College 1
Taalverwerving
Ieder kind leert zijn moedertaal te spreken of te verstaan
De meerderheid van de kinderen leert 2 of meer talen
Wat zijn de eigenschappen van het cognitieve systeem/het brein die dat mogelijk maakt?
Wat doen wij met taal en wat doet taal met ons?
Stroop taak: doel van deze test is om de kleur aan te geven die het woord heeft en niet de
betekenis van het woord. Lezen is geautomatiseerd en het benoemen van kleuren niet.
Daarom lees je bij deze test tocht vaak het woord GROEN ipv de kleur van het woord (nmelijk
rood).
Taal is niet altijd vanzelfsprekend. Dat is te zijn bij de volgende processen waarbij de taalverwerking
niet meer goed is:
Dyslexie, afasie, stotteren, aanleren tweede taal
College 2
Functies van taal:
Inhoudelijke informatie uitdrukken
Informatie over de gemoedstoestand/affect van de spreker over brengen
Iets bij de ander tot stand brengen
Contact maken
Volgens Pinker is taal een instinct:
Taal is een complexe en specifieke vaaridgeid
Taal ontwikkelt zich spontaan (je hoeft niet te weten hoe het werkt)
Er wordt onderscheid gemaakt tussen algemene cognitieve vaardigheden zoals denken en
taal
Spreken is meer dan het produceren van luchtdruk en verstaan is meer dan het waarnemen van
luchtdrukschommelingen.
Mentale grammatica: een set van regels dat iedere moedertaalspreker tot zijn beschikking heeft. Een
abstract en onbewust taalkundig systeem. De eigenschappen worden door aangeboren universele
taalkundige principes beperkt. Universele grammatica is aangeboren.
Waar komt het idee van mentale en universele grammatica vandaan?
Taaluniversalia:
Taal moet altijd worden aangeleerd
Taal veranderd altijd
Elke menselijke samenleving heeft haar eigen taal
Alleen mensen zijn in staat tot het produceren van taal. Een taal heeft altijd minstens 2
klinkers
Een taal heeft een karakteristieke intonatie
In verscheidene toon talen heeft de intonatie ook een betekenisonderscheidende functie
Alle talen hebben functiewoorden en inhoudswoorden
,The poverty of the stimulus: input is beperkt, talige input moet aangevuld worden met een vorm van
aangeboren talige kennis.
Chomsky
De taal die een moedertaalspreker leert is complex en krachtig/overvloedig dat het niet aannemelijk
is dat de input die een kind krijgt voldoende is om een taal te ontwikkelen. Toch ontwikkelen alle
individuen van een taalgemeenschap min of meer dezelfde taal. Dit kan alleen verklaard worden
door middel van de verwerking van de ontwikkeling van de grammatica.
Taalverwerving:
Kinderen passen regels toe die ze niet geleerd hebben
De fouten worden zelden expliciet gecorrigeerd
Grammaticale regels zijn complex (Pinker: kinderen kunnen automatisch juist vragen
formuleren)
College 3
Voor elke taalverwerver is er een kritische periode. Dit is het ideale moment voor de verwerving van
taal in een talige omgeving. Na deze periode wordt taalverwerving moeilijker en minder succesvol.
De 1e en 2e taalverwerving verschillen van elkaar met betrekking tot het resultaat. De 2 e taal is bijna
nooit zo goed als de 1e taal.
Lenneberg: het brein wordt steeds minder plastisch en raakt daardoor de flexibiliteit kwijt.
Age of acquisition: hoe later een taal wordt aangeleerd, des te vaker er fouten in
spraak/uitspraak en grammatica aanwezig zijn. Het niveau van een taal leren gaat altijd op
een constante manier achteruit.
Pidgen en creool talen:
Pidgen Altijd een tweede taal
Vereenvoudigen van de eerste taal
Gemengd met elementen van 1 of meer talen
Ongrammaticaal en niet stabiel
Creool Kinderen die een PIDGEN leren als moedertaal
Grammatica met een nieuwe set van regels
Specific Language Impairment
Problemen met taal en spraak die niet het gevolg zijn van een andere aandoening. Er zijn problemen
met schrijven, spreken, lezen, begrip, uitspraak en grammatica.
College 4
Mentalese: de taal waarin het brein denkt. Hoe verhouden taal en denken zich tot elkaar?
Volgens Pinker kunnen taal en denken niet hetzelfde zijn.
Tijdens het spreken corrigeren we onszelf omdat wat we zeiden niet hetgeen was we
bedoelden. Wat we bedoelen is dus iets anders. Sommige gedachten zijn niet of moeiijk
onder woorden te brengen. Gesproken taal herinneren we niet letterlijk. Wat herinneren wij
wel? De boodschap en of de betekenis.
Als denken afhankelijk is van taal kan er geen nieuwe woorden bedacht worden. de
gedachtes daarvoor zouden niet gedacht kunnen worden.
, De structuur van een taal beïnvloedt de cognitieve processen.
Wilheml von Humboldt: gedachten zijn hetzelfde als een soort innerlijke taal, met dezelfde
grammatica als de moedertaal. De grammatica is een weerspiegeling van de manier van
denken.
Voorbeelden van denken zonder taal:
Afasiepatiënten Kunnen net zo goed nadenken
Dove volwassenen Bvb nooit een gebarentaal aangeleerd
5 maand oude baby’s Kunnen wel simpel rekenen. Baby’s kijken langer naar foute
oplossingen en weten dus wat de juiste oplossing zou moeten zijn
Als we niet in termen van taal spreken, waarin spreken we dan wel?
Conceptueel gedachtensysteem
o Hoe ziet dit er uit?
o Hoe onderscheidt dit mentalese zich van de natuurlijke taal?
Turing machine
o Gebruik maken van symbolen. Symbolen staan voor concepten
o Configuratie heeft een betekenis.
Mentalese is niet hetzelfde als een taal
De eisen die aan een mentale representatie worden gesteld zijn verschillend van de eisen
aan taal.
Voordelen van mentalese:
Representaties die ten grondslag liggen aan denkprocessen hoeven niet in dezelfde beperkingen te
voldoen als taal:
Rekening houden met korte aandachtsspan
Spreken kost tijd
Niet alle info kan onder woorden worden gebracht
Luisteraar moet interpreteren en aanvullen
Onderscheidende kenmerken van een taal:
Arbitrariness:
o De link tussen klank en betekenis
o Uit je hoofd leren van bepaalde woorden, klanken
College 5
What is the trick behind the ability of Homo Sapiens to convey that man bites dog?
The arbritrariness of the sign (Ferdinand de Saussure)
Als kind leer je de link tussen de klank en betekenis van dog uit je hoofd. Het voordeel daarvan is dat
je makkelijk concepten kan uitwisselen.
welke is TAKETE en welke is BALUBA?
De relatie tussen klank en betekenis is volledig onafhankelijk. Het is niet mogelijk om de woordvorm
op basis van de betekenis te voorspellen. De gevonden relaties tssen klank en betekenis zijn
algemeen.