Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Class notes

Werkcollege 3 Inleiding Fiscaal Recht

Rating
-
Sold
-
Pages
14
Uploaded on
02-11-2023
Written in
2019/2020

Omvat Werkcollege 3 van het vak Inleiding Fiscaal Recht aan de EUR in Bachelor Jaar 1. Hierin worden oefeningen uitgelegd met antwoorden.

Institution
Course

Content preview

WERKCOLLEGE 3
1. Vraag 1
Fatima werkt ’s zomers 5 dagen per week (van 12.00 uur tot 20.00 uur) als serveerster op het terras van café
“De Heuvels” in Delft. Ze heeft op het terras haar eigen gedeelte toegewezen gekregen. Ze neemt bestellingen
op, haalt die binnen in het restaurant en rekent af met de klanten. De afgifte van de bestellingen gebeurt aan
de bar met behulp van elektronische apparatuur die registreert hoeveel consumpties elke serveerster heeft
meegenomen. Aan het eind van de dag wordt er afgerekend. Elke serveerster draagt aan de eigenaar de
verkoopprijs van de op haar naam geregistreerde consumpties af. De eigenaar betaalt vervolgens het salaris
van € 15 per uur (conform de horeca CAO). Fatima vraagt u wat hiervan de gevolgen zijn:
a) het salaris is object voor de loonbelasting en de inkomstenbelasting
b) het salaris is alleen object voor de inkomstenbelasting
c) het salaris is alleen object voor de loonbelasting
d) het salaris is geen object voor de loonbelasting en de inkomstenbelasting


Vraag 2
Is in de volgende situaties sprake van een werknemer voor de loonbelasting?
- Pieter is 21 jaar en fulltime werkzaam in de kruidenierswinkel van zijn vader. De arbeidsvoorwaarden
van Pieter komen overeen met die van een willekeurige werknemer.
- Jan Jansen is commissaris van een in Nederland gevestigde N.V.
- Rosa is 3 dagen per week werkzaam bij de familie Van Vliet als hulp in de huishouding en om
mevrouw Van Vliet te verzorgen.
a. Pieter, Jan en Rosa zijn alle drie werknemers
b. Pieter en Jan zijn werknemers, Rosa niet
c. Jan en Rosa zijn werknemers, Pieter niet
d. Pieter is werknemer, Jan en Rosa niet


Uitwerking:
Pieter: waarom is hij een werknemer voor de loonbelasting? Altijd eerst toetsen:
- Is er dienstbetrekking?
- Is er persoonlijke arbeid?
- Is er loon?
- Is er een gezagsverhouding?
Bij Pieter is er ja, dus nu is het een werknemer in dienstbetrekking.
Om te voldoen aan de loonbelasting moet je voldoen aan art. 1 en art. 2 van de LB.


Jan Jansen: een commissaris houdt toezicht op het bestuur.
- Is er een dienstbetrekking?
- Is er persoonlijke arbeid?
- Is er loon?
- Is er een gezagsverhouding?
Voorheen was dit een fictieve dienstbetrekking, die geldt dus nu niet meer, we hebben namelijk te weinig
informatie. Je zou denken dat het antwoord D is, maar door te weinig informatie zou je dus B en D kunnen
zeggen omdat dit een oude tentamenvraag is.


Rosa: drie dagen in de week hulp/huishouding van een mevrouw.
Waarom geen dienstbetrekking? Art. 5 LB

, Vraag 3
I
Bas Bot werkt op de afdeling hypotheken van de D Bank. Alle medewerkers van de D Bank die een hypotheek
afsluiten bij die bank, krijgen een korting van 2% op de verschuldigde rente. Bas Bot heeft bij de D Bank een
hypothecaire lening afgesloten van € 200.000. De rente zou normaal gesproken 5% bedragen. Vanwege de
kortingsregeling betaalt Bas slechts 3%.
a) De D Bank is belastingplichtig voor de loonbelasting over € 4.000
b) Bas moet inkomstenbelasting betalen over € 4.000
c) Bas is loonbelasting verschuldigd over € 6.000
d) Dit heeft geen fiscale gevolgen


Uitwerking:
Er is een korting van 2% en dat is dus €4.000
Je zou dus kunnen zeggen dat loon hetgeen is dat al uit dienstbetrekking wordt genoten (art. 10 LB) en dat is
dus die 2% omdat hij bij de bank werkt.
Maar het subject is degene die loon ontvangt en de bank is de inhoudingsplichtige voor de loonbelasting over
die €4.000 inhoudt. → Omdat dus het subject, dus degene die de loonbelasting moet betalen is de werknemer.
Dus dat zou dan geheven worden over Bas Bot. → Hierdoor is antwoord A dus onjuist.


Het goede antwoord is B, Bas Bot moet inkomstenbelasting betalen over €4.000. want loon is hetgeen wat
allemaal uit dienstbetrekking wordt genoten en dat is dan dus loon en daarover moet je loonbelasting betalen.
Die 2% valt dus onder die dienstbetrekking en daarom valt het onder art. 10 LB


C: het moet 4.000 euro zijn i.p.v. 6.000 want die 6.000 is gewoon de rente die hij moet betalen en dat is niet het
voordeel dat hij krijgt uit die dienstbetrekking.


D: is sowieso onjuist, want het heeft wel fiscale gevolgen.


De inhoudingsplichtige is vrijwel altijd de werkgever en houdt dus altijd wel belasting in voor de
werknemer.


II
De D Bank wil meer internetspaarders aantrekken. Iedereen die in de maand april een internetspaarrekening
opent, krijgt van de D Bank € 50 op zijn rekening gestort. Bas Bot opent een internetspaarrekening en ontvangt
€ 50.
a) Het bedrag van € 50 is subject van de loon en inkomstenbelasting
b) Het bedrag van € 50 is object van de loonbelasting
c) Het bedrag van € 50 is subject van de inkomstenbelasting
d) Het bedrag van € 50 is niet belast met loon en inkomstenbelasting


Antwoord A en C is sowieso onjuist, omdat die €50 dat is een sowieso een object, want het subject is
bijvoorbeeld een natuurlijk persoon en dat is €50 niet. Alleen antwoord B is ook onjuist, want wil er dus sprake
zijn van loon dan is dat al hetgeen uit dienstbetrekking wordt genoten, maar deze €50 wordt niet verstrekt met
betrekking tot de dienstbetrekking, in tegenstelling tot 3a. Maar nu krijgt iedereen die die spaarrekening opent,
krijgt die €50. Dus is het antwoord D

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
November 2, 2023
Number of pages
14
Written in
2019/2020
Type
Class notes
Professor(s)
-
Contains
College 3 oefeningen

Subjects

$5.38
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
merle_1234 De Nassau (Breda)
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
88
Member since
8 year
Number of followers
73
Documents
111
Last sold
10 months ago

4.2

25 reviews

5
8
4
13
3
4
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions