Paragraaf 5.1 Consumentenmarkten en koopgedrag van consumenten
o H10 Marketingcommunicatie
Paragraaf 10.1 De marketingcommunicatiemix
Paragraaf 10.2 Een perspectief op het communicatieproces
Paragraaf 10.3 De totale communicatiemix vaststellen
Paragraaf 10.4 Online marketing
De essentie
par 5.1. Consumentenmarkten en koopgedrag van consumenten
Consumentenkoopgedrag = het koopgedrag van personen en huishoudens die goederen en diensten
aanschaffen voor eigen gebruik.
Alle consumenten samen vormen de consumentenmarkt.
5.1.1 Customer Journey
Customer Journey = een weergave van wat een klant doet en ervaart tijdens het oriënteren, kopen en
gebruiken van een product of dienst.
→ Inzicht hierin is voor marketeers belangrijk voor de effectieve + efficiënte inzet van de
marketinginstrumenten.
De ‘black box’ van de consument
→ sommige wetenschappers zeggen dat 95% van de gedachtes, emoties ed die ten
grondslag liggen in de black box gebeuren.
Kernvraag: hoe reageren consumenten op de verschillende marketinginstrumenten van het bedrijf en
welke stimuli hebben een optimaal effect op de consument en zijn customer journey?
→ hiervoor wordt uitgegaan van het stimulus-respons model (figuur 5.1)
Marketing Stimuli: de marketinginstrumenten → de 5 P’s
Andere stimuli: belangrijke krachten en gebeurtenissen in de omgeving. (economisch, politiek,
technologisch en cultureel)
De black box bestaat uit twee onderdelen:
1. de kenmerken van de koper, die beïnvloeden hoe hij of zij de stimuli waarneemt en erop
reageert.
2. het besluitvormingsproces
, 5.1.2 Kenmerken die van invloed zijn op consumentengedrag
Factoren die consumentengedrag beïnvloeden figuur 5.2
Culturele factoren
→ hebben een sterke en brede invloed op consumentengedrag.
Cultuur
Cultuur is het fundament waarop de wensen en het gedrag van mensen geënt zijn.
Subcultuur
Elke cultuur kent kleinere subculturen of groepen mensen met een waardenstelsel dat bewust op
gedeelde levenservaringen en situaties.
Subculturen omvatten onder meer nationaliteiten, godsdiensten, etnische groepen en geografische
gebieden. Veel subculturen vormen belangrijke marktsegmenten en marketeers stemmen producten
en marketingprogramma's vaak speciaal op hun behoeften af.
Voorbeeld: taalverschil in de belgische markt.
Sociale klassen
De betrekkelijk permanenten, maatschappelijke categorieën. Waarvan de leden waarden, interesses
en gedrag met elkaar gemeen hebben. Wordt bepaald door meerdere factoren.
Doorgaanse indeling: (5 welvaarstsklassen)
Klasse A de welgestelden
Klasse B1 de bovenlaag van de middengroep
Klasse B2 de onderlaag van de middengroep
Klasse C de minder welgestelden
Klasse D de minst welgestelden.
Sociale factoren
Groepen
Membership groups: groepen waarvan iemand deel uitmaakt en die rechtstreeks invloed uitoefenen.
Staan tegenover referentiegroepen.
Referentiegroepen: groepen die direct of indirect vergelijk materiaal bieden of als referentiekader
dienen bij de vorming van houding en gedrag van een individu. Hierdoor vaak beïnvloed zonder lid te
zijn.