Staatsrecht H1,2,3,4,5,17
Inleiding (hst 1).
Staatsrecht: beschrijft organisatie van de overheid en de bevoegdheden van de verschillende
overheidsinstanties.
Het staatsrecht laat zien hoe onze democratie werkt
Kiesrecht:
- Eens in de vier jaar wordt volksvertegenwoordiging gekozen.
- Art. 4 GW: iedere Nederlander vanaf 18 jaar heeft kiesrecht: zelf stemmen of gekozen
worden.
- Actief kiesrecht: het recht om zelf je stem uit te brengen of kandidaat.
- Passief kiesrecht: het recht om kandidaat te zijn en gekozen te worden.
- Niet-ingezetenen: melden zich bij ambassade.
- Gevangene: kan kiesrecht worden ontnomen; gebeurt niet vaak.
Democratische verkiezingen:
- Zijn vrij: iedere kiezer mag zelf weten waarop hij stemt (overheid zet niemand onder
druk)
- Zijn geheim; niemand kan zien waarop je stemt (zo wordt druk van buitenaf
voorkomen)
- Zijn algemeen: iedereen mag stemmen, rijk-arm, man-vrouw.
- Zijn tijdelijk: na 4 jaar nieuwe verkiezingen.
- Stemmen bij volmacht: andere kiezer machtigen om voor jou te stemmen.
Politieke partijen:
- Is een vereniging van leden met ongeveer dezelfde ideeën over het bestuur van het
land.
- De rol van de overheid in de samenleving is daarbij het belangrijke thema.
- Liberale partijen zijn voor een smalle overheid: veel zaken in handen geven van
burgers en bedrijven om zo zuinig en efficiënt te werken. Meer vrijheid!!
- Socialistische partijen zijn voor een bredere overheidstaak: overheid moet zorgen voor
publieke diensten om kwaliteit van leven te garanderen en zwakkeren te beschermen.
Meer gelijkheid!!
- Christen democraten nemen een midden positie in.
- Populisme: presenteert zich als buitenstaander en denkt daardoor beter wensen volk te
begrijpen. Drukt zich doorgaans uit in eenvoudige taal.
- Partijen praten niet alleen over hun ideeën, maar willen daar uitvoering aan geven en
doen daarom mee met verkiezingen.
Verkiezingsprogramma: wordt opgesteld als partij mee wil doen aan verkiezingen, de plannen voor
de komende jaren worden bekend gemaakt.
Kandidaten: leden van partij die kamerlid willen worden.
Lijsttrekker: nummer 1 van de lijst, gezicht van de partij.
Campagne: paar weken voor verkiezingen: folders uitdelen, toespraken houden, debatteren op tv
om zoveel mogelijk kiezers te trekken.