Kwaliteitsmanagement
Week 1 – Belangrijkste principes van ISO 9001 en auditen
SHEQ =
Safety > algemene veiligheid op de werkvloer
Health > arbeidsomstandigheden, gezondheid van de medewerker
Environment > impact op het milieu
Quality >
- Quality assurance: kwaliteitsborging, beheersen en verbeteren van processen
- Quality control: meten van eigenschappen van diensten en producten
Kwaliteit van producten => levensduur, werking, materialen, systemen
Kwaliteit van diensten => presentatie, vriendelijkheid, ervaring, netheid
Waarom kiest een bedrijf voor kwaliteit?
Reden 1: de klant wil kwaliteit
Reden 2: onderscheiden van concurrentie
Overige redenen: daling foutkosten, klanttevredenheid, voldoen aan wet- en regelgeving
ISO = International Organization for Standardization
Samenwerkingsverband om normen te stellen
Kwaliteitsnormen ontwikkeld om niet afhankelijk te zijn van verschillende niveaus
per leverancier (oorsprong bij Amerikaanse leger)
In Groot-Brittannië werd de BS 5750 norm ontwikkeld voor niet-militaire afnemers
De ISO-organisatie kreeg opdracht om 1 internationale norm te ontwikkelen (1987)
ISO 9001 (2015) => kwaliteitsmanagementsysteem
- Beleid, procedures, wet- & regelgeving
- Welke doelstellingen een organisatie wil behalen en hoe
Strategische beslissing > op basis van plan een lange termijn doelstelling bereiken
ISO 9001 bevat:
- (Kwaliteitshandboek) > versie 2015 heeft hier minder aandacht voor
=> beschrijving organisatie, structuurverantwoordelijkheden, procedures, processen
en voorzieningen voor kwaliteitszorg
- Kwaliteitsbeleid => intenties en richting van een organisatie t.a.v. kwaliteitszorg
- Kwaliteitsborging => kunnen aantonen dat aan voorwaarden wordt voldaan
Kwaliteitsmanagementprincipes:
Klantgerichtheid
Leiderschap
Engagement (betrokkenheid medewerkers)
Procesbenadering
Verbetering
Op bewijs gebaseerde besluitvorming
Relatiemanagement
, HLS = High Level Structure de basis
Door dezelfde structuur te hanteren, wordt het makkelijker de verschillende
managementsystemen met elkaar te integreren (binnen een organisatie)
6 onderdelen:
- Leiderschap
- Risicomanagement: zowel positieve (kans) als negatieve (bedreiging)
risico’s
DESTEP
SWOT
Vijfkrachtenmodel Porter
- Compliance management: voldoen richtlijnen (milieu,
arbeid, intern gedrag, douane)
- Procesmanagement
- Verbetermanagement: documenteren van incidenten
- Borging en aantoonbaarheid: interne audits en
verbeteringen worden gesignaleerd
ISO-normen => een bedrijf heeft een goed kwaliteitssysteem
Proactief bedrijf (‘wil-bedrijf’) > heeft intrinsieke motivatie om ‘goed’ te doen
Reactief bedrijf (‘moet-bedrijf’) > wil certificaten omdat afnemer dit eist of wenst
Nut van certificering
Bieden van structuur voor een organisatie
In de markt kunnen blijven
Informatie voor de consument
Voordeel = naar buiten bewijzen dat aan kwaliteitsnormen wordt voldaan
Audit = onderzoek of kwaliteitsactiviteiten voldoen aan regelingen, procedures, specificaties,
werkwijzen en instructies
Soorten:
- Kwaliteitssysteemaudits
- Procesaudits
- Productaudits (QA/QC)
- Dienstaudits
First-party audits = door producent zelf (intern)
Second-party audits = afnemers/consumenten
Third-party audits = onafhankelijke organisatie
Audit programma: planning (tijdsbestek + doel) en activiteiten (auditors, tijd, budget)
Audit cyclus:
Week 1 – Belangrijkste principes van ISO 9001 en auditen
SHEQ =
Safety > algemene veiligheid op de werkvloer
Health > arbeidsomstandigheden, gezondheid van de medewerker
Environment > impact op het milieu
Quality >
- Quality assurance: kwaliteitsborging, beheersen en verbeteren van processen
- Quality control: meten van eigenschappen van diensten en producten
Kwaliteit van producten => levensduur, werking, materialen, systemen
Kwaliteit van diensten => presentatie, vriendelijkheid, ervaring, netheid
Waarom kiest een bedrijf voor kwaliteit?
Reden 1: de klant wil kwaliteit
Reden 2: onderscheiden van concurrentie
Overige redenen: daling foutkosten, klanttevredenheid, voldoen aan wet- en regelgeving
ISO = International Organization for Standardization
Samenwerkingsverband om normen te stellen
Kwaliteitsnormen ontwikkeld om niet afhankelijk te zijn van verschillende niveaus
per leverancier (oorsprong bij Amerikaanse leger)
In Groot-Brittannië werd de BS 5750 norm ontwikkeld voor niet-militaire afnemers
De ISO-organisatie kreeg opdracht om 1 internationale norm te ontwikkelen (1987)
ISO 9001 (2015) => kwaliteitsmanagementsysteem
- Beleid, procedures, wet- & regelgeving
- Welke doelstellingen een organisatie wil behalen en hoe
Strategische beslissing > op basis van plan een lange termijn doelstelling bereiken
ISO 9001 bevat:
- (Kwaliteitshandboek) > versie 2015 heeft hier minder aandacht voor
=> beschrijving organisatie, structuurverantwoordelijkheden, procedures, processen
en voorzieningen voor kwaliteitszorg
- Kwaliteitsbeleid => intenties en richting van een organisatie t.a.v. kwaliteitszorg
- Kwaliteitsborging => kunnen aantonen dat aan voorwaarden wordt voldaan
Kwaliteitsmanagementprincipes:
Klantgerichtheid
Leiderschap
Engagement (betrokkenheid medewerkers)
Procesbenadering
Verbetering
Op bewijs gebaseerde besluitvorming
Relatiemanagement
, HLS = High Level Structure de basis
Door dezelfde structuur te hanteren, wordt het makkelijker de verschillende
managementsystemen met elkaar te integreren (binnen een organisatie)
6 onderdelen:
- Leiderschap
- Risicomanagement: zowel positieve (kans) als negatieve (bedreiging)
risico’s
DESTEP
SWOT
Vijfkrachtenmodel Porter
- Compliance management: voldoen richtlijnen (milieu,
arbeid, intern gedrag, douane)
- Procesmanagement
- Verbetermanagement: documenteren van incidenten
- Borging en aantoonbaarheid: interne audits en
verbeteringen worden gesignaleerd
ISO-normen => een bedrijf heeft een goed kwaliteitssysteem
Proactief bedrijf (‘wil-bedrijf’) > heeft intrinsieke motivatie om ‘goed’ te doen
Reactief bedrijf (‘moet-bedrijf’) > wil certificaten omdat afnemer dit eist of wenst
Nut van certificering
Bieden van structuur voor een organisatie
In de markt kunnen blijven
Informatie voor de consument
Voordeel = naar buiten bewijzen dat aan kwaliteitsnormen wordt voldaan
Audit = onderzoek of kwaliteitsactiviteiten voldoen aan regelingen, procedures, specificaties,
werkwijzen en instructies
Soorten:
- Kwaliteitssysteemaudits
- Procesaudits
- Productaudits (QA/QC)
- Dienstaudits
First-party audits = door producent zelf (intern)
Second-party audits = afnemers/consumenten
Third-party audits = onafhankelijke organisatie
Audit programma: planning (tijdsbestek + doel) en activiteiten (auditors, tijd, budget)
Audit cyclus: