Onderzoek
Theorieën
Structureren van problemen
Selecteren van relevante determinanten
Richting voor de oplossing
Evaluatie
Onderzoeksmethoden
Wetenschappelijke methode
- Vier belangrijke waarden
o Accuraatheid
o Objectiviteit
o Scepticisme
o Open-mindedness
Mondain realisme; de fysieke setting is gelijk aan de setting waarin het fenomeen
voorkomt
Psychologisch/experimenteel realisme; de subjectieve, mentale setting is gelijk aan de
setting waarin het fenomeen voorkomt
Reverse causaliteit; wanneer twee variabelen gerelateerd zijn aan elkaar, is het niet
mogelijk te weten welke variabele de ander veroorzaakt
Experimenteel design/randomized control trial
- Systematisch variëren van de onafhankelijke variabele en nagaan welk effect dat heeft
op de afhankelijke variabele
- Random toewijzing; alleen variatie in onafhankelijke variabelen
- Causaliteit toetsen; echter niet altijd mogelijk
- Veel controle over onderzoek
- Problemen
o Artificieel
o Generaliseerbaarheid
o Dit design is niet altijd mogelijk
o Lange termijneffecten?
Quasi-experimenteel design
- Geen random toewijzing
- Problemen
o Geen volledige controle over de manipulatie; er kunnen geen uitspraken over
causaliteit gedaan worden
o Geen random toewijzing; derde variabelen kunnen niet uitgesloten worden
- Person-by-treatment quasi-experimenteel design; één van de onafhankelijke
variabelen wordt gemanipuleerd (behandeling), de ander wordt gemeten (persoon)
Vragenlijstonderzoek (opinieonderzoek)
- Beschrijvend
- Verschillen tussen groepen
- (Soms) relaties tussen variabelen
- Om te generaliseren, moeten goede, grote steekproeven getrokken zijn
Correlationeel onderzoek
- Nagaan in welke mate variabelen samenhangen
- Hoge externe validiteit
,2
- Problemen
o Causaliteit is niet goed te toetsen; er is geen sprake van manipulatie
o Derde variabelen kunnen niet uitgesloten worden
Evaluatieonderzoek
- Inschatting van de werking en effectiviteit van interventies
o Is het nodig?
o Uitkomst; gewenste en neveneffecten
o Proces; waarom (niet) effectief
Ethische voorschriften specifiek voor sociale wetenschappers
- Zoveel mogelijk vermijden van misleiding
- Informed consent
- Vermijden van inbreuk op privacy
- Er moet een debriefing plaatsvinden
Doelen van de wetenschap
- Beschrijving
- Predictie
- Causaliteit
- Verklaring
(Toegepaste) sociale psychologie
Sociale psychologie
Wetenschap die zich richt op het begrijpen van de aard en oorzaken van menselijk gedrag,
cognities en emoties in sociale situaties
Principe; werking van een psychologisch proces
- Voorbeelden
o Cognitieve dissonantie; tegenstrijdige cognities of een tegenstrijdigheid
tussen gedrag en cognitie
o Groupthink
o Bystander effect
o Voet-in-de-deur effect
Theorie; geïntegreerde set principes waarmee gedrag en cognities kunnen worden
beschreven, verklaard en voorspeld
- Principes; geïntegreerd in theorieën en beschrijven een psychologisch proces
,3
- Constructen; bouwstenen van theorieën en principes en geven individuele
karakteristieken weer die niet direct te observeren zijn
o Houdingen, waarden, sociale normen en affectieve, motivationele en
cognitieve aspecten van gedrag
- Modellen; integreren theorieën en principes
- Theorieën over sociale invloed; invloed van sociale omgeving op gedachten,
gevoelens en gedrag
o Voorbeeld; focus theory of normative conduct
Verklaart hoe verwachtingen over andermans verwachtingen of over
wat de meerderheid van de groep zal gaan doen van invloed zijn op
iemands gedrag
Injunctieve normen; wat je verwacht dat andere mensen van je
verwachten
Descriptieve normen; wat je verwacht dat andere mensen zullen doen
o Imitatie
o Conformiteit; gedrag wordt veranderd om consistent te zijn met de reële of
ingebeelde sociale verwachtingen
o Volgzaamheid
o Gehoorzaamheid
- Theorieën over sociale cognitie; hoe we denken over anderen en de wereld
o Voorbeelden
Attributietheorie
Fundamentele attributiefout; het onderschatten van
situationele factoren en overschatten van persoonlijke factoren
bij anderen
Cognitieve dissonantietheorie
Theorie van gepland gedrag; ons gedrag wordt bepaald door onze
intenties
Sociale vergelijkingstheorie
- Theorieën over sociale relaties; hoe gaan we om met anderen?
o Voorbeelden
Ingroup/outgroup biases
Stereotypen
Vooroordelen
Motivatie
o Intrinsiek gemotiveerde mensen vinden het
persoonlijk belangrijk om niet bevooroordeeld te zijn
o Extrinsiek gemotiveerde mensen vinden het belangrijk
om niet bevooroordeeld over te komen op anderen
Discriminatie
o Theory of identity maintenance; gediscrimineerde
groepen verschaffen een positieve collectieve identiteit
die de eigenwaarde en het zelfvertrouwen beschermt
d.m.v. de trots van de ingroup
Prosociaal gedrag
Twee doelen
o Herstellen van relaties
o Versterken van relaties
, 4
Interdependentietheorie
Dual concern-model; in elk conflict is er sprake van (1) eigen belang
en (2) het belang van anderen
(1) laag, (2) hoog; afstaan
(1) laag, (2) laag; niks doen
(1) hoog, (2) laag; strijden
(1) hoog, (2) hoog; probleem oplossen
Social impact theory; verklaard helpend gedrag
Verspreiding van verantwoordelijkheid
Pluralistische onwetendheid; naar anderen kijken als bron van
informatie om een situatie te interpreteren
- Trans theoretical model; vijf fases van gedragsverandering
o Precontemplatie fase; geen motivatie om gedrag te veranderen
o Contemplatie fase; er wordt gedacht over verandering, maar het doen wordt
uitgesteld
o Preparatie fase; planning om nieuw gedrag op korte termijn aan te nemen
o Actie fase; uitvoeren van gedragsverandering en actief voorkomen van
terugval
o Onderhoudsfase; integratie van nieuw gedrag in iemands leven
o Fases kunnen niet overgeslagen worden
- Rational choice theory; individuen zijn gemotiveerd om zich te gedragen op
manieren die hun eigen interesses en behoeftes promoot
Toegepaste sociale psychologie; toepassen van sociaal psychologische constructen,
principes, theorieën, interventietechnieken, methoden en onderzoeksresultaten om sociale
problemen te begrijpen en op te lossen
- Construct; latente individuele eigenschap
o Attitude
o Waarde
o Sociale normen
o Prestatiemotivatie
- Verschillen tussen de fundamentele sociale psychologie en de toegepaste sociale
psychologie
o Fundamenteel
Nadruk op het ontwikkelen en testen van theorieën
Theoretische vooruitgang boeken
Deductief
Van theorie naar probleem
Nauwe benadering
Eén theorie