Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648
Waarom jaartallen 1515-1648?
- 1515: Karel V wordt koning van Spanje en heer van de Nederlanden. Koppeling Nederlanden
aan Spanje.
- 1648: Spaanse vorst erkent Republiek als zelfstandig. Loskoppeling van Spanje.
2 tijdvakken aan de orde:
1. Tijdvak 5: Tijd van ontdekkers en hervormers, renaissancetijd 16 e eeuw (1500-1600).
Vroegmoderne tijd. KA: 18-22.
2. Tijdvak 6: Tijd van regenten en vorsten, Gouden Eeuw 17 e eeuw (1600-1700). Vroegmoderne
tijd. KA: 23-26.
Deelcontext 1: Opstand in de Nederlanden (1515-1572)
Waarom jaartallen 1515- 1572?
- 1515: Karel V wordt heerser over een groot deel van de Nederlanden.
- 1572: verovering Den Briel door Watergeuzen, ontketening Opstand in Holland en Zeeland.
Opstand dan echt succes.
Hoofdvraag: Waardoor brak er een opstand uit in de Nederlanden, 1515 – 1572?
Twee oorzaken:
1. Centralisatiepolitiek van Karel V en Filips II waardoor de privileges van edelen en steden in de
Nederlandse gewesten worden bedreigd.
2. De afkeer onder Nederlandse protestanten en katholieken tegen de steeds gewelddadiger en
intensiever wordende kettervervolging in de Nederlandse gewesten.
Samenvatting met verwerking aantekeningen en bijbehorende KA
Karel V (1500 – 1558):
- Heer der Nederlanden (1515-1555).
- Keizer van het Duitse Rijk.
- Aartshertog van Oostenrijk.
- Koning van Spanje.
- Rijk van Karel V: groot deel van Europa + Spaanse bezittingen Afrika, Azië en Amerika.
- Rijk bedreigd door groei Osmaanse (Turkse) Rijk + oorlogen in Centraal-Europa door
Reformatie.
De Nederlanden:
- 15e eeuw: steden profiteren van de oplevende handel en geldeconomie, waardoor de steden
groeide. 16e eeuw: de groei zet door.
Stedelingen geven deel van verdiende geld af als belasting aan hun heer (Karel V), in ruil
voor Privilege: een recht, toegekend door een heer, aan een bepaalde persoon, een
groep personen, een stad of een gewest.
KA 14: De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende zelfstandigheid van steden.
, - Landbouwproductie verbetert, bevolking groeit, voedseloverschotten, toename handel, groei
steden welvaart waarin vorsten willen delen: stadsrechten (overdracht deel van het
bestuur, wel inning belasting/tol).
Karel V wil centralisatie: het streven van heersers om hun gebied vanuit één punt te besturen en in
het hele grondgebied gelijke wetten en belastingen in te voeren.
- Via veroveringen + Pragmatische Sanctie (Karel V stelt erfopvolging in, Nederlanden als
geheel overgedragen, is onverdeelbaar).
- Via familie landvoogdes (bijv. Margaretha van Parma).
- Via instelling 1531: Collaterale Raden: raden met edellieden en adel, adel dus minder macht.
Deze raden moeten Karel V steunen. Brussel als politiek centrum.
1. De Raad van State: brengen advies uit over al het beleid in de zeventien provinciën.
2. De Geheime Raad: bereid wetten voor en vaardigt ze uit, ziet toe op de uitvoering door
steden en gewesten.
3. De Raad van Financiën: stelt begrotingen op en houdt zich bezig met bedes: de verzoeken
om geld aan steden en gewesten.
Ontevredenheid onder burgers en edellieden, ze vinden dat hun vrijheid en rechten
werden bedreigd.
KA 17: Het begin van staatsvorming en centralisatie.
- Vorsten in feodale stelsel leenheer, leenman komt als leenheer hem roept. Leenstelsel werkt
niet meer: heer ver weg, leen leek erfelijk eigendom. Geldeconomie i.p.v. land biedt andere
mogelijkheden: huurlegers (wankel, vechten voor hoogste loon), vakmensen/ambtenaren
(belasting = kenmerkend voor centralisatie).
- Engeland: burgeroorlogen daarna eenheid.
- Frankrijk: slaagt meteen.
- Duitsland: investituurstrijd: keizer v.s. paus. Keizer macht over lappendeken, geen eenheid.
KA 23: Het streven van vorsten naar absolute macht.
Ook onrust op religieus gebied Reformatie: het ontstaan van het protestantisme dat uiteindelijk
leidde tot een scheuring in de christelijke kerk.
- 1517: Luther bekritiseerd aflatenhanden, heiligenverering en andere soorten ‘bijgeloof’, paus
doet hem in de ban. 31 oktober: 95 stellingen.
- April 1521: Rijksdag in Worms: een vergadering van Duitse vorsten, geestelijken en steden.
Karel V wil dat Luther zijn ‘ketterij’ herroept, dat doet hij niet. Luther vogelvrij verklaard,
maar Duitse vorsten beschermen hem, aanhang groeit en komt lutherse kerk. Niet
doelstelling van Luther, die de kerk van binnenuit wil hervormen.
- Calvijn en Luther willen terug naar het oorspronkelijke geloof ontstaan protestantisme: het
geheel van stromingen en kerken die zijn ontstaan uit protest tegen misstanden in de
katholieke kerk. Er zijn belangrijke verschillen tussen lutheranen en calvinisten.
1. Lutheranisme: protestanten die Maarten Luther aanhangen. Veel aanhang in Duitsland/
Scandinavië.
2. Calvinisme: protestanten die Johannes Calvijn aanhangen. Veel aanhang in Zwitserland,
Frankrijk en de Nederlanden.
Zie schema met verschillen 3 christelijke stromingen.
- Bijbel wordt in volkstaal verspreid gaat makkelijker door uitvinding boekdrukpers (15 e
eeuw).