Dividends in Equity Valuation
Zoals de titel al aangeeft, gaat dit artikel over huidige en toekomstige opbrengsten, boekwaarden en
dividend. Wat je niet in de titel leest is dat deze onderwerpen worden geanalyseerd en verwerkt
worden in een model waar de marktwaarde van een betreffende organisatie wordt gerelateerd aan
deze onderwerpen.
Het model, ook wel het clean surplus theory model (CST), betekent niets anders dan dat alle
mutaties in het eigen vermogen, uitgezonderd de kapitaalstortingen en –onttrekkingen, rechtstreeks
via de Winst en verliesrekening lopen.
Dit model biedt een raamwerk om te analyseren hoe de marktwaarde van een onderneming en de
rendementen van effecten tot uitdrukking komen in de balans- en resultaatcomponenten. De theorie
gaat uit van drie veronderstellingen:
1. Alle baten en lasten worden via de resultatenrekening verwerkt
2. Er is sprake van dividend-irrelevantie
3. Er is geen informatie asymmetrie
Deze theorie biedt de mogelijkheid om een voorspelling te doen over de fundamentele waarde van
de onderneming, door aan te tonen dat de marktwaarde van de onderneming kan worden
uitgedrukt in aspecten van de balans en winst en verlies rekening.
De theorie van Ohlson veronderstelt daarnaast dat de accountant de boekwaarde juist en volledig
moet bepalen zodat de markt niet op basis van andere informatie bronnen beslissingen hoeft te
nemen, om deze reden leidt dat direct tot het ‘measurement perspective’.
Het model kent twee verschillende aspecten:
1. Het moet gebaseerd zijn op de balans
2. Het moet gebaseerd zijn op de winst en verlies rekening
De marktwaarde is op basis van deze uitgangspunten: de som van de netto boekwaarde zoals af te
lezen uit de balans en de verwachte waarde van de niet opgenomen goodwill. De formule die dan de
marktwaarde definieert is dan als volgt:
PA=BV + g
Hierbij gelden de volgende definities:
PA = marktwaarde
BV = beginvermogen
g = de verwachte contante waarde van de “abnormal earnings” oftewel de niet opgenomen goodwill
Wanneer er sprake is van ideale omstandigheden, is alles gewaardeerd op fair value, zal g = 0 gelden,
aangezien dan alles in de waardering van het begin vermogen zit, dit heet unbiased accounting. In dit
geval biedt de winst en verliesrekening geen toegevoegde waarde meer. Dit bestaat echter alleen
theoretisch en dus zal er altijd sprake zijn van biased accounting, wat het verschil tussen de
marktwaarden en de boekwaarden representeert. Het verschil in dit model is de verwachte contante
waarde van abnormal earnings oftewel de niet opgenomen goodwill.
Het verband tussen de theorie van Ohlson en het measurement perspectief is dat de boekwaarde zo
nauwkeurig mogelijk moet worden bepaald, dit zodat de markt (investeerders) minder inschattingen
hoeven te maken op het gebied van de niet opgenomen goodwill.