Inhoud
Hoofdstuk 7. Communicatie .................................................................................................................... 2
Hoofdstuk 19 Verandering ...................................................................................................................... 6
Hoofdstuk 5 Leren ................................................................................................................................. 11
Hoofdstuk 6 Persoonlijkheid ................................................................................................................. 14
Hoofdstuk 9. Motivatie.......................................................................................................................... 17
Hoofdstuk 8. Perceptie .......................................................................................................................... 19
Hoofdstuk 12. Individuen in groepen .................................................................................................... 22
Hoofdstuk 10. Groepsformatie.............................................................................................................. 25
Hoofdstuk 11. Groepsstructuur............................................................................................................. 29
Hoofdstuk 21. Conflicten ....................................................................................................................... 32
Hoofdstuk 13. Teamwork ...................................................................................................................... 36
,Hoofdstuk 7. Communicatie
Wat is communicatie?
Het uitwisselen van informatie tussen 2 mensen. Het gaat hierbij ook om een diepere betekenis, wat
wil deze persoon ermee zeggen? Deze betekenis hangt samen met Social Imperatives zoals cultuur.
Social imperatives zitten diep geankerd in de communicatie, mensen gedragen zich nou eenmaal
naar wat sociaal wenselijk is.
Waarom organisationele communicatie?
• Essentieel bij de selectie, training, functioneringsgesprekken, problemen, etc.
• Een poging vanuit management om attitudes en gedrag in te schatten of te veranderen.
• Organisationele communicatie bestaat uit een spectrum aan manieren om met werknemers
te communiceren.
Communicatie wordt ingezet om bereidheid te ontwikkelen voor verandering, zodat mensen erin
mee gaan.
Trap van Quirke: hoe meer je wil veranderen, des te meer je moet doen om medewerkers erbij te
betrekken, des te meer communicatie nodig is.
Shannon & Weaver 1949, Model interpersoonlijke communicatieproces
,Coding & Decoding= een persoon brengt informatie over naar de anderen in de vorm van taal, toon,
woordkeuze, emoticons, etc (coding). De ontvanger moet deze signalen weer decoderen.
Perceptual filters= Hiertussen zitten filters. Dit zijn dingen die het communicatieproces verstoren (bv.
Slecht opletten, slecht horen. Afhankelijk van het referentiekader (aannames, attitudes die invloed
hebben op de normen en waarden) kunnen mensen informatie op een andere manier interpreteren.
➢ Gelukkig kan dit wel teruggekoppeld worden in de vorm van feedback. Deze kan verbaal als
non-verbaal zijn. Hierin kan de ontvanger zien of de boodschap succesvol is overgekomen.
(bijv. als iemand heel boos kijkt, dan is het niet goed).
Dit gebeurt allemaal binnen een bepaalde context. Uit de context kan je opmaken of iets bijv.
sarcastisch is of niet.
Tot slot kan je te maken hebben met interferentie (noise), oftewel ruis op de lijn. Hiermee worden
factoren bedoeld die communicatie verstoren zoals gebrek aan feedback (denk bv. Aan emails). Bij
goede communicatie moet het bericht duidelijker zijn dan de ruis.
Waarom is communicatie zo moeilijk? Het kan verstoord worden door:
• Machtsverschillen (Communicatie met je baas)
• Gender verschillen (niet bewezen)
• Fysieke omgeving (Zit je bij een sollicitatiegesprek tegenover 10 man, of naast 1?)
• Taalgebruik (bv. Dialecten en accenten)
• Culturele verschillen
Daft & Engel: Media richness theory 1990
Verschillende media verschillen in rijkheid. Deze rijkheid wordt bepaald door 4 factoren.
- Multiple cues
- Facilitate rapid feedback
- Establish personal focus
- Utilize natural language
• De belangrijkste factor hierin is het aantal cues/signalen die je kan verzenden/ontvangen.
Hoe meer cues, hoe rijker de media (zoals het gebruik van telefonisch & email & audio etc.)
• Kan iemand erop reageren of niet?
- Synchone media: kan je op reageren (email, chat etc)
- A-synchone media: kan je niet direct op reageren (reclame, posters)
, Non verbale communicatie= Gezichtsuitdrukkingen, houding, kledingstijl, alles zonder woorden.
Verbale communicatie= gesproken, geschreven, alles met woorden. Bij verbale communicatie kan je
gebruik maken van:
• Questioning techniques. Denk hierbij aan het voorbeeld van Loftus & palmer met de vragen
over het auto ongeluk. Doormiddel van verschillende vragen herinnerde mensen zich andere
dingen. het geheugen was niet altijd betrouwbaar en kon gestuurd worden.
• Conversation control signals
Power tells= Vorm van non verbale communicatie. Je wilt hiermee laten zien hoe belangrijk of
dominant je bent of wilt zijn. Denk aan de handdruk van Trump.
Edward Hall 1976: Culturele verschillen
• High context culture: sociaal en non verbale cues zijn belangrijk in communicatie.
