Week 1: dieetleer algemeen/ ondervoeding
Wat is ondervoeding?
Ondervoeding: een acute of chronische toestand waarbij een tekort of disbalans van energie, eiwit en
andere voedingsstoffen leidt tot meetbare, nadelige effecten op lichaamssamenstelling, functioneren
en klinische resultaten.
Consequenties > genezen duurt langer, complicaties kunnen makkelijker optreden, kost veel geld (1,7
miljard)
Ondervoeding wordt ook wel gedefinieerd als lage BMI
- <18,5 (<65 jaar)
- <20 (>65jaar)
óf
Onbedoeld gewichtsverlies (bij volwassenen)
> 10% onbedoeld gewichtsverlies in de laatste 6 maanden
> 5% in de laatste maand
(Bij mensen met kanker wordt vaak >5% in de laatste 6 maanden aangehouden)
Prevalentie = het aantal mensen dat voorkomt met ondervoeding per 1000 in een bevolking
Incidentie = het aantal nieuwe gevallen van ondervoeding in bijvoorbeeld 2017
,Gevolgen van ondervoeding
Ondervoedingssyndromen
In het algemeen wordt er gesproken over chronische en acute ondervoeding, maar er wordt in de
definiëring van ondervoeding onderscheid gemaakt tussen 3 verschillende syndromen waarbij
ondervoeding een rol speelt; cachexie, sarcopenie en wasting. De syndromen van
ondervoeding hebben veel overlap met elkaar en zullen vaak samengaan of in elkaar overlopen.
, Sarcopenie
Afname van spierkracht en spiermassa
Mobiliteitsstoornissen
Primaire sarcopenie: het fysiologische, aan leeftijd gerelateerde proces van afname van
spiermassa dat de meeste ouderen zal treffen en dat kan leiden tot mobiliteitsstoornissen en
een verhoogd risico op morbiditeit en mortaliteit.
Secundaire sarcopenie: het min of meer acuut ontstane verlies van spiermassa ten gevolge
van een acute gebeurtenis zoals bedrust/inactiviteit, ziekte (orgaanfalen, ontsteking,
maligniteit, endocriene ziekte) of problemen met de inname van nutriënten (ondervoeding,
malabsorptie, gastro-intestinale afwijkingen, medicatie), waardoor de afname van de
spiermassa en het mogelijk ontstaan van mobiliteitsstoornissen versneld verlopen.
Voeding- en ziekte gerelateerd.
Oorzaken
Verminderde productie van onder andere testosteron en groeihormoon (bevordert de
eiwitsynthese en remt de eiwitafbraak) als gevolg van leeftijd
Lichamelijke inactiviteit
Lage eiwitinname en vitamine D
Gevolgen
Verminderd fysiek functioneren
Valrisico wordt hoger
ADL (algemene dagelijkse levensactiviteiten/ dagelijkse bezigheden) worden minder
Minder snel herstel bij ziekte
Risicogroepen
Ouderen
Bedlegerige patiënten
Cachexie
Het ernstige verlies van spiermassa door metabole veranderingen als gevolg van ziekte.
Oorzaken
Ernstige ziektes zoals hartfalen, kanker, infectie, brandwonden, aids etc.
Gevolgen
Snellere achteruitgang
Lagere levensverwachting
Risicogroepen
Kankerpatiënten (pancreaskanker, longkanker)
Wasting/ starvation
Bij wasting is er sprake van verlies van zowel het spier- als de vetmassa door ernstig tekort aan
voeding.
Oorzaken
Zeer diverse oorzaken
Alcoholisme
Wat is ondervoeding?
Ondervoeding: een acute of chronische toestand waarbij een tekort of disbalans van energie, eiwit en
andere voedingsstoffen leidt tot meetbare, nadelige effecten op lichaamssamenstelling, functioneren
en klinische resultaten.
Consequenties > genezen duurt langer, complicaties kunnen makkelijker optreden, kost veel geld (1,7
miljard)
Ondervoeding wordt ook wel gedefinieerd als lage BMI
- <18,5 (<65 jaar)
- <20 (>65jaar)
óf
Onbedoeld gewichtsverlies (bij volwassenen)
> 10% onbedoeld gewichtsverlies in de laatste 6 maanden
> 5% in de laatste maand
(Bij mensen met kanker wordt vaak >5% in de laatste 6 maanden aangehouden)
Prevalentie = het aantal mensen dat voorkomt met ondervoeding per 1000 in een bevolking
Incidentie = het aantal nieuwe gevallen van ondervoeding in bijvoorbeeld 2017
,Gevolgen van ondervoeding
Ondervoedingssyndromen
In het algemeen wordt er gesproken over chronische en acute ondervoeding, maar er wordt in de
definiëring van ondervoeding onderscheid gemaakt tussen 3 verschillende syndromen waarbij
ondervoeding een rol speelt; cachexie, sarcopenie en wasting. De syndromen van
ondervoeding hebben veel overlap met elkaar en zullen vaak samengaan of in elkaar overlopen.
, Sarcopenie
Afname van spierkracht en spiermassa
Mobiliteitsstoornissen
Primaire sarcopenie: het fysiologische, aan leeftijd gerelateerde proces van afname van
spiermassa dat de meeste ouderen zal treffen en dat kan leiden tot mobiliteitsstoornissen en
een verhoogd risico op morbiditeit en mortaliteit.
Secundaire sarcopenie: het min of meer acuut ontstane verlies van spiermassa ten gevolge
van een acute gebeurtenis zoals bedrust/inactiviteit, ziekte (orgaanfalen, ontsteking,
maligniteit, endocriene ziekte) of problemen met de inname van nutriënten (ondervoeding,
malabsorptie, gastro-intestinale afwijkingen, medicatie), waardoor de afname van de
spiermassa en het mogelijk ontstaan van mobiliteitsstoornissen versneld verlopen.
Voeding- en ziekte gerelateerd.
Oorzaken
Verminderde productie van onder andere testosteron en groeihormoon (bevordert de
eiwitsynthese en remt de eiwitafbraak) als gevolg van leeftijd
Lichamelijke inactiviteit
Lage eiwitinname en vitamine D
Gevolgen
Verminderd fysiek functioneren
Valrisico wordt hoger
ADL (algemene dagelijkse levensactiviteiten/ dagelijkse bezigheden) worden minder
Minder snel herstel bij ziekte
Risicogroepen
Ouderen
Bedlegerige patiënten
Cachexie
Het ernstige verlies van spiermassa door metabole veranderingen als gevolg van ziekte.
Oorzaken
Ernstige ziektes zoals hartfalen, kanker, infectie, brandwonden, aids etc.
Gevolgen
Snellere achteruitgang
Lagere levensverwachting
Risicogroepen
Kankerpatiënten (pancreaskanker, longkanker)
Wasting/ starvation
Bij wasting is er sprake van verlies van zowel het spier- als de vetmassa door ernstig tekort aan
voeding.
Oorzaken
Zeer diverse oorzaken
Alcoholisme