kinderen (twee- en driejarige) in Nederlandse kinderopvangcentra
Spelen bevorderlijk voor leren en ontwikkeling in de vroege kinderjaren. Tijdens spelen kinderen
gemotiveerd ontdekken, experimenteren, ervaringen met anderen delen en zintuigen, sociale en
cognitieve vaardigheden gebruiken. Maar kwaliteit spel is gevarieerd (afhankelijk van de sociale en
fysieke omgeving):
Spelen met lage mate betrokkenheid: stereotiep repetitief, oppervlakkig en met veel
onderbrekingen, biedt geen rijke leerervaring.
Spelen met hoge mate betrokkenheid: biedt ‘deep-level learning’. Kinderen functioneren
optimaal.
Gerichte aandacht en interesse zijn belangrijk voor taal- en cognitieve ontwikkeling.
Doorzettingsvermogen, creativiteit, zelfregulering, uitvoerende vaardigheden en doelgerichtheid
staan in verband met spelbetrokkenheid.
Speelbetrokkenheid
Gerichte aandacht en concentratie van het spelende kind. Laevers, De Bruyckere, Silkens en
Snoeck observatiemethode ontwikkeld verschillende niveaus van spelbetrokkenheid
onderscheiden.
Kind met lage betrokkenheid is mentaal afwezig en heeft veel onderbrekingen.
Kind met gematigde betrokkenheid doet iets, maar is niet geconcentreerd.
Zeer betrokken kind vertoont intense mentale activiteit en volledige concentratie.
Bij jonge kinderen vindt ontwikkeling plaats van volhouden aandacht en afleidbaarheid. Bij baby's en
peuters wordt aandacht sterk beïnvloed door nieuwheid van dingen. Later tweede aandacht
systeem toenemende cognitieve en zelfregulerende vaardigheden met doelgerichte
denkschema’s en taken.
Rol van leraar bij emotionele veiligheid
Volgens hechtingstheorie moet verzorger of leerkracht beschikbaar en gevoelig zijn voor de
ondersteuningsbehoeften van het kind. Observeren signalen van kind en snel en adequaat reageren.
Interactie kind verzorger/leerkracht is tweezijdig.
Jonge kinderen zoeken naar fysiek contact om op emotioneel niveau bij te tanken. Scheiding in
vroegere kinderjaren tussen kind en ouder kan dus zorgen voor stress voor kind. Fysieke
beschikbaarheid van verzorger/leerkracht is vooral belangrijk in groepsverband.
Groepsgerichte gevoeligheid werd gedefinieerd door de aandacht van de verzorger voor de groep en
de hoeveelheid tijd die hij besteedde aan positieve directe interacties met kinderen terwijl hij
toezicht hield op de hele groep.
Rol van leraar in spel
Manier waarop leerkrachten speelgedrag van jonge kinderen faciliteren. Tijdens vrije spel heeft
leraar twee soorten rollen: spelleider of speelkameraadje
Spelleider
Fysieke en sociale omgeving organiseren Voldoende speelobjecten en bewegingsruimte
zonder andere kinderen te storen. In kleine groepen spelen beter dan in grotere groepen.
Kinderen moeten mogelijkheid hebben om afstand of juist geen afstand te nemen van leraar.
Ook richtlijnen, suggesties en uitleg geven waarom gedrag wel of niet gepast is. Helpen bij
interesses vinden. Positiviteit is effectiever.
1