Algemeen Chronisch Hartfalen
Hartfalen/ decompensatio cordis
- een tekortschietende pompfunctie (bijna altijd links) in combinatie met klachten
- zonder klachten zoals kortademigheid en verminder inspanningstolerantie spreek je niet van hartfalen
oorzaken:
- vele
- verhoogde weerstand in lichaamscirculatie
- hartoverbelasting
- hartziekten
behandelingen
- leefregels
- revascularisatie indien relevant
- medicatie
- medisch apparatuur; pacemaker, ICD
symptomen:
- moeheid in rust of bij inspanning
- dyspneu in rust of bij inspanning
- (vaak) oedeem lager gelegen delen
- longoedeem (+eventueel perifeer oedeem)
o Respiratoire insufficientie type 1, A-a gradient te hoog
- Vaak kenmerken van zowel systolische als diastolische falen
- HF verhoogd
Bij onvoldoende werking van de linker ventrikel kan er uiteindelijk perifeer oedeem ontstaan – eerst dyspnoe
Bij onvoldoende werking van de rechter ventrikel kan er perifeer oedeem
Kenmerkend voor decompensatio cordis zijn moeheid en dyspnoe
Bekend casus
- vrouw, 70 jaar (Charlotte Haaksma)
- chronisch hartfalen
- dilaterende cardiomyopathie
- huisarts ECG gemaakt > afwijkingen
- hoge bloeddruk 160/100
- stabiele situatie
- pompfunctie (LVEF = 25%) is afgenomen
- snel kortademig
Docent informatie
- presteert al jaren minder > verwijdt dit aan ouderdom
- wil reizen
- jarenlange verzorging man, overleden aan MS
- naar huisarts voor hartritmestoornissen
1
, - pt in ziekenhuis geweest > aanpassing medicatie
- lengte = 165 cm, 65 kg
- gespannen, angst voor benauwdheid
- ziet gelijkenis man in laatste fase
- weduwe
- aanleunwoning
- koersbal
Variant 1. Acute zorg – revalidati e ziekenhuis, start revalidati e fase
- voornaamste klacht = dyspnoe (d’effort)
- AHfrust = 25
- AHinsp = 35
- Bijgeluiden auscultatie (backward failure!)
- Komt met hulp uit bed
- Wil niet met rollator lopen (‘ben geen oud wijf’)
- Medicatie = plastabletten
mobiliseren met rollator
Anamnese
- hulpvraag
o PSK
- Gezondheidstoestand
o Aanvang, duur, beloop hartfalen
o Prognose, risicofactoren
o Comorbiditeit
o Beweeggedrag
- Status praesens
o Stoornissen – benauwdheid, pijn (op borst), vermoeidheid, oedeem
o Activiteiten
o Participatie – werk, hobby, sport
- Verdere gezondheid
- Interne en externe factoren (woning, hulp van vrouw/kinderen)
- Motivatie
- Informatiebehoefte pt.
- Medicatie
- Wat pt. Over klacht denkt
o Coping, attributie, locus of control
Onderzoek
Inspectie
- Algehele houding
- Alertheid, vermoeidheid, angstig
- Ademhaling
Palpatie
- HR
- Hypertonie in ademhalingsspieren
- Perifeer vocht (altijd even onder de lakens kijken)
Functionele Inspectie
- Transfer in en om bed
o Omdraaien, tot zit op rand bed komen, gaan staan, mogelijk met hulp stukje lopen
Hierbij ook letten op ademhaling
AROM/PROM
- Als uit anamnese bewegingsbeperking blijkt, of dit zo uit functionele inspectie komt
Specifieke testen
- PSK
o Deze activiteiten bekijken
o Beoordelen op kwaliteit van bewegen
Uhv, kracht, snelheid, lenigheid, coordinatie
- BORG 6-20 -> ervaring van vermoeidheid
- Kortademigheid -> dyspnoeschaal
- FAC
- HR + bloeddruk
- Auscultatie, AHf
- Conditie
o Shuttle Walk Test (SWT)
2