Wetenschapsfilosofie
Module 1
Logisch argument:
Truth preservation: bij een logisch valide argument leiden ware premisses altijd tot ware
conclusies.
Onware premisses:
Als niet alle premisses waar zijn, weten we niet of de conclusie waar is.
Invalide argumenten:
fout in de logica
Modus tollens:
, Argumentum ad ignorantiam: Argumentum ad ignorantiam of het argument van de onwetendheid is
een drogreden, waarbij voetstoots wordt aangenomen dat een stelling waar is, omdat niet is bewezen dat
zij onwaar is, of omgekeerd dat er wordt aangenomen dat een stelling onwaar is, omdat niet is bewezen
dat deze waar is. Wikipedia
Argumentum ad absurdum: In de logica is reductio ad absurdum, ook bekend als argumentum ad
absurdum of apagogische argumenten, de vorm van argumentatie die probeert een claim te vestigen
door aan te tonen dat het tegenovergestelde scenario tot absurditeit of tegenstrijdigheid zou
leiden. Wikipedia
Argumentum ad hominem: Argumentum ad hominem, ook in verkorte vorm als ad hominem, is een
poging om, al dan niet middels een drogreden, een opponent in diskrediet te brengen. Als voetbalterm:
op de man spelen. Het is een oneigenlijke tegenwerping die betrekking heeft op de persoon die een
bewering doet, niet op de bewering zelf. Wikipedia
Wat maakt goede wetenschap?
- Generaliseerbaar
- Objectief
- Herhaalbaar
Module 2:
Rationalisme: compleet vertrouwen op de ratio (=het verstand).
Empirisme: observeren en experimenteren.
Waarneming: een relatie tussen werkelijkheid en ons begrip daarvan/ tussen object en
subject.
Ontologie: de studie van wat is/bestaat
Epistemologie: de studie van wat we kunnen weten
Wetenschap bestaat uit taalkundige stellingen, niet uit objecten in de werkelijkheid.
Analytisch: waar/onwaar per definitie.
Synthetisch: waar of onwaar door observatie.
Metafysisch: bovennatuurlijk, (nog) niet met de gangbare wetenschap te verklaren.
Het logisch positivisme:
Goede wetenschap bestaat uit 2 soorten stellingen:
- Analytische stellingen – logische waarheden
- Synthetische stellingen – empirische waarheden
Doel logisch positivisten:
Demarcatie: hoe maken we onderscheid tussen ‘echte’ wetenschap en
pseudowetenschap?
Normatieve geen descriptieve vraag:
Niet: hoe werkt wetenschap in de praktijk?
Maar: hoe zou wetenschap moeten werken?
Module 1
Logisch argument:
Truth preservation: bij een logisch valide argument leiden ware premisses altijd tot ware
conclusies.
Onware premisses:
Als niet alle premisses waar zijn, weten we niet of de conclusie waar is.
Invalide argumenten:
fout in de logica
Modus tollens:
, Argumentum ad ignorantiam: Argumentum ad ignorantiam of het argument van de onwetendheid is
een drogreden, waarbij voetstoots wordt aangenomen dat een stelling waar is, omdat niet is bewezen dat
zij onwaar is, of omgekeerd dat er wordt aangenomen dat een stelling onwaar is, omdat niet is bewezen
dat deze waar is. Wikipedia
Argumentum ad absurdum: In de logica is reductio ad absurdum, ook bekend als argumentum ad
absurdum of apagogische argumenten, de vorm van argumentatie die probeert een claim te vestigen
door aan te tonen dat het tegenovergestelde scenario tot absurditeit of tegenstrijdigheid zou
leiden. Wikipedia
Argumentum ad hominem: Argumentum ad hominem, ook in verkorte vorm als ad hominem, is een
poging om, al dan niet middels een drogreden, een opponent in diskrediet te brengen. Als voetbalterm:
op de man spelen. Het is een oneigenlijke tegenwerping die betrekking heeft op de persoon die een
bewering doet, niet op de bewering zelf. Wikipedia
Wat maakt goede wetenschap?
- Generaliseerbaar
- Objectief
- Herhaalbaar
Module 2:
Rationalisme: compleet vertrouwen op de ratio (=het verstand).
Empirisme: observeren en experimenteren.
Waarneming: een relatie tussen werkelijkheid en ons begrip daarvan/ tussen object en
subject.
Ontologie: de studie van wat is/bestaat
Epistemologie: de studie van wat we kunnen weten
Wetenschap bestaat uit taalkundige stellingen, niet uit objecten in de werkelijkheid.
Analytisch: waar/onwaar per definitie.
Synthetisch: waar of onwaar door observatie.
Metafysisch: bovennatuurlijk, (nog) niet met de gangbare wetenschap te verklaren.
Het logisch positivisme:
Goede wetenschap bestaat uit 2 soorten stellingen:
- Analytische stellingen – logische waarheden
- Synthetische stellingen – empirische waarheden
Doel logisch positivisten:
Demarcatie: hoe maken we onderscheid tussen ‘echte’ wetenschap en
pseudowetenschap?
Normatieve geen descriptieve vraag:
Niet: hoe werkt wetenschap in de praktijk?
Maar: hoe zou wetenschap moeten werken?