Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting EER: Interne Marktrecht van de Europese Unie

Beoordeling
3.8
(5)
Verkocht
3
Pagina's
60
Geüpload op
03-01-2018
Geschreven in
2017/2018

Samenvatting van de hoorcolleges Interne Marktrecht van de Europese Unie van het vak Europees Economisch Recht. Inclusief jurisprudentie.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting EER: Het interne markrecht van de Europese Unie

Interne markt & vrij verkeer van goederen I (tarifaire belemmeringen)
VwEU (Werkingssfeer):
- 1958: EEG
- 1993: EG
- 2009: VwEU
Dit betekent dat de nummering twee keer is gewijzigd (in 1999 bij Verdrag van Amsterdam en in
2009 bij het Verdrag van Lissabon). Bijv. art. 12 EEG  Art. 25 EG  Art. 30 VwEU

Op Blackboard staat een concordantietabel met de omzettingen. Idee: nieuwe artikelen bij de oude
artikelen zetten in de jurisprudentiebundel.

Algemene aspecten van de interne markt
Wat is de interne markt?
- Art. 26 lid 2 VWEU  de interne markt omvat een ruimte zonder binnengrenzen waarin het
vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal is gewaarborgd volgens de
bepalingen van het verdrag. Het is een ruimte zonder binnengrenzen en die ruimte wordt
gevormd door het grondgebied van de 28 lidstaten.
- De vier fundamentele vrijheden  het is de bedoeling dat de goederen, personen, diensten
en kapitaal kunnen circuleren zonder belemmeringen. Het moet hetzelfde figureren als in
een binnenlandse markt:
o Vrij verkeer van goederen (art. 30, 34-37, 110 VWEU)
o Vrij verkeer van personen
▪ Vrij verkeer van niet-economisch actieve burgers (art. 18 VWEU)
▪ Vrij verkeer van werknemers (art. 45-48 VWEU)
▪ Vrijheid van vestiging (art. 49-55 VWEU)
o Vrij verkeer van diensten (art. 56-62 VWEU)
o Vrij verkeer van kapitaal (art. 63-66 VWEU)  deze wordt niet behandeld.

Twee soorten bepalingen:
- Vrije verkeersbepalingen  deze artikelen zijn gericht tot de lidstaten en tot de overheid en
verbieden de overheid maatregelen te treffen of te handhaven die het vrije verkeer kunnen
belemmeren. Voorbeeld: Reinheitsgebot.
- Mededingingsbepalingen  art. 101 en 102 VWEU zijn niet gericht tot de overheid/lidstaten,
maar tot ondernemingen omdat het gedrag van ondernemingen ook het goed functioneren
van de interne markt in gevaar kan brengen.
Ondernemingen haten onzekerheid over wat de concurrent gaat doen en als zij dan een
overeenkomst met elkaar sluiten, een marktverdelingsovereenkomst, waarbij zij de markt
opdelen in nationale markten, brengt dat het idee van de interne markt in gevaar. Dit kan in
strijd komen met art. 101 VwEU: het kartelverbod.

Grensoverschrijdend element: wie of wat gaat de grens over?
Je moet allereerst kijken of het EU-recht van toepassing is of het nationale recht van de lidstaten. Het
EU-recht is van toepassing als sprake is van een grensoverschrijdend element (iets of iemand moet
de grens overgaan:
- Goed?  Definitie van een ‘goed’ (zie Zaak C-2/90 Commissie/België): vrij verkeer van
goederen.
- Dienst?  Definitie van een ‘dienst’ (zie art. 57 VWEU): vrij verkeer van diensten.
- Persoon of vennootschap?  Vrij verkeer van personen (non-economisch actieve burgers,
werknemers, vestiging).

, - Kapitaal  zie definitie van kapitaalbewegingen Richtlijn 88/361/EEG: vrij verkeer van
kapitaal.

Is er geen grensoverschrijdend element dan is het nationale recht van toepassing. Alle relevante
aspecten vinden dan plaats in een van dezelfde lidstaat.
Volgens het Hof kan dit leiden tot situaties van omgekeerde discriminatie  een lidstaat mag zijn
eigen onderdanen wel nadeliger/slechter behandelen dan de onderdanen van een andere lidstaat,
omdat het EU-recht niet van toepassing is in puur interne situaties.

Belemmeringen van de fundamentele vrijheden:
1. Protectionistische maatregelen  lidstaten stellen regels vast om hun eigen markt te
beschermen tegen de concurrentie van producten, diensten of personen uit andere
lidstaten. Bijv. als Nederland de invoer van Franse kaas verbiedt.
2. Dispariteiten (verschillen) in de nationale wetten en regels van de lidstaten  we hebben
regels en wetten vaak om de belangen van burgers en consumenten te beschermen. In de 28
lidstaten worden die belangen ook beschermd, maar die regels zijn niet hetzelfde ook al
dienen ze soms hetzelfde doel. Dit kan leiden tot belemmeringen van de fundamentele
vrijheden.
o Hoe lossen we dit dan op?  Harmonisatie: er moet een Europese regel voor in de
plaats komen die die verschillen wegneemt. Harmonisatie vindt meestal plaats door
een Richtlijn, maar soms ook door een verordening.
o De lidstaat moet die Richtlijn omzetten in nationaal recht (art. 288 VWEU). Als die
richtlijn is omgezet, is het nationale recht misschien niet uniform, maar wel
grotendeels gelijk, de grootste verschillen zijn weggehaald.
o De richtlijn gaat voor het verdrag.

Vrij verkeer van goederen I (tarifaire belemmeringen)
Stappenplan casus ‘vrij verkeer’:
- Welk recht is van toepassing: EU-recht of nationaal recht (grensoverschrijdend element)?
- EU-recht? Welk element van EU-recht is dan van toepassing: een richtlijn of het verdrag?

Definitie van het begrip ‘goed’  (Zaak 7/68, Commissie/Italië of C-2/90, Commissie/België):
“Alle op geld waardeerbare zaken die het voorwerp kunnen vormen van handelstransacties”
- Een goed hoeft niet stoffelijk te zijn, ook elektriciteit is een goed (heeft een economische
waarde). Ook zaken die een negatieve waarde hebben, kunnen een goed zijn (afval bijv.).
- Josemans: het enige arrest waarbij het niet ging om goederen: verkoop van softdrugs.
Cannabis is geen goed, want de verkoop is illegaal in alle lidstaten.

Bij goederen uit derde landen moeten aan de buitengrenzen het gemeenschappelijke douanetarief
(GDT) betaald worden. Als het eenmaal in een Europees land is, kan het vrij circuleren. Dus ook
vrijheid van goederen voor goederen die rechtmatig bij een lidstaat zijn gekomen.

Vrij verkeer van goederen (zie voor schema PP):
Harmonisatie?
- Ja  toets aan EU-Richtlijn of verordening
- Nee:
o Tarifaire belemmeringen  financiële lasten of heffingen die op goederen worden
gelegd, hebben altijd met geld te maken:
▪ Art. 30 VWEU: Verbod van in- en uitvoerrechten en heffingen van gelijke
werking  deze komen niet meer voor. Aan de buitengrenzen worden
invoerheffingen geheven (GDT): hetzelfde bedrag geldt ongeacht in welke

, lidstaat de goederen worden ingevoerd. Dit is om verlegging van de handel
tegen te gaan.
Heffing van gelijke werking  een heffing die hetzelfde effect heeft als een
in- of uitvoerrecht. Zie Zaak 24/68, Commissie/Italië.
N.v.t. op:
• Retributies
• Keuringen o.g.v. EU-regelgeving
▪ Art. 110 VWEU: Binnenlandse belastingen
• Verbod van fiscale discriminatie
• Verbod van bescherming v. eigen productie
o Non-tarifaire belemmeringen  belemmeringen die niet met geld te maken hebben,
bijv. fles moet aan bepaalde kleur hebben of afmetingen, etc. (art. 34 t/m 37 VwEU):
▪ Art. 34 VWEU: Verbod van kwantitatieve invoerbeperkingen en alle
maatregelen van gelijke werking (mgw)
▪ Art. 35 VWEU: Verbod van kwantitatieve uitvoerbeperkingen en alle
maatregelen van gelijke werking (mgw)

Definitie van het begrip ‘heffing van gelijke werking’ (Zaak 24/68, Commissie/Italië, r.o. 9):
- “Iedere eenzijdig opgelegde geldelijke last, ongeacht benaming en structuur, die wegens
grensoverschrijding op goederen wordt gelegd en die geen douanerecht in eigenlijke zin is.”
- Kenmerken van een heffing van gelijke werking:
1. Iedere geldelijke last  een bedrag die de importeur of exporteur moet betalen.
2. Die eenzijdig door de overheid wordt opgelegd;
3. Die wegens grensoverschrijding (in- of uitvoer) over goederen wordt geheven  niet
opgelegd aan goederen verkocht binnen de lidstaat zelf, alleen aan de grens.
4. Die geen douanerecht in eigenlijke zin is  het moet een andere naam hebben.
- Deze zijn onder art. 30 VwEU verboden. Dit heeft verstrekkende gevolgen:
o Een heffing is verboden ongeacht de naam die de lidstaat eraan geeft. Zolang het
maar voldoet aan deze vier vereisten is het verboden.
o Ook de hoogte van de heffing is irrelevant, ook hele kleine bedragen zijn een heffing
van gelijke werking.
o De bestemming van de opbrengst van de heffing is ook niet van belang
(Diamantarbeiders-arrest) dit zie je ook in r.o. 7 van het arrest.

Heffingen waarop art. 30 VWEU niet van toepassing is:
1. Retributies (Zaak 133/82, Commissie tegen Luxemburg):
o Geldbedragen die een importeur of exporteur moet betalen wegens een hem
daadwerkelijk verleende dienst;
o Die importeur of exporteur moet vrijwillig om die dienst gevraagd hebben;
o Het bedrag mag niet hoger zijn dan de daadwerkelijke kosten van de dienst.
Bijv. een vrachtwagen op de grens, er is een staking, dus hij kan de grens niet over. De
importeur vraagt of het vlees opgeslagen kan worden, hier moet hij dan een bedrag voor
betalen en dat is lager dan de daadwerkelijke dienst, dus retributie.
2. Heffingen die betaald moeten worden voor keuringen door het EU recht voorgeschreven
(Zaak 46/76, Bauhuis)  bijv. vee of planten moeten worden gekeurd en daarvoor moet de
importeur of exporteur betalen en dit is opgelegd door de EU en dus geen heffing van gelijke
werking. Als de keuring door de lidstaat is opgelegd valt het dus wel onder art. 30 VwEU.

Schending van art. 110 VWEU:
- Art. 110 VWEU heeft betrekking op heffingen die deel uitmaken van een stelsel van
binnenlandse belastingen  bijv. btw, accijnzen, etc. Het gaat om indirecte belastingen.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
3 januari 2018
Aantal pagina's
60
Geschreven in
2017/2018
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$4.77
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 3 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 5 reviews worden weergegeven
7 jaar geleden

7 jaar geleden

8 jaar geleden

8 jaar geleden

8 jaar geleden

3.8

5 beoordelingen

5
0
4
4
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
astridmeijerink Radboud Universiteit Nijmegen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
226
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
136
Documenten
58
Laatst verkocht
2 weken geleden

3.5

49 beoordelingen

5
7
4
20
3
17
2
2
1
3

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen