten De antroposofie is een geesteswetenschap die men direct op diverse
gebieden kan toepassen, o.a. in de opvoeding, in het onderwijs, in de geneeskunst en
in de landbouw. In de antroposofie is de ontwikkeling van het kenvermogen onderdeel
van de ontwikkeling van de mens zelf.
De ontwikkeling van de mens vindt plaats in een evenwichtig samenspel van
wilscomponenten, emotionele componenten en cognitieve componenten.
De componenten brengt Rudolf Steiner in verband met ‘lichaamsorganen’.
De wilscomponent wordt verbonden met het systeem van de stofwisseling en de
ledematen.
De emotionele component is betrokken op de ademhaling en de bloedsomloop.
De cognitieve component heeft betrekking op het zenuw-zintuigsysteem.