Probleem 1
Cognitie en gedragsproblemen
Ponsioen, A. (2005). De waarde van een IQ-score bij kinderen met een licht verstandelijke beperking. Kind & Adolescent Praktijk, 4(2), 51-55
Onderzoek naar IQ bij kinderen 1. IQ is niet het enige kenmerk van een LVB-kind. (Sociale redzaamheid is ook belangrijk.
met een LVB heeft moeilijkheden. 2. IQ is veranderlijk en afhankelijk van ervaring
3. IQ tests hebben bij LVB-kinderen een andere structuur dan bij kinderen zonder LVB (door comorbiditeit)
Literatuuronderzoek van Ponsioen 4. Bij grote verschillen tussen verbaal en performaal IQ is het totaal IQ van weinig betekenis (door disharmonisch profiel)
opgesomd 5. IQ-scores zijn mede afhankelijk van het type en de versie van de gebruikte tests (kan wel 8 punten verschillen)
6. Een aantal subtests van een IQ-test doet een beroep op aangeleerde kennis die LVB-kinderen niet altijd bezitten door naar speciaal
onderwijs gaan.
7. Om cognitieve vaardigheden van LVB-kinderen te beoordelen moet men alternatieven voor het traditionele intelligentieonderzoek
gebruiken.
Ruiter SAJ, Hurks PPM, Timmerman ME. (2017). IQ-score is dringend aan modernisering toe. Naar een nieuwe interpretatie en classificatie van de geschatte intelligentie. Kind
& Adolescent Praktijk. 16(1), 16-23
Definitie intelligentie Wechsler: Cognitieve capaciteit waarmee iemand de wereld om zich heen beter begrijpt en de vindingrijkheid waarmee hij met de uitdagingen in die
wereld omgaat.
Twee soorten informatie:
Kwalitatieve informatie: uit de observatie tijdens testafname
Kwantitatieve informatie: de scores op de afgenomen tests.
- IQ-scores kunnen sterk variëren afhankelijk van de gebruikte IQ-test. Daarom wordt aanbevolen om de score als betrouwbaarheidsinterval weer te geven i.p.v. een
puntschatting. Daarnaast is het belangrijk om de naam van de gebruikte test weer te geven om meetfouten te voorkomen.
- IQ wordt bepaald door meerdere cognitieve subtests welke even zwaar worden gemeten CHC-model bepaald welke cognitieve vaardigheden getest moeten
worden. Dat zijn er te veel. Dus ontwikkeling van (1.) intellectual en developmental scales en (2.) WISC-V cross-battery approach resultaten van verschillende
testbatterijen interpreteren voor een completer beeld.
Koster, I., Stams, GJ. & Kaldenback, Y. (2018) Een iq-test op je slechtste moment: is dat wel slim? Kind & Adolescent Praktijk. 17, 6-13
IQ-test aan het begin van een jeugdzorg plus traject:
+ kan bijdragen aan verklaringen van gedragsproblemen
- momentopname begin van het traject is vaak een kwetsbaar moment door modererende factoren
Negatieve modererende factoren
1. Psychopathologie
2. Traumaklachten
3. Faalangst
4. Middelengebruik
5. Medicatie
6. Onderwijsproblemen
7. Tijdelijk karakter
Crocker, A. G., Prokić, A., Morin, D., & Reyes, A. (2014). Intellectual disability and co-occurring mental health and physical disorders in aggressive behaviour. Journal of
, Intellectual Disability Research, 58(11), 1032-1044
Belangrijke resultaten:
Fysieke agressie
- Hoe lager het IQ hoe meer kans op fysieke agressie
- Mensen met VB en spraakstoornis scoorden hoger op fysieke agressie (mogelijk door frustratie)
Verbale agressie
- Hoe meer + ernstiger de psychiatrische stoornissen hoe hoger de kans op verbale agressie
- Mensen met VB en motorische/dermatologische problemen minder verbale agressie
Eigendomsagressie
- Mensen met ernstige psychiatrische stoornissen vertonen meer eigendomsagressie
Seksuele agressie
- Mensen met een VB en angststoornis vertonen 3,22% meer seksuele agressie
- Mensen met een VB en motorische handicap vertonen 0,22% minder seksuele agressie
Algemeen
Personen met een VB met meer psychische en lichamelijke problemen: hogere kans agressie te vertonen dan personen met een VB met minder en mildere lichamelijke
problemen
Emerson, E., & Einfeld, S. (2010). Emotional and behavioural difficulties in young children with and without developmental delay: a bi-national perspective. Journal of Child
Psychology and Psychiatry, 51(5), 583-593.
Doel Hypothese + resultaten
Onderzoek van de relatie tussen 1. Er zullen grotere percentages emotionele en gedragsproblemen worden waargenomen bij 2-3-jarigen met een
cognitieve ontwikkeling en ontwikkelingsachterstand in vergelijking met leeftijdsgenoten.
psychopathologie bij kinderen - Aangenomen: 2-3-jarigen met een ontwikkelingsachterstand vertonen significant meer emotionele en gedragsproblemen dan
hun leeftijdsgenoten
2. Verhoogde percentages van emotionele en gedragsproblemen bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand zullen consistent zijn
met de onderliggende associatie tussen cognitieve ontwikkeling en psychopathologie.
- Aangenomen: De mate van emotionele en gedragsproblemen kan verklaard worden door de ontwikkelingsachterstand: een
cognitieve achterstand brengt risico’s met zich mee die leiden tot gedragsproblemen. Hoe erger de achterstand, hoe groter de
kans op het ontwikkelen van psychische problemen.
3. Verschillen tussen groepen in emotionele en gedragsproblemen komen overeen met verschillen tussen groepen in SES.
- Deels aangenomen. In het Verenigd Koninkrijk, maar in veel mindere mate in Australië, kunnen hogere percentages emotionele
en gedragsproblemen bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand gedeeltelijk worden toegeschreven aan een groter risico
op blootstelling aan ongunstige SES-omstandigheden.
Plomin, R., Price, T. S., Eley, T. C., Dale, P. S., & Stevenson, J. (2002). Associations between behaviour problems and verbal and nonverbal cognitive abilities and disabilities in
early childhood. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 43(5), 619-633.
Cognitie en gedragsproblemen
Ponsioen, A. (2005). De waarde van een IQ-score bij kinderen met een licht verstandelijke beperking. Kind & Adolescent Praktijk, 4(2), 51-55
Onderzoek naar IQ bij kinderen 1. IQ is niet het enige kenmerk van een LVB-kind. (Sociale redzaamheid is ook belangrijk.
met een LVB heeft moeilijkheden. 2. IQ is veranderlijk en afhankelijk van ervaring
3. IQ tests hebben bij LVB-kinderen een andere structuur dan bij kinderen zonder LVB (door comorbiditeit)
Literatuuronderzoek van Ponsioen 4. Bij grote verschillen tussen verbaal en performaal IQ is het totaal IQ van weinig betekenis (door disharmonisch profiel)
opgesomd 5. IQ-scores zijn mede afhankelijk van het type en de versie van de gebruikte tests (kan wel 8 punten verschillen)
6. Een aantal subtests van een IQ-test doet een beroep op aangeleerde kennis die LVB-kinderen niet altijd bezitten door naar speciaal
onderwijs gaan.
7. Om cognitieve vaardigheden van LVB-kinderen te beoordelen moet men alternatieven voor het traditionele intelligentieonderzoek
gebruiken.
Ruiter SAJ, Hurks PPM, Timmerman ME. (2017). IQ-score is dringend aan modernisering toe. Naar een nieuwe interpretatie en classificatie van de geschatte intelligentie. Kind
& Adolescent Praktijk. 16(1), 16-23
Definitie intelligentie Wechsler: Cognitieve capaciteit waarmee iemand de wereld om zich heen beter begrijpt en de vindingrijkheid waarmee hij met de uitdagingen in die
wereld omgaat.
Twee soorten informatie:
Kwalitatieve informatie: uit de observatie tijdens testafname
Kwantitatieve informatie: de scores op de afgenomen tests.
- IQ-scores kunnen sterk variëren afhankelijk van de gebruikte IQ-test. Daarom wordt aanbevolen om de score als betrouwbaarheidsinterval weer te geven i.p.v. een
puntschatting. Daarnaast is het belangrijk om de naam van de gebruikte test weer te geven om meetfouten te voorkomen.
- IQ wordt bepaald door meerdere cognitieve subtests welke even zwaar worden gemeten CHC-model bepaald welke cognitieve vaardigheden getest moeten
worden. Dat zijn er te veel. Dus ontwikkeling van (1.) intellectual en developmental scales en (2.) WISC-V cross-battery approach resultaten van verschillende
testbatterijen interpreteren voor een completer beeld.
Koster, I., Stams, GJ. & Kaldenback, Y. (2018) Een iq-test op je slechtste moment: is dat wel slim? Kind & Adolescent Praktijk. 17, 6-13
IQ-test aan het begin van een jeugdzorg plus traject:
+ kan bijdragen aan verklaringen van gedragsproblemen
- momentopname begin van het traject is vaak een kwetsbaar moment door modererende factoren
Negatieve modererende factoren
1. Psychopathologie
2. Traumaklachten
3. Faalangst
4. Middelengebruik
5. Medicatie
6. Onderwijsproblemen
7. Tijdelijk karakter
Crocker, A. G., Prokić, A., Morin, D., & Reyes, A. (2014). Intellectual disability and co-occurring mental health and physical disorders in aggressive behaviour. Journal of
, Intellectual Disability Research, 58(11), 1032-1044
Belangrijke resultaten:
Fysieke agressie
- Hoe lager het IQ hoe meer kans op fysieke agressie
- Mensen met VB en spraakstoornis scoorden hoger op fysieke agressie (mogelijk door frustratie)
Verbale agressie
- Hoe meer + ernstiger de psychiatrische stoornissen hoe hoger de kans op verbale agressie
- Mensen met VB en motorische/dermatologische problemen minder verbale agressie
Eigendomsagressie
- Mensen met ernstige psychiatrische stoornissen vertonen meer eigendomsagressie
Seksuele agressie
- Mensen met een VB en angststoornis vertonen 3,22% meer seksuele agressie
- Mensen met een VB en motorische handicap vertonen 0,22% minder seksuele agressie
Algemeen
Personen met een VB met meer psychische en lichamelijke problemen: hogere kans agressie te vertonen dan personen met een VB met minder en mildere lichamelijke
problemen
Emerson, E., & Einfeld, S. (2010). Emotional and behavioural difficulties in young children with and without developmental delay: a bi-national perspective. Journal of Child
Psychology and Psychiatry, 51(5), 583-593.
Doel Hypothese + resultaten
Onderzoek van de relatie tussen 1. Er zullen grotere percentages emotionele en gedragsproblemen worden waargenomen bij 2-3-jarigen met een
cognitieve ontwikkeling en ontwikkelingsachterstand in vergelijking met leeftijdsgenoten.
psychopathologie bij kinderen - Aangenomen: 2-3-jarigen met een ontwikkelingsachterstand vertonen significant meer emotionele en gedragsproblemen dan
hun leeftijdsgenoten
2. Verhoogde percentages van emotionele en gedragsproblemen bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand zullen consistent zijn
met de onderliggende associatie tussen cognitieve ontwikkeling en psychopathologie.
- Aangenomen: De mate van emotionele en gedragsproblemen kan verklaard worden door de ontwikkelingsachterstand: een
cognitieve achterstand brengt risico’s met zich mee die leiden tot gedragsproblemen. Hoe erger de achterstand, hoe groter de
kans op het ontwikkelen van psychische problemen.
3. Verschillen tussen groepen in emotionele en gedragsproblemen komen overeen met verschillen tussen groepen in SES.
- Deels aangenomen. In het Verenigd Koninkrijk, maar in veel mindere mate in Australië, kunnen hogere percentages emotionele
en gedragsproblemen bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand gedeeltelijk worden toegeschreven aan een groter risico
op blootstelling aan ongunstige SES-omstandigheden.
Plomin, R., Price, T. S., Eley, T. C., Dale, P. S., & Stevenson, J. (2002). Associations between behaviour problems and verbal and nonverbal cognitive abilities and disabilities in
early childhood. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 43(5), 619-633.