Lees ook de ‘A look back and ahead’ bij ieder hoofdstuk.
H1 WHAT IS THE OLD TESTAMENT?
Het Oude Testament is geen doorlopend verhaal, maar een anthologie, een verzameling van geschriften die
geproduceerd zijn in de loop van duizenden jaren. De volgorde van de boeken is niet bepaald door de datering
van het geschrift, maar door de ‘volgorde van het verhaal’ of is op thema gesorteerd.
De canon is een vastgestelde lijst met de Bijbelboeken die autoriteit wordt toegekend. Hierover zijn
wetenschappers het niet altijd eens.
In de Joodse traditie is de canon de Tenach: Torah, Neviim en Ketuvim: de Thora, de profeten en de geschriften.
De Thora zijn de eerste vijf boeken van Mozes. De profeten zijn onder te verdelen in de Former Prophets (is het
vervolg van het verhaal van de Thora: Jozua, Richteren, Samuël en Koningen) en de Latter Prophets. De
geschriften zijn boeken uit verschillende genres.
De criteria voor de toevoeging van een boek aan de canon:
Datering: het moest voor de vierde eeuw voor Chr. zijn geschreven.
Taal: het moest geschreven zijn in het Hebreeuws.
Mate van gebruik
In de loop van de tijd kwam er de Masoretic Text waarover iedereen het eens was dat dit de Joodse canon was.
De christelijke canon bevatte alle boeken uit de Joodse canon, zelfs meer dan deze alleen, alleen wel in andere
volgorde. De canon was volledig tot stand gekomen in de vijfde eeuw na Christus. In de zestiende eeuw werden
de apocriefe boeken eruit gehaald door de hervormers. Katholieken accepteren de apocriefen nog wel (Concilie
van Trent, 1546).
De Septuagint is de Griekse vertaling van het Oude Testament en dit werd hun primaire Bijbel.
Naast de canon bestaan de apocriefe boeken en de Pseudepigrapha. Die laatste categorie betreft boeken die in
de Griekse en Romeinse tijd geschreven is en worden toegeschreven aan Bijbelse figuren, zoals Adam,
Abraham, etc.
1
, H2 THE PROMISED LAND: GEOGRAPHY, HISTORY EN IMPORTANCE
GEOGRAPHY
Het land Israël reikte destijds van Dan in het noorden tot Berseba in het zuiden en van de Middellandse Zee in
het westen tot de Jordaan in het Oosten.
De naam Israël wordt soms gebruikt voor heel het land, maar soms ook voor het noordelijke deel van het land
toen het land in twee rijken was verdeeld. Het zuidelijke deel heette Juda. Het huidige Turkije was destijds
Mesopotamië.
Het land heeft altijd uit zes verschillende geografische regio’s bestaan:
De kustvlakte: de oostkust van de Middellandse Zee
De laagte: vlakte tussen de kust en het heuvelland.
Het heuvelland
De Rift Valley: de natuurlijke grens (door twee tektonische platen) tussen Israel en de regio’s ten
oosten.
Transjordaanse Plateau in het oosten
De Negeb: semiwoestijn, omdat het niet zo dor is als andere woestijnen.
HISTORY
Voor de verhalen van de ca. eerste tien boeken uit de Bijbel is bijna geen extra literatuur gevonden, voor de
boeken daarna zijn er meer verbindingen met buiten-Bijbelse bronnen.
Aan het einde van de vierde eeuw zijn er bij de riviervalleien van Egypte en Mesopotamië steden ontstaan. Het
schrift werd uitgevonden om te dealen met de complexiteit van leven. Veel geschriften zijn bewaard gebleven in
klei (Mesopotamië) of papyrus (Egypte).
Archeologische tijdperken
Early Bronze Age (3300-2000 BC): Kanaän behoorde tot Egypte, waarmee ook handel werd gedreven.
Middle Bronze Age (2000-1550 BC): In Palestina een periode van voorspoed, maar in omliggende
landen een periode van instabiliteit. Halverwege de tweede eeuw namen de Hyksos de macht over.
Late Bronze Age (1550-1200 BC): Deze periode wordt ingeluid met de verdrijving van de Hyksos. Een
tijd van herstel brak aan, waarin de macht over veel gebieden van de Levant in handen van Egypte lag.
Iron Age (1200-539 BC): De macht van Egypte en de Hethieten valt. De Filistijnen settelen zich aan de
zuidkust van de Middellandse Zee en proberen hun gebied uit te breiden naar het noorden en oosten.
Israël krijgt aan het einde van de elfde eeuw een koning: Saul. Hij en zijn opvolgers, David en Salomo,
weten de Filistijnen te verslaan.
Na de dood van Salomo, ca. 928, splitst Israel in twee rijken: Israel en Juda.
Ca. 722 BC wordt tienstammenrijk Israel verslagen door Assyrië en in
Ca. 701 BC belegert Assyrië Jeruzalem, waar Koning Hizkia wordt gedwongen tot overgave. Vervolgens
komt het Babylonische rijk op, die de Assyriërs verslaat.
De door Babylonië aangestelde koning in Israel blijkt niet loyaal te zijn, waardoor in 586 BC Jeruzalem
vernietigd wordt, inclusief de eerste tempel.
In 539 BC nemen de Perzen de macht over, die ballingen terug liet keren naar hun eigen land. Aan het
einde van de zesde eeuw bouwen de Israelieten hun tweede tempel.
Het Perzische rijk valt na 200 jaar en de macht komt in handen van de Grieken, Alexander de Grote. Na
diens dood wordt het rijk in drie delen verdeeld.
2