Delreux - neo-institutionalisme
Neo-institutionalisme
Theorie over één aspect van Europese integratie
Reactie op behaviorialisme, wat een reactie was op het oude institutionalisme
Vindt dat instituties er toe doen (zoals het oude institutionalisme ook deed)
o Onderscheid zich van het oude institutionalisme:
Het wil instituties verklaren
Richt zich niet alleen op juridische en formele dimensies
Benadrukt de rol van instituties ook als afzonderlijke attributen in
politieke en bestuurlijke processen
Maakt het mogelijk om instituties zowel als onafhankelijke als als afhankelijke
variabelen te behandelen biedt inzicht in ontstaan, ontwerpen en veranderen
van instituties in formele en informele kenmerken.
Onderscheid in 3 scholen in het neo-institutionalisme
RCI, SI, HI verschillen van mening over hoe instituties ertoe doen. Maar zijn het
eens over dat ze ertoe doen.
Instellingen als Instellingen als
afhankelijke variabele onafhankelijke variabele
(oprichting, inrichting, (vragen over effect van
verandering instituties) instituties op
actorgedrag en
dynamiek bestuur en
politiek)
RCI Institutionele creatie, Formele instutionele
ontwerp en verandering regels zijn van invloed op
volgen van functionele strategieën van actoren
logica om hun voorkeuren te
verwezenlijken
Principaal-agenttheorie: Principaal-agenttheorie:
de principaal delegeert delegatie en controle
autoriteit aan de agent tasten de discretie van
vanwege verwachte de agent ten opzichte
Neo-institutionalisme
Theorie over één aspect van Europese integratie
Reactie op behaviorialisme, wat een reactie was op het oude institutionalisme
Vindt dat instituties er toe doen (zoals het oude institutionalisme ook deed)
o Onderscheid zich van het oude institutionalisme:
Het wil instituties verklaren
Richt zich niet alleen op juridische en formele dimensies
Benadrukt de rol van instituties ook als afzonderlijke attributen in
politieke en bestuurlijke processen
Maakt het mogelijk om instituties zowel als onafhankelijke als als afhankelijke
variabelen te behandelen biedt inzicht in ontstaan, ontwerpen en veranderen
van instituties in formele en informele kenmerken.
Onderscheid in 3 scholen in het neo-institutionalisme
RCI, SI, HI verschillen van mening over hoe instituties ertoe doen. Maar zijn het
eens over dat ze ertoe doen.
Instellingen als Instellingen als
afhankelijke variabele onafhankelijke variabele
(oprichting, inrichting, (vragen over effect van
verandering instituties) instituties op
actorgedrag en
dynamiek bestuur en
politiek)
RCI Institutionele creatie, Formele instutionele
ontwerp en verandering regels zijn van invloed op
volgen van functionele strategieën van actoren
logica om hun voorkeuren te
verwezenlijken
Principaal-agenttheorie: Principaal-agenttheorie:
de principaal delegeert delegatie en controle
autoriteit aan de agent tasten de discretie van
vanwege verwachte de agent ten opzichte