Leerdoelen:
- Wat zijn kenmerken van het gezin van vroeger?
- Wat zijn kenmerken van het huidige gezin?
- Hoe zijn de vroege gezinnen veranderd naar moderne gezinnen?
- Welke risico- en protectieve factoren zijn, in moderne Nederlandse gezinnen, van invloed
op het opvoedingsgedrag en uiteindelijk op het kind?
- Eerste demografische transitie
- Tweede demografische transitie
Bronnen: Artikelen Eduweb, Brinkgreve
Leestip: niet te veel over opvoedingsstijlen
Wat zijn kenmerken van het gezin van vroeger?
Van Poppel (2012)
De Familie Doorsnee als doorsnee familie
Het prototype van het traditionele kerngezin: twee met elkaar gehuwde, en met elkaar
gehuwd blijvende ouders en een beperkt aantal in het huwelijk geboren kinderen.
Dit traditionele kerngezin is echter aan het uitsterven en de oorzaak hiervan ziet men in de
revolutie in de demografische verhoudingen vanaf het midden van de jaren zestig:
ongehuwd samenwonen en het krijgen van kinderen buiten een huwelijksrelatie werden
populair, echtscheidingen namen toe en na relatieontbinding werd in veel gevallen een
nieuwe relatie aangegaan ‘De familie Doorsnee (is) ingeruild voor ‘de familie Knots, waarin
alle relatieverbanden mogelijk zijn’.
Boek Hoofdstuk 9 – Brinkgreve
Inleiding
Belangrijke vragen in dit hoofdstuk:
- Wat maakt het moderne ouderschap tot zo’n complexe onderneming?
- En waarin verschilt het huidige ouderschap van het vroegere?
Ouderschap en opvoeding in vroeger tijden
Gezinnen vóór de industriële revolutie: mensen stierven jonger, gezinnen waren
kinderrijk, maar ook kindersterfte was groot.
- Het ouderschap was anders ouderlijke zorg was gericht op het overleven en
overdragen van kennis en vaardigheden voor het werk op het land of in het
huishouden. De zorg was materieel gericht: de zorg voor voedsel, kleding, onderdak,
verwarming.
- Mannen hadden gezag over vrouwen, ouders over hun kinderen.
- Er was weinig aandacht voor de psychologische ontwikkeling van kinderen. Een eigen wil
werd niet erg op prijs gesteld. De ontwikkelingskansen waren voor de meeste mensen
beperkt.
- De omstandigheden lagen goeddeels vast, het lot en de traditie bepaalden voor een groot
deel het leven van mensen.
1
, - Religie speelde een grote rol in de denk- en belevingswereld van mensen en religieuze
voorschriften bepaalden voor een belangrijk deel hun doen en laten. De samenleving was
sterk hiërarchisch geordend, de stands- en later klassenverschillen waren aanzienlijk
en de gezagsverhoudingen vanzelfsprekend.
- Mannen hadden gezag over vrouwen, ouders over hun kinderen. Mannen en vrouwen
hadden verschillende taken: vrouwen waren gericht op huis, erf en kinderen, mannen
deden het zwaardere werk op het land of in de ambachten die ze beoefenden.
- Maar de scheidslijnen tussen het vrouwendomein en het mannendomein waren minder
scherp dan midden 20ste eeuw het geval zou zijn. Op boerderijen en in ambachtelijke
bedrijven werkten mannen en vrouwen vaak samen, al hadden ze wel andere taken. Pas
bij opkomst van de industriële samenleving gingen mannen buitenshuis werken, in de
fabriek en later op kantoor, en kregen mannen en vrouwen veel meer aparte werelden
(Zwaan, 1993).
Begin 20e eeuw:
- Vanaf begin 20e eeuw gingen steeds meer mannen de kost verdienen en bleven
vrouwen thuis om voor de kinderen te zorgen. Maar door armoede moesten vaak ook
moeders buitenshuis werken weinig tijd en aandacht voor de kinderen.
- Ouders brachten hun kinderen gehoorzaamheid bij aan regels en voorschriften, de
opvoeding was gericht op orde en discipline.
Rond 1950:
- Postindustriële dienstensamenleving sterk geürbaniseerd, het onderwijsniveau is
gestegen, de gezondheidszorg is verbeterd.
- Het nieuwe standaard gezinspatroon: mensen trouwden, kregen kinderen, vrouwen
werkten tot er kinderen kwamen; dan hielden ze ermee op als ze zich dat financieel
konden veroorloven en werden fulltime huisvrouw. Mannen waren kostwinner. Dit werd
het standaardpatroon, en dat zou het voor langere tijd blijven. Het was dit patroon
waartegen latere feministes zich krachtig tegen zouden verzetten.
Wat zijn de kenmerken van huidige gezinnen?
Artikel De Graaf (2011)
Inleiding
Verschillende soorten gezinnen:
- Traditionele gezin: vader, moeder en kinderen.
- Eenoudergezin: gezin met maar één ouder.
- Stiefgezin: één van beide partners of beide partners hebben kinderen uit eerdere
relaties.
- Heteroseksuele relatie: man en een vrouw die met elkaar getrouwd zijn of een relatie
hebben.
- Homoseksuele relatie: twee mannen of twee vrouwen zijn met elkaar getrouwd of
hebben een relatie.
Gezin: elk leefverband van één of meer volwassenen die verantwoordelijkheid dragen voor
de verzorging en opvoeding van één of meer kinderen, ongeacht de leeftijd van de kinderen.
- Diversiteit van deze gezinsbanden is in de afgelopen 50 jaar sterk toegenomen. Deze
diversiteit weerspiegelt veranderingen in normen en waarden ten aanzien van de relatie-
en gezinsvorming ookwel Tweede Demografische Transitie:
o Meer tolerantie ten aanzien van echtscheidingen.
2