Begrippenlijst TOE experimenteel
Boek
NHST = Null Hypothesis Significance Testing; nulhypothese vergelijken met een alternatieve
hypothese
Alpha = Waarde waarmee je bepaalt de nulhypothese wel of niet te verwerpen
Type 1 fout = foutief verwerpen van nulhypothese
Type 2 fout = foutief niet verwerpen van nulhypothese
Power = kans op het juist verwerpen van nulhypothese
t-test = toets die meet of de verschillen in gemiddelden van groepen significant zijn
Steekproefverdeling = hoeveel de t-waarden van de steekproef van de t-warden van de
nulhypothese afliggen
Kritische waarde = t-waarde geassocieerd met het alpha niveau
Design confounds = fout onderzoek ontwerp
Selectie effects = participanten verschillen bij aanvang van experiment
Order effects/ volgorde effect = volgorde van vragen beïnvloed resultaten
One group pretest/posttest design = voor- en nameting bij 1 groep participanten
Maturation threat = verschillen in voor- en nameting door natuurlijke ontwikkelingen van
participanten
History threat = gebeurtenissen van buitenaf (losstaand van experiment) beïnvloeden
resultaten
Regression threat = eerst extreme waardes, daarna dichter bij “normaal” gemiddelde
Attrition threat = participanten vallen uit tijdens experiment
Testing threat = participanten worden beter in het invullen van de vragenlijst
Instrumentation threat = meetinstrument verandert tijdens experiment
Selection-history threat = losstaande factor beïnvloed 1 conditie van de onafhankelijke
variabele
Boek
NHST = Null Hypothesis Significance Testing; nulhypothese vergelijken met een alternatieve
hypothese
Alpha = Waarde waarmee je bepaalt de nulhypothese wel of niet te verwerpen
Type 1 fout = foutief verwerpen van nulhypothese
Type 2 fout = foutief niet verwerpen van nulhypothese
Power = kans op het juist verwerpen van nulhypothese
t-test = toets die meet of de verschillen in gemiddelden van groepen significant zijn
Steekproefverdeling = hoeveel de t-waarden van de steekproef van de t-warden van de
nulhypothese afliggen
Kritische waarde = t-waarde geassocieerd met het alpha niveau
Design confounds = fout onderzoek ontwerp
Selectie effects = participanten verschillen bij aanvang van experiment
Order effects/ volgorde effect = volgorde van vragen beïnvloed resultaten
One group pretest/posttest design = voor- en nameting bij 1 groep participanten
Maturation threat = verschillen in voor- en nameting door natuurlijke ontwikkelingen van
participanten
History threat = gebeurtenissen van buitenaf (losstaand van experiment) beïnvloeden
resultaten
Regression threat = eerst extreme waardes, daarna dichter bij “normaal” gemiddelde
Attrition threat = participanten vallen uit tijdens experiment
Testing threat = participanten worden beter in het invullen van de vragenlijst
Instrumentation threat = meetinstrument verandert tijdens experiment
Selection-history threat = losstaande factor beïnvloed 1 conditie van de onafhankelijke
variabele