H6 aantekeningen
§1
Primair inkomen → beloning productiefactoren
1. Arbeid → loon/salaris €2000,-
2. Kapitaal → rente €300,-
3. Natuur → pacht/huur €200,-
4. Ondernemingsactiviteit → winst €500,-
Primair inkomen = €3000,-
+ Uitkeringen €1000.-
+ Toeslagen €500,-
-Inkomsten belasting €800,-
-Sociale premies €1200,-
-Pensionpremie €400,-
Secundair = besteedbaar inkomen = €2100,-
Verband inkomen en vraag naar een goed →
1. Normale goederen →als inkomen stijgt gaat de vraag stijgen
a. luxegoederen → procentuele stijging van de vraag is groter dan de procentuele
stijging van het inkomen → inkomenselastisch
b. Basis/noodzakelijke goederen → de procentuele stijging van de vraag is kleiner dan
de procentuele stijging van het inkomen → inkomensinelastisch
c. Inkomensonafhankelijke goederen → als inkomen stijgt blijft de vraag hetzelfde →
volkomen inkomensinelastisch
2. Inferieur goed → als inkomen stijgt dan daalt de vraag
Uitg. Uitg.
goed goed
Drempelinkomen
Basisgoed Luxegoed
Uitg. Uitg.
goed goed
Inferieur Inkomens onafhankelijk
Vb.
Q=0,5y-100
Qv= gevraagde hoeveelheid
Y= inkomen
1. Bereken drempelinkomen
0=0,5y-100
100=0,5y
Y=200
, H6 aantekeningen
2. Teken grafiek
Q 500
400
300
200
100
0 100 200 300 400 500 600 700 800 900 1000
Ink
Verschuiving langs en van de inkomensvraagcurve →
- Als inkomen stijgt dan stijgt de vraag → verschuiving langs de vraagcurve
- Bij zelfde inkomen gaat vraag stijgen → verschuiving van de vraaglijn
Oorzaken:
1. Behoefte stijgt (door reclame)
2. Prijs product daalt
3. Aantal inwoners stijgt
4. Prijs substitutiegoed stijgt
5. Prijs complementairgoed daalt
§2
Inkomenselasticiteit van de vraag → gevoeligheid van de gevraagde hoeveelheid voor een
inkomensverandering
Ei = %∆vraag/%∆inkomen
Vb1.
Oude inkomen €200,- vraag 10 stuks
Nieuwe inkomen €300,- vraag 12 stuks
300-200/200 x 100% = 50%
12-10/10 x 100% = 20%
20%/50% = 0,4
0<Ei<1 → inkomensinelastisch
% verandering vraag kleiner dan % verandering inkomen
Vb2.
Qv = 0,2y-100
Bereken Ei bij y=1000
Qv = 0,2 x 1000-100 = 100
Stel y = 2000 Qv= 0,2x2000-100 = 300
2000 - 1000/1000 x 100% = 100%
300 – 100/100 x 100% = 200%
Ei = 200%/100% = 2
Ei groter dan 1 → inkomenselastisch
% verandering vraag groter dan % verandering inkomen
§1
Primair inkomen → beloning productiefactoren
1. Arbeid → loon/salaris €2000,-
2. Kapitaal → rente €300,-
3. Natuur → pacht/huur €200,-
4. Ondernemingsactiviteit → winst €500,-
Primair inkomen = €3000,-
+ Uitkeringen €1000.-
+ Toeslagen €500,-
-Inkomsten belasting €800,-
-Sociale premies €1200,-
-Pensionpremie €400,-
Secundair = besteedbaar inkomen = €2100,-
Verband inkomen en vraag naar een goed →
1. Normale goederen →als inkomen stijgt gaat de vraag stijgen
a. luxegoederen → procentuele stijging van de vraag is groter dan de procentuele
stijging van het inkomen → inkomenselastisch
b. Basis/noodzakelijke goederen → de procentuele stijging van de vraag is kleiner dan
de procentuele stijging van het inkomen → inkomensinelastisch
c. Inkomensonafhankelijke goederen → als inkomen stijgt blijft de vraag hetzelfde →
volkomen inkomensinelastisch
2. Inferieur goed → als inkomen stijgt dan daalt de vraag
Uitg. Uitg.
goed goed
Drempelinkomen
Basisgoed Luxegoed
Uitg. Uitg.
goed goed
Inferieur Inkomens onafhankelijk
Vb.
Q=0,5y-100
Qv= gevraagde hoeveelheid
Y= inkomen
1. Bereken drempelinkomen
0=0,5y-100
100=0,5y
Y=200
, H6 aantekeningen
2. Teken grafiek
Q 500
400
300
200
100
0 100 200 300 400 500 600 700 800 900 1000
Ink
Verschuiving langs en van de inkomensvraagcurve →
- Als inkomen stijgt dan stijgt de vraag → verschuiving langs de vraagcurve
- Bij zelfde inkomen gaat vraag stijgen → verschuiving van de vraaglijn
Oorzaken:
1. Behoefte stijgt (door reclame)
2. Prijs product daalt
3. Aantal inwoners stijgt
4. Prijs substitutiegoed stijgt
5. Prijs complementairgoed daalt
§2
Inkomenselasticiteit van de vraag → gevoeligheid van de gevraagde hoeveelheid voor een
inkomensverandering
Ei = %∆vraag/%∆inkomen
Vb1.
Oude inkomen €200,- vraag 10 stuks
Nieuwe inkomen €300,- vraag 12 stuks
300-200/200 x 100% = 50%
12-10/10 x 100% = 20%
20%/50% = 0,4
0<Ei<1 → inkomensinelastisch
% verandering vraag kleiner dan % verandering inkomen
Vb2.
Qv = 0,2y-100
Bereken Ei bij y=1000
Qv = 0,2 x 1000-100 = 100
Stel y = 2000 Qv= 0,2x2000-100 = 300
2000 - 1000/1000 x 100% = 100%
300 – 100/100 x 100% = 200%
Ei = 200%/100% = 2
Ei groter dan 1 → inkomenselastisch
% verandering vraag groter dan % verandering inkomen