Tentamen dinsdag 17 maart
8.30 – 11.00
Weken Onderdeel Onderwerp Literatuur
Week 1 College 1 Inleiding Bestuursrecht H1, H2 par. 4, 5 en 7
College 2 Bestuursorganen H2 par. 1-3 en 9
Week 2 College 3 Het Besluit H2 par. 10, H4 par 1-5
College 4 Abbb’s H5 helemaal
Bezwaar en administratief H8 helemaal
Week 3 College 5
beroep
College 6 Hoger Beroep H9 helemaal
Vovo en termijnen H8, H9 par. 5, 12 en 13
Week 4 College 7
voorbereidingsprocedures
Toezicht & Handhaving en H7, H8 par. 3, H9 par. 12
College 8
Klachtprocedures
TENTAMEN
Week 5
Bestuursrecht
Paragraven die NIET belangrijk zijn voor het tentamen!
- College 2 = paragraaf 2.8 en 2.11
- College 4 = paragraaf 5.2.9
- College 5 = paragraaf 8.5
- College 6 = paragraaf 9.2, 9.6 tot en met 9.11
- College 7 = geen opmerkingen
- College 8 = geen opmerkingen
, College 1 – Inleiding bestuursrecht en het bestuur op verschillende
bestuursniveaus
Legaliteitsbeginsel = een bestuurshandeling moet gebaseerd zijn op een bevoegdheid die in
de wet staat.
Specialiteitsbeginsel =
1. De bevoegdheid is afgebakend met een bepaald doel
2. De bevoegdheid mag alleen worden ingezet om dat doel te behartigen.
Algemeen bestuursrecht Bijzonder bestuursrecht
Regels die voor ieder orgaan gelden Regels die gelden voor specifieke
terreinen
Bijv. Awb, Wet Nationale ombudsman Bijv. Wabo, Drank- en Horecawet
Formeel bestuursrecht = besluitvormingsrecht en bestuursprocesrecht, over het tot stand
komen van wetten en besluiten.
Materieel bestuursrecht = draait om de inhoudelijke verhouding in wetten en besluiten. Het
gaat om de rechten en plichten van burgers.
Autonomie = bestuursbevoegdheden die verband houden met regeling en bestuur van eigen
‘huishouding’, de bevoegdheden zijn overgedragen aan bijvoorbeeld het gemeentebestuur
om daar zelf invullen aan te geven, zie Art. 124 lid 1 Gw.
- Bijv. art. 149 Gemw en Art. 145 Provinciewet
Medebewind = aanwijzingen kunnen worden gegeven door een hoger bestuursorgaan om
bijvoorbeeld een regeling te treffen of besluit te nemen, deze mogelijkheid wordt geboden,
bij of krachtens de wet. Zie Art. 124 lid 2 Gw.
- Bijv. de natuurgebieden moeten beter beschermd worden, maar gemeentes mogen
dat zelf invullen hoe ze dat gaan doen. Den Haag heeft niet te maken met een
natuurgebied.
- Het gaat om samenwerking, het samen doen.
- Bijv. Art. 43a lid 2/3 Drank- en Horeca Wet. Art. 2.4 lid 1 Wabo
Decentralisatie = bevoegdheden van een hoger niveau geven aan een lager niveau.
- Bijv. docent geeft mij de taak om een tentamen na te kijken, hij wil hier niets mee te
maken hebben. Ik ben het nieuwe aanspreekpunt. Niet samen!
Gelede normstelling = de normering naar de burger toe vindt in verschillende ‘fasen’ plaatst.
Bijvoorbeeld bij een omgevingsvergunning dienen meerdere wetten geraadpleegd te
worden. Je hebt meerdere wetten nodig per onderdeel.
Cyclus van het bestuursrecht =
Wetgevende macht -> (maakt) wetten -> (geeft bevoegdheden aan) besturende macht ->
(veranderd rechtspositie van de) burgers -> (kiest de) wetgevende macht.