- Relatie voorop
- Gebaseerd op vertrouwen
- Lange termijn relaties
- Multiple intersections with others
Hoofdstuk 7. Communicatie .................................................................................................................... 2
Hoofdstuk 19 Verandering ...................................................................................................................... 6
Hoofdstuk 5 Leren ................................................................................................................................. 11
Hoofdstuk 6 Persoonlijkheid ................................................................................................................. 14
Hoofdstuk 9. Motivatie.......................................................................................................................... 17
Hoofdstuk 8. Perceptie .......................................................................................................................... 19
Hoofdstuk 12. Individuen in groepen .................................................................................................... 22
Hoofdstuk 10. Groepsformatie.............................................................................................................. 25
Hoofdstuk 11. Groepsstructuur............................................................................................................. 29
Hoofdstuk 21. Conflicten ....................................................................................................................... 32
Hoofdstuk 13. Teamwork ...................................................................................................................... 36
,Hoofdstuk 7. Communicatie
Wat is communicatie?
Het uitwisselen van informatie tussen 2 mensen. Het gaat hierbij ook om een diepere betekenis, wat
wil deze persoon ermee zeggen? Deze betekenis hangt samen met Social Imperatives zoals cultuur.
Social imperatives zitten diep geankerd in de communicatie, mensen gedragen zich nou eenmaal
naar wat sociaal wenselijk is.
Waarom organisationele communicatie?
• Essentieel bij de selectie, training, functioneringsgesprekken, problemen, etc.
• Een poging vanuit management om attitudes en gedrag in te schatten of te veranderen.
• Organisationele communicatie bestaat uit een spectrum aan manieren om met werknemers
te communiceren.
Communicatie wordt ingezet om bereidheid te ontwikkelen voor verandering, zodat mensen erin
mee gaan.
Trap van Quirke: hoe meer je wil veranderen, des te meer je moet doen om medewerkers erbij te
betrekken, des te meer communicatie nodig is.
Shannon & Weaver 1949, Model interpersoonlijke communicatieproces
,Coding & Decoding= een persoon brengt informatie over naar de anderen in de vorm van taal, toon,
woordkeuze, emoticons, etc (coding). De ontvanger moet deze signalen weer decoderen.
Perceptual filters= Hiertussen zitten filters. Dit zijn dingen die het communicatieproces verstoren (bv.
Slecht opletten, slecht horen. Afhankelijk van het referentiekader (aannames, attitudes die invloed
hebben op de normen en waarden) kunnen mensen informatie op een andere manier interpreteren.
➢ Gelukkig kan dit wel teruggekoppeld worden in de vorm van feedback. Deze kan verbaal als
non-verbaal zijn. Hierin kan de ontvanger zien of de boodschap succesvol is overgekomen.
(bijv. als iemand heel boos kijkt, dan is het niet goed).
Dit gebeurt allemaal binnen een bepaalde context. Uit de context kan je opmaken of iets bijv.
sarcastisch is of niet.
Tot slot kan je te maken hebben met interferentie (noise), oftewel ruis op de lijn. Hiermee worden
factoren bedoeld die communicatie verstoren zoals gebrek aan feedback (denk bv. Aan emails). Bij
goede communicatie moet het bericht duidelijker zijn dan de ruis.
Waarom is communicatie zo moeilijk? Het kan verstoord worden door:
• Machtsverschillen (Communicatie met je baas)
• Gender verschillen (niet bewezen)
• Fysieke omgeving (Zit je bij een sollicitatiegesprek tegenover 10 man, of naast 1?)
• Taalgebruik (bv. Dialecten en accenten)
• Culturele verschillen
Daft & Engel: Media richness theory 1990
Verschillende media verschillen in rijkheid. Deze rijkheid wordt bepaald door 4 factoren.
- Multiple cues
- Facilitate rapid feedback
- Establish personal focus
- Utilize natural language
• De belangrijkste factor hierin is het aantal cues/signalen die je kan verzenden/ontvangen.
Hoe meer cues, hoe rijker de media (zoals het gebruik van telefonisch & email & audio etc.)
• Kan iemand erop reageren of niet?
- Synchone media: kan je op reageren (email, chat etc)
- A-synchone media: kan je niet direct op reageren (reclame, posters)
, Non verbale communicatie= Gezichtsuitdrukkingen, houding, kledingstijl, alles zonder woorden.
Verbale communicatie= gesproken, geschreven, alles met woorden. Bij verbale communicatie kan je
gebruik maken van:
• Questioning techniques. Denk hierbij aan het voorbeeld van Loftus & palmer met de vragen
over het auto ongeluk. Doormiddel van verschillende vragen herinnerde mensen zich andere
dingen. het geheugen was niet altijd betrouwbaar en kon gestuurd worden.
• Conversation control signals
Power tells= Vorm van non verbale communicatie. Je wilt hiermee laten zien hoe belangrijk of
dominant je bent of wilt zijn. Denk aan de handdruk van Trump.
Edward Hall 1976: Culturele verschillen
• High context culture: sociaal en non verbale cues zijn belangrijk in communicatie.
- Relatie voorop
- Gebaseerd op vertrouwen
- Lange termijn relaties
- Multiple intersections with others