11.2 Diabetes mellitus
Na een maaltijd wordt de opgenomen glucose onder invloed van insuline vanuit het bloed
heel snel in de lichaamscellen opgenomen. Insuline zorgt ervoor dat glucose in
spiercellen en in de lever omgezet kan worden in een voorraadsuiker glycogeen.
Onder invloed van epinefrine (adrenaline) en glucagon kan het glycogeen worden
afgebroken en weer als glucose in de bloedbaan worden gebracht.
Insuline
Glucose Glycogeen
(bloedbaan) (spieren en lever)
Glucagon en adrenaline
Diabetes Mellitus is een stofwisselingsziekte, het lichaam maakt geen tot weinig insuline
aan.
Verschil diabetes mellitus type 1 en diabetes mellitus type 2
DM 1 DM 2
- Geen insuline - onvoldoende insuline
- Niet te genezen - evt. te genezen(overgewicht)
- Therapie: insuline injectie - therapie: voeding orale antidiabetica
- Ontstaat op jonge leeftijd insuline injectie
- Ontstaat meestal na het
40e levensjaar
Begin symptomen van diabetes hyperglykemie: veel plassen (Polyurie) doordat voor
de uitscheiding van glucose via de urine veel vocht nodig is, oftewel veel dorst
(Polydipsie) doordat u een groot vochtverlies heeft. Hierdoor krijgt u dorst en gaat u
veel drinken, vermagering omdat de energie van de glucose niet door het lichaam wordt
benut maar via de urine verloren gaat, vermoeidheid en sufheid doordat er een
energietekort ontstaat, huidinfecties zoals steenpuisten, ontstekingen bv. steeds
terugkerende blaasontstekingen of schimmelinfecties, slecht of wazig zicht doordat er
een hoger vochtgehalte ontstaat in de oogbol, het vrijkomen van ketonen in de adem
en urine ketonen zijn afbraakproducten van de vetstofwisseling en zijn aan te tonen in
de urine of soms te herkennen aan de (aceton)geur van de adem, gewichtsafname
doordat het energietekort erg groot wordt en het lichaam overgaat op andere manieren
van energievoorziening: de verbranding van vetten en eiwitten.
11.2.1 behandeling van diabetes mellitus
Lange termijn complicaties diabetes mellitus:
- Afwijkingen van de grote en middelgrote vaten, zoals arteriosclerose van de
hersenvaten en kransslagaders, waardoor diabetespatiënt een vergroot risico op hart- en
vaataandoeningen lopen.
- Afwijkingen van de kleinste bloedvaten, wat tot wondgenezingsstoornissen,
netvliesafwijkingen of nierfunctiestoornissen kan leiden
- Afwijkingen van de zenuwen met bijvoorbeeld impotentie, gevoelsstoornissen in de
voeten of chronische diarree tot gevolg.
Hypoglykemie
Ontstaan: Door te weinig eten (of te laat), te veel insuline of medicatie (niet op de juiste
tijd), medicatie fout ingenomen (gespoten), te lang of te veel lichamelijke inspanning,
veel alcohol
Klachten: hongergevoel, nervositeit, rusteloosheid, hartkloppingen, trillen, zweten en
bleekheid.
Hyperglykemie:
Ontstaan: Te veel eten, te weinig of geen insuline, stress, ziekte met koorts braken of