HC 1 Gezinspedagogiek – Het gezin in evolutionair perspectief
Fenotype wordt gevormd door
- Gedeelde omgeving (c=common environment)
- Unieke omgeving (e=error)
- Genen (G=genes)
Genen en omgeving kunnen elkaar versterken
- Assortative mating is the tendency for people to choose mates who are more similar
(positive) or dissimilar (negative) to themselves in phenotype characteristics than would be
expected by chance.
- Correlatie tussen genen en omgeving
Kind kiest omgeving die bij hem past
Omgeving kan uitkomst gen versterken
Genetische bagage kind roept reacties omgeving op
Sociale interactie met genetisch verwante personen
- Interactie tussen genen en omgeving: GxO
Genetische ontvankelijkheid bepaalt invloed van omgevingsinvloeden
De drie gebieden (G, C, E) beïnvloeden elkaar
- Ouders (C) hebben invloed op keuze school (E)
- Differentiële onafhankelijkheid (G) invloed op effect ouders (C)
- Monozygote tweeling (G) lokt eenzijdige opvoeding uit (C), G lijkt groter bij MZ
Sociale intelligentie
- Machiavellian intelligence hypothesis: gebruik maken van inside information (weten wat een
ander weet)
- Machiavellian intelligence zichtbaar in gedrag:
Iemand de schuld geven of vergeven
Liegen of waarheid vertellen
Bondjes sluiten
Beloftes maken of breken
Regels maken of overtreden
Iemand misleiden
Mensen zijn beter in mind-reading dan apen!
- Gehechtheidsgedrag heeft overlevingswaarde
- Bowlby: nabijheid moeder (monotropie!) essentieel voor overleven
- Maar: zorg door alloparents kan ook
Bowlby vs Hrdy
- Bowlby: Infant survival depends on baby’s relationship with his mother
- Hrdy: Infant survival depends on baby’s relationship with mother + others
Evolutietheorie
Fenotype wordt gevormd door
- Gedeelde omgeving (c=common environment)
- Unieke omgeving (e=error)
- Genen (G=genes)
Genen en omgeving kunnen elkaar versterken
- Assortative mating is the tendency for people to choose mates who are more similar
(positive) or dissimilar (negative) to themselves in phenotype characteristics than would be
expected by chance.
- Correlatie tussen genen en omgeving
Kind kiest omgeving die bij hem past
Omgeving kan uitkomst gen versterken
Genetische bagage kind roept reacties omgeving op
Sociale interactie met genetisch verwante personen
- Interactie tussen genen en omgeving: GxO
Genetische ontvankelijkheid bepaalt invloed van omgevingsinvloeden
De drie gebieden (G, C, E) beïnvloeden elkaar
- Ouders (C) hebben invloed op keuze school (E)
- Differentiële onafhankelijkheid (G) invloed op effect ouders (C)
- Monozygote tweeling (G) lokt eenzijdige opvoeding uit (C), G lijkt groter bij MZ
Sociale intelligentie
- Machiavellian intelligence hypothesis: gebruik maken van inside information (weten wat een
ander weet)
- Machiavellian intelligence zichtbaar in gedrag:
Iemand de schuld geven of vergeven
Liegen of waarheid vertellen
Bondjes sluiten
Beloftes maken of breken
Regels maken of overtreden
Iemand misleiden
Mensen zijn beter in mind-reading dan apen!
- Gehechtheidsgedrag heeft overlevingswaarde
- Bowlby: nabijheid moeder (monotropie!) essentieel voor overleven
- Maar: zorg door alloparents kan ook
Bowlby vs Hrdy
- Bowlby: Infant survival depends on baby’s relationship with his mother
- Hrdy: Infant survival depends on baby’s relationship with mother + others
Evolutietheorie