vertaald naar alledaagse psychosociale begeleiding
Hoofdstuk 1, een oriëntatie op de begrippen overdracht en tegenoverdracht
Overdracht is een algemene term voor het overbrengen van gevoelens en verwachtingen op
anderen. De cliënt draagt oude gevoelens over op de hulpverlener of op degene van wie de cliënt in
zekere mate afhankelijk is.
Bij tegenoverdracht draagt de hulpverlener in zijn functie als autoriteit oude gevoelens over op de
cliënt. Veelal is de tegenoverdracht van de hulpverlener een reactie op het gedrag van de cliënt.
1.1 Projectie en overdracht
Projecteren is een beeld overbrengen. Er is verschil tussen de betekenis van het afweermechanisme
projectie en projecteren bij het begrip overdracht. Bij overdracht wordt onbewust een gevoel van
verwachting van hoe de ander naar jou kijkt geprojecteerd. Het afweermechanisme projectie
betekent het onbewust plaatsen van eigen gevoelens in een ander. Dit is een vorm van verdringing.
1.2 Overdracht en tegenoverdracht
Eerst speelden de begrippen overdracht en tegenoverdracht geen grote rol in de psychoanalytische
literatuur. Pas later werd overdracht een steeds centraler begrip binnen de psychoanalyse en andere
vormen van therapeutische hulpverlening. Freud heeft met het beschrijven van dit mechanisme een
belangrijk fenomeen binnen de hulpverlening beschreven.
Overdracht en tegenoverdracht worden nu in meer algemene zin gehanteerd. Vooral in
afhankelijkheidsrelaties kunnen reacties, in allerlei vormen, te maken hebben met oude gevoelens,
kan gedrag een onbewuste herhaling zijn van vroeger gedrag.
1.2.1 Herkenbaarheid situatie en persoon
Overdrachtsgevoelens kunnen worden opgeroepen door de herkenbaarheid van de situatie.
Overdrachtsgevoelens kunnen worden opgeroepen door de gelijkenis in persoon.
Overdrachtsgevoelens omvatten een diversiteit aan kind reacties als verwachtingen, wensen,
behoeften, oordelen, oorspronkelijk gekoppeld aan en opgeroepen door ouders of opvoeders.
Overdrachtsgevoelens spelen onbewust een rol tijdens het therapeutische proces. Zij kunnen het
therapeutische proces verstoren wanneer zij niet bewust gemaakt worden. Bewust gemaakt zijn zij
een belangrijk, werkzaam onderdeel van leiding, therapie of hulpverlening.
Een gelijksoortig proces van confrontatie en losmaking zou zich in allerlei situaties tussen cliënt,
leider en werker kunnen afspelen.
1.3 Professioneel begeleiden
Dit boek is bedoeld voor mensen die anderen professioneel begeleiden in hun ontwikkelingsproces
of in hun persoonlijke ontwikkelingsproblematiek. Professionele begeleiders kunnen in hun werk
namelijk geconfronteerd worden met de overdrachtsgevoelens van anderen en met eigen, mogelijk
niet professioneel, gedrag dat voortkomt uit tegenoverdracht.
In dit boek wordt een ruime indeling gehanteerd voor de situaties waarin werker en cliënt met elkaar
te maken hebben en waarin een groot aantal werkers zich zal kunnen herkennen. Denk hierbij aan
situaties waarin afhankelijkheid, zorg en/of een zekere mate van intimiteit een rol spelen.
Een globale indeling zou kunnen zijn: ambulente, semi-residentiële en residentiële vormen van
begeleiding.