Amblyopie (Reader ‘Visus bij kinderen’) Blok B
Amblyopie: Een verminderde visus die aanwezig blijft na volledige optische correctie en niet
verklaard kan worden door pathologie
- 2,5% van de Nederlandse bevolking (geen verschil tussen man en vrouw)
- Risicofactoren:
Erfelijkheid
Premature geboorte of een laag geboorte gewicht
ROP (Retinopathy of Prematurity)
Geestelijk gehandicapte personen
Hersenbeschadigingen
- In 90% van de gevallen zijn de belangrijkste veroorzakers functioneel van aard (Heterotropie,
anisometropie of beide)
- Bij kinderen is de allerbelangrijkste oorzaak van slechtzienheid
Indeling amblyopie
- Organische amblyopie
Tabak / alcohol Amblyopie op oudere leeftijd
Toxisch (Medicijnen / drugs) Amblyopie op oudere leeftijd
Congenitaal / sensorisch
Idiopathisch
Deprivatie
- Psychogene amblyopie
- Functionele amblyopie
Strabisme
Anisometropie
Refractief (Ametropie / Meridionaal)
Deprivatie amblyopie (Organisch)
- De retina ontvang geen of nauwelijks adequate stimuli Dit moet vroeg opgespoord worden
(onderzoek bij pasgeborenen)
- Oorzaak: Congenitale afwijkingen zoals congenitaal cataract of congenitale
corneatroebelingen
- Het beeld wordt verstoord door oogheelkundige pathologie zoals ptosis, cataract en
haemangioom van het bovenooglid Operatief ingrijpen binnen de eerste zes levensweken
- Kan unilateraal of bilateraal voorkomen
- Ernstig van aard en moeilijk te behandelen
Psychogene amblyopie
- Oorzaak: Angst of emotionele oorzaken
- Synoniem: ’10 jaars amblyopie’ / ‘Hysterische amblyopie’ / Streff syndroom
- Vaak kinderen van 8 tot 14 jaar Vaak meisjes
- Een kind geeft aan plotseling minder te zien met één of beide ogen, terwijl er geen
pathologische afwijking aantoonbaar is
- De diagnose wordt gesteld door het uitsluiten van andere oorzaken
- Symptomen: Het gezichtsveld neigt naar kokerzien en er wordt vaak één specifieke isopter
voor meerdere afstanden als identiek aangegeven
- Informeren van de huisarts is op zijn plaats omdat deze mogelijke een rol moet spelen bij
huiselijk probleem situaties
Amblyopie: Een verminderde visus die aanwezig blijft na volledige optische correctie en niet
verklaard kan worden door pathologie
- 2,5% van de Nederlandse bevolking (geen verschil tussen man en vrouw)
- Risicofactoren:
Erfelijkheid
Premature geboorte of een laag geboorte gewicht
ROP (Retinopathy of Prematurity)
Geestelijk gehandicapte personen
Hersenbeschadigingen
- In 90% van de gevallen zijn de belangrijkste veroorzakers functioneel van aard (Heterotropie,
anisometropie of beide)
- Bij kinderen is de allerbelangrijkste oorzaak van slechtzienheid
Indeling amblyopie
- Organische amblyopie
Tabak / alcohol Amblyopie op oudere leeftijd
Toxisch (Medicijnen / drugs) Amblyopie op oudere leeftijd
Congenitaal / sensorisch
Idiopathisch
Deprivatie
- Psychogene amblyopie
- Functionele amblyopie
Strabisme
Anisometropie
Refractief (Ametropie / Meridionaal)
Deprivatie amblyopie (Organisch)
- De retina ontvang geen of nauwelijks adequate stimuli Dit moet vroeg opgespoord worden
(onderzoek bij pasgeborenen)
- Oorzaak: Congenitale afwijkingen zoals congenitaal cataract of congenitale
corneatroebelingen
- Het beeld wordt verstoord door oogheelkundige pathologie zoals ptosis, cataract en
haemangioom van het bovenooglid Operatief ingrijpen binnen de eerste zes levensweken
- Kan unilateraal of bilateraal voorkomen
- Ernstig van aard en moeilijk te behandelen
Psychogene amblyopie
- Oorzaak: Angst of emotionele oorzaken
- Synoniem: ’10 jaars amblyopie’ / ‘Hysterische amblyopie’ / Streff syndroom
- Vaak kinderen van 8 tot 14 jaar Vaak meisjes
- Een kind geeft aan plotseling minder te zien met één of beide ogen, terwijl er geen
pathologische afwijking aantoonbaar is
- De diagnose wordt gesteld door het uitsluiten van andere oorzaken
- Symptomen: Het gezichtsveld neigt naar kokerzien en er wordt vaak één specifieke isopter
voor meerdere afstanden als identiek aangegeven
- Informeren van de huisarts is op zijn plaats omdat deze mogelijke een rol moet spelen bij
huiselijk probleem situaties