WEEK 1 WC 1 HISTOLOGIE
Functie parodontium: aanhechting en bescherming
Welke aspecten? Na deze les is het belangrijk om te kunnen benoemen:
Epitheel, aaneengesloten, meerlagig. Bevat celstructuren die ervoor zorgen dat de cellen
enorm goed aan elkaar hechten. Hierdoor is het lastig voor bacteriën om binnen te dringen.
Het verhoornen helpt tegen mechanische krachten zoals harde voedseldelen. Het epitheel is
verder verbonden aan de basale lamina/basaalmembraan. Epitheel reageert op ontsteking
door rugae (retelijst) te vormen, waardoor de aanhechting versterkt. Verder: in het epitheel
zitten dendritisch cellen. Dit zijn cellen die (bacterieel) antigeen opsporen en een uitgebreide
immuunreactie op gang kunnen brengen. Tot slot: het epitheel van de mond wordt
bevochtigd door het speeksel. Ook hierin waanzinnig veel beschermende stoffen, daarover
vertelt de afdeling orale biochemie vast meer.
De gingiva is rood dus heeft een goede doorbloeding, ook heel belangrijk bij gingivitis.
Collagene vezels, het bindweefsel van de gingiva, maakt verankering mogelijk.
Bij ontsteking meer doorbloeding gingiva roder imuuncellen kunnen de plek
makkelijker bereiken.
Maar ook hoe meer roodheid hoe meer rode bloedcellen hoe meer
zuurstofuitwisseling hoe minder kans dat anaerobe bacteriën kunnen groeien.
De grote doorbloeding is mogelijk door vasodilatatie (verwijding van bloedvaten), hierdoor
krijgen de vaten een groter volume en gaat bloed langzamer stromen waardoor
immuuncellen beter te werk kunnen gaan.
Bij gingivitis heb je retelijsten als reactie van het lichaam om de gingiva in stand te houden.
Epitheel is een weefsel, dat iets bedekt en contact met de buitenwereld heeft.
Interdentale papilla: gingiva tussen de elementen
Vrije gingiva: Naar de tand toe wordt zij begrensd door de sulcus gingivalis en de interne
lamina basalis.
Aangehechte gingiva: De vaste gingiva is dat gedeelte van de gingiva dat onbeweeglijk vast
verbonden is met het onderliggend (alveolair) been
Orale mucosa:
Functie parodontium: aanhechting en bescherming
Welke aspecten? Na deze les is het belangrijk om te kunnen benoemen:
Epitheel, aaneengesloten, meerlagig. Bevat celstructuren die ervoor zorgen dat de cellen
enorm goed aan elkaar hechten. Hierdoor is het lastig voor bacteriën om binnen te dringen.
Het verhoornen helpt tegen mechanische krachten zoals harde voedseldelen. Het epitheel is
verder verbonden aan de basale lamina/basaalmembraan. Epitheel reageert op ontsteking
door rugae (retelijst) te vormen, waardoor de aanhechting versterkt. Verder: in het epitheel
zitten dendritisch cellen. Dit zijn cellen die (bacterieel) antigeen opsporen en een uitgebreide
immuunreactie op gang kunnen brengen. Tot slot: het epitheel van de mond wordt
bevochtigd door het speeksel. Ook hierin waanzinnig veel beschermende stoffen, daarover
vertelt de afdeling orale biochemie vast meer.
De gingiva is rood dus heeft een goede doorbloeding, ook heel belangrijk bij gingivitis.
Collagene vezels, het bindweefsel van de gingiva, maakt verankering mogelijk.
Bij ontsteking meer doorbloeding gingiva roder imuuncellen kunnen de plek
makkelijker bereiken.
Maar ook hoe meer roodheid hoe meer rode bloedcellen hoe meer
zuurstofuitwisseling hoe minder kans dat anaerobe bacteriën kunnen groeien.
De grote doorbloeding is mogelijk door vasodilatatie (verwijding van bloedvaten), hierdoor
krijgen de vaten een groter volume en gaat bloed langzamer stromen waardoor
immuuncellen beter te werk kunnen gaan.
Bij gingivitis heb je retelijsten als reactie van het lichaam om de gingiva in stand te houden.
Epitheel is een weefsel, dat iets bedekt en contact met de buitenwereld heeft.
Interdentale papilla: gingiva tussen de elementen
Vrije gingiva: Naar de tand toe wordt zij begrensd door de sulcus gingivalis en de interne
lamina basalis.
Aangehechte gingiva: De vaste gingiva is dat gedeelte van de gingiva dat onbeweeglijk vast
verbonden is met het onderliggend (alveolair) been
Orale mucosa